Fokker G.I (G-1)

Klik hier voor een uitvergroting
Fokker G-1 ergens boven Nederland.
De G-1 was bij zijn presentatie op de 15e Parijse Luchtvaartsalon van 1936 een regelrechte sensatie. Het kreeg de Franse bijnaam 'Le Faucheur', de maaier. Het ontwerp is bijzonder door het gebruik van dubbele staartbomen.

De constructie van het toestel was een zogenaamde gemengde constructie. Dat wil zeggen een houten vleugel en rompmiddenstuk, een rompvoorstuk van staalbuis met een rompneus en staartbomen van lichtmetaal. De vleugel en het rompmiddenstuk vormen daarbij 1 geheel.

De draaibare schietkoepel aan het rompachterstuk van de Fokker G-1 jachtkruiser bestaat uit een dural geraamte en is voorzien van doorzichtig plexiglas. De mitrailleurloop wordt in schietstand door een opening naar buiten gestoken, gevormd door naar binnen scharnierende smalle kleppen over de gehele lengte van de koepel aangebracht. In geval van nood kan de gehele koepel worden afgeworpen, teneinde het verlaten van het vliegtuig met een valscherm mogelijk te maken.

De Militaire Luchtvaart beschikte in mei 1940 over twee typen Fokker G-1's. In 1939 waren 36 van deze tweemotorige jagers afgeleverd met Bristol Mercury motoren. Ze kregen de registratienummers 300 t/m 335 en vervingen met ingang van 9 september 1939 de Fokker D-XXI's bij de 3e JaVA (JachtVliegtuig Afdeling) op Soesterberg en werden tevens ingedeeld bij de op 1 september 1939 opgerichte 4e JaVA te Bergen. De 3e JaVA verhuisde op 10 november 1939 naar Waalhaven. Bij Fokker was inmiddels ook nog een serie van 26 toestellen met Pratt & Whitney Wasp motoren in aanbouw, die bestemd was voor Republikeins Spanje, maar deze werden nooit afgeleverd. Om onduidelijke redenen stonden ze bekend als de "Finse G-1's". Ten behoeve van de Jachtgroep Veldleger nam Nederland deze bestelling eind 1939 over en de toestellen kregen de registratienummers 340 t/m 365 toegewezen. Begin 1940 werden er zes onbewapend afgeleverd, de overigen kwamen niet op tijd gereed.

Tijdens de periode september 1939 - mei 1940 kwam de Militaire Luchtvaart meerdere malen in aktie tegen vreemde vliegtuigen (meestal Duitse) die het Nederlandse luchtruim schonden. Bij deze luchtschendingen werden de G-1's verscheidene malen ingezet. Op 10 mei 1940 waren de G-1's als volgt verdeeld: 3e JaVA te Waalhaven, elf gevechtsgereed, de 302, 309, 311, 312, 315, 319, 328, 329, 330, 334, 335, niet gereed 314 en 316.

De 4e JaVA te Bergen, twaalf gevechtsgereed, 301, 304, 305, 308, 310, 318, 321, 322, 325, 331, 332 en 333, niet gereed 300, 313 en 317. Vliegschool Texel, de 307. In reparatie bij Fokker, 303 (gereed), 323 en 327.

Van de toestellen 320, 324 en 326 is de verblijfsplaats niet bekend maar vermoedelijk waren dit depot-vliegtuigen.

De meidagen van 1940

In de meidagen van 1940 werden de volgende acties uitgevoerd met de G-1:

  12 mei:  Aanval op Duitse posities bij de Grebbelinie door de toestellen 302, 322 en 325.
13 mei:  De 318 en 321, komende vanaf luchthaven Bergen, escorteerden vijf D-XXI's en vier C-X's bij een aanval op Duitse posities aan de Grebbeberg. Helaas werden bij deze actie de beide toestellen zwaar beschadigd waardoor ze niet meer ingezet konden worden.
14 mei:  In de vroege ochtend werd er vanaf Schiphol nog met vier G-1's (nummers 308, 322, 342 en 343) deel genomen aan een patrouille met vijf D-XXI's ter bescherming van het Veldleger, dat bezig was terug te trekken van de Grebbelinie naar de Waterlinie.


Nadat de operaties van de Fokker G-1 waren beëindigd werden de toestellen die nog over waren, voor zover mogelijk, door eigen personeel vernield. Toch viel er een aantal vrijwel onbeschadigde G-1's met Mereury motoren in Duitse handen. Van de Wasp uitvoering werden er ruim 15 in opdracht van de Duitsers afgebouwd; ze werden gebruikt voor de opleiding van jachtvliegers te Wiener Neustadt.

Kenmerken

Soort:  jachtkruiser
Fabriek:  Fokker (Nederland)
Bemanning:  vlieger, radiotelegrafist en schutter
In dienst bij LvA:  1939 - 1940
Motor:  2 Bristol Mercury VIII motoren
elk 830 pk bij 2.750 omwentelingen per minuut op 4.100 meter hoogte.
Bewapening:  8 mitrailleurs in de neus en 1 beweegbare in een draaibare koepel in het rompachterstuk.
kaliber: 7.9 mm. elk voorzien van een band met 500 patronen.
Afmetingen:  lengte:  10.87 m.
  breedte:  17.16 m.
  hoogte:  3.8 m.
  vleugeloppervlak:  38.30 m2.
Gewicht:  leeg:  3.325 kg.
  maximaal:  4.800 kg.
Max. snelheid:  475 km. per uur op 4.100 m. hoogte
Stijgsnelheid op 0 m. hoogte:  13.5 m. per seconde
Actieradius:  1.510 km.
Plafond:  10.000 m.
Aantal beschikbaar in mei 1940:  22/24 stuks (gevechtsklaar)

Beeldmateriaal

Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
Klik hier voor een uitvergroting
   
Download brondocument in PDF-formaat Brondocument 1
(PDF, 3.83 MB)
Download brondocument in PDF-formaat Brondocument 2
(PDF, 1.32 MB)