Discussiegroep

Onderwerp: GESNEUVELDE E.J. VAN DIJK IS NERGENS TERUG TE VINDEN...

Totaal berichten: 169
545 keer gelezen
21 reacties
Categorie: Slag om de Grebbeberg en Betuwestelling / Bijzondere gebeurtenissen en excessen
Geachte redactie Grebbeberg,

Op pagina 119 van "Doodenwacht bij onze gevallenen", G.H.Hoek wordt het volgende verhaald, hetgeen plaatsvond op woensdag 15 mei 1940:

"Verschrikkelijk was het", zoo vertelde een van de mannen "dien eersten dag". Bij het opgeblazen viaduct vonden wij de eerste doode, ik weet nog den naam: E.J. van Dijk, die blijkbaar bij het dekken van den terugtocht in een der huizen is gesneuveld. Bij de fabriek "De Stoomhamer" lagen veel gesneuvelde Duitschers en ook Nederlanders, maar erger was het bij "Rust Wat". Hier lag het bezaaid met Hollandsche soldaten, die blijkbaar bij den terugtocht door EIGEN VUUR zijn gevallen, tenminste aan de wijze, waarop wij ze vonden.
Ook bij de Ouwehand zagen we direct verschillende Hollanders bij een kapot geschoten stuk 6 veld, maar ook Duitschers. Op de berg zelf zijn niet de meeste dooden gevallen, maar bij Achterberg en in de Nude, beneden aan den berg".

De Overlijdensregisters van Rhenen en het register van het Ereveld vermelden geen overleden persoon E.J. van Dijk, welke op basis van een ooggetuigenverslag IN EEN DER HUIZEN werd aangetroffen OP 15 MEI 1940..

Derhalve wel de 33-jarige landbouwerszoon J.H. (Jelis Hermanus) van Dijk, welke blijkens opgave van rapport Sellies / Verhoeven

Op 16 mei 1940 gevonden werd VOOR HET HOEKHUIS aan de westzijde van het viaduct.

en nadien werd te aarde besteld onder grafnummer 2.55.

Dus derhalve niet zoals de gezochte E.J. van Dijk welke op 15 mei 1940 werd aangetroffen in één der huizen bij het opgeblazen viaduct.

Aangaande J.H. van Dijk is verder nog het volgende aan te merken. Deze persoon werd tot twee maal toe als overledene in de akteplaats Rhenen geregistreerd als zijnde overleden persoon.


Jelis Hermanus van Dijk zoon van Harmen van Dijk en Jacoba Hendrika van Hierden overleden op 13 mei 1940 – 33 jaar oud – werd twee keer geregistreerd bij de burgerlijke stand te Rhenen.

Registatiedatum 30 juli 1940 – Akteplaats Rhenen – registatiedatum 656-08 – aktenummer 121

Registratiedatum 16 augustus 1940 – Akteplaats Rhenen – registratiedatum 9727-aktenummer 281. Opmerking overleden in andere gemeente.

Kan de redactie eventueel met haar beschikbare bronnen een oplossing duiden aangaande de bovenstaande probleemstelling ?

Hopend op plaatsing van dit discussiepunt, verblijf ik,

Vriendelijk groetend,

Jack Huntjens.
» Dit bericht is geplaatst op 7 oktober 2016 22:44
(redactie)
Totaal berichten: 2.197
De gesneuvelde E.J van Dijk is inderdaad nergens terug te vinden, ook niet in het boek van Hoek zelf. Ik neem aan dat er helemaal geen gesneuvelde E.J van Dijk is geweest. De man die in het bovenvermelde stukje met deze naam komt zal zich waarschijnlijk hebben vergist. Ging het niet gewoon om de ook genoemde J.H van Dijk? Hij werd volgens onze bron gevonden in het 2e huis naast het Viaduct. Verdere informatie hebben we helaas niet.
» Deze reactie is geplaatst op 8 oktober 2016 18:14
Totaal berichten: 169
Geachte heer Hajo Groenman,

Bij deze een rectificatie in hetgeen u meldt in uw reactie.
Terdege wel staat de door mij aangehaalde passage met E.J. van Dijk op pagina 119 in het boek "Doodenwacht bij onze gevallenen" van G.H. Hoek.
Het exemplaar wat mij ter beschikking staat is de 2e druk en werd uitgegeven in samenwerking met de Koninklijke Nederlandse Vereniging "Ons Leger" door N.V. Gebroeders Zomer & Keuning's Uitgeversmaatschappij te Wageningen.

Met uw korte vermelding dat hem om een waarschijnlijke vergissing gaat doet u danig afbreuk aan de secundaire bron welke in mei 1941 toch als zijnde het Nationale Gedenkboek ten lande als zijnde de 1e druk werd gepubliceerd.

Om u en andere geïntresseerde lezers enigszins op de hoogte te stellen aangaande het Nationale Gedenkboek dat door G.H. van Hoek werd geschreven, bij deze enige informatie
uit de toenmalige dagbladen. Ik citeer:

[Bron: De Tijd, 29 maart 1941]
„Doodenwacht bij onze gevallenen"
Onder auspiciën van de vereeniging „Ons Leger" wordt door Zomer en Keuning's Uitgeversmaatschappi 1 te Wageningen voorbereid de uitgave van 'n nationaal gedachtenisboek „Doodenwacht bij onze gevallenen."
Schrijver is de vooral als radio-reporter bekend geworden journalist G H. Hoek, die in dit werk vermeldt hoe onze mannen op de verschillende strijdtooneelen vochten en vielen en die ook een sterken indruk geeft van de wijze, waarop aan de dooden de laatste eer is bewezen. De schrijver heeft zich de medewerking verzekerd van den oud-hoofdaalmoezenier van leger en vloot, pastoor J. J. Noordman, en van den oud-veldprediker in algemeenen dienst dr. W. G. Harrenstein, die gezamenlijk een herdenkingsboofdstuk schreven, terwijl dr P. Prins, die in de ziekenhuizen te Dordrecht de doodelijk gewonden bijstond, zijn indrukken weergaf. Het boek zal worden ingeleid door generaal-majoor K. E. Oudendijk, voorzitter van de vereeniging „Ons Leger". In de uitgave wordt opgenomen een lijst van allen, die in den strijd te land en ter zee zijn omgekomen. Een deel van de opbrengst van het boek zal worden gereserveerd als bijdrage in de kosten van het nationaal monument, dat na den oorlog ter herdenking van de gevallenen zal worden opgericht.


[Bron: Soerabaijasch handelsblad, 23 april 1941]
Nationaal gedenkboek
Londen, 21 April (A.N.P.-Aneta). De vereeniging „Ons Leger" zal een nationaal gedenkboek publiceeren, getiteld ~De doodenwacht bij onze gevallenen". Hierin zal een lijst voorkomen van allen die op het land en ter zee zijn omgekomen.


[Bron: De Standaard, 30 april 1941]
Volgende week verschijnt: DOODENWACHT bij onze GEVALLENEN door G. H. HOEK
9 Hoofdstukken, waaraan o.a. medewerkten: Gen. Maj. K. E. Oudendijk, Ds Dr P. Prins, Pastoor J. J. Noordman, Ds Dr W. G. Harrenstein e.a.
LIJST DER GEVALLENEN naar off. gegevens samengesteld.
Gebonden in linnen stempelband ƒ 8.25. De belangstelling is groot, zoodat de oplage spoedig zal uitverkocht zijn. Zend onderstaanden bon in, opdat wij een exemplaar reeds voor U kunnen reserveeren.
Boekh. “Altec “ (G. J. BOOM) — Tel. 9655, Naarderstr. 61. Hilversum
BON Gelieve direct bij verschijnen te zenden: exempl. " Doodenwacht bij onze gevallenen.
Betaling: onder rembours — Storting op giro 8536


[Bron: Nieuwe Leidsche Courant, 26 mei 1945]
Zomer & Keuring WAGENINGEN 1940
Door oorlogsgeweld vernietigd 1944 Door oorlogsgeweld vernietigd
MAAR IN 1945 WEER PRESENT IN VRIJ NEDERLAND! met alle vurig verbeide tijdschriften, door den vijand verboden, straks weer beter dan ooit.
MOEDER „Het vakblad voor moeders"
OMROEP GIDS „Officieel orgaan van de N.C.R.V."
OP DEN UITKIJK „Neêrlands mooiste maandblad"
DE SPIEGEL „Christelijk Nationaal Weekblad".
Ons gebouw werd opnieuw volkomen verwoest, maar alle manuscripten voor de zeer belangwekkende boekuitgaven, die wij in voorbereiding hebben, zijn behouden.
Spoedig verschijnt: DOODENWACHT BIJ ONZE GEVALLENEN Het boek der Nationale Gedachtenis. Uitgegeven in samenwerking met de KONINKLIJKE VEREENIGING „ONS LEGER".
De Gestapo greep bij de eerste aankondiging van dit werk in, maar een duplicaat van het manuscript werd gered en thans versehijnt het boek aangevuld met nieuwe, te voren onbekende, gegevens. Teekent nu reeds in bij den boekhandelaar.
DRINGEND VERZOEK. Oude en nieuwe abonné's op onze tijdschriften verzoeken wij ons onmiddellijk hun juiste adres te willen opgeven, opdat zy direct de eerste historische nummers kunnen ontvangen.
U vermelde: 1. Naam van het tijdschrift
2. (Wie reeds abonné was) oude adres van 1941
3. Volledige nieuwe adres. U adresseere naar het oude, vertrouwde, adres:
N.V. GEBR. ZOMER & KEUNING'S UITGEVERSMAATSCHAPPIJ — WAGENINGEN.


Dit u te hebben medegedeeld, hoe verklaart de redactie van Stichting De Greb dat Jelis Hermanus van Dijk zoon van Harmen van Dijk en Jacoba Hendrika van Hierden overleden op 13 mei 1940 – 33 jaar oud – tot twee keer toe in een tijdspanne van twee weken tijd officieel werd geregistreerd als zijnde overleden bij de burgerlijke stand te Rhenen.

Registatiedatum 30 juli 1940 – Akteplaats Rhenen – registatiedatum 656-08 – aktenummer 121

Registratiedatum 16 augustus 1940 – Akteplaats Rhenen – registratiedatum 9727-aktenummer 281. Opmerking overleden in andere gemeente.

Hopend op plaatsing van mijn beargumenteerde antwoorden, verblijf ik,

Vriendelijk groetend,

Jack Huntjens

(Wordt vervolgd)
» Deze reactie is geplaatst op 9 oktober 2016 12:46
(redactie)
Totaal berichten: 846
Jack, de naam E.J. van Dijk is mij indertijd ook opgevallen. Die komt inderdaad niet voor in de slachtofferlijst mei 1940. Ik ben echter in zoveel publicaties (ook in de zgn. Groene Serie!) verkeerd gespelde (achter)namen tegengekomen dat ik daar niet echt van heb opgekeken. Hajo's insteek lijkt me daarom bijzonder plausibel. Temeer daar de vindplaats min of meer gelijk is. Bedenk dat er op die 15e/16e mei nog aardig met lichamen is gesleept, voordat er maar enige aantekening werd gemaakt over vindplaats etc. Daarbij werd die informatie volgens mij pas later gereconstrueerd of tenminste (ook) mondeling overgeleverd aan de artsen op de Greb. In andere woorden: het was geen sluitende boekhouding. Het klinkt op het eerste gezicht apart dat 1 persoon 2-maal geregistreerd is als gesneuveld. Ik weet echter dat deze registratie bij veel mensen onduidelijk was. Moest men de gesneuvelde melden bij de gemeente waar deze woonachtig was? Of waar hij overleden was? Tegelijk kregen nabestaanden geen pensioen of uitkering zolang de gesneuvelde niet officieel was geregistreerd. Mogelijk zijn hier tegelijk meerdere wegen bewandeld met hetzelfde uiteindelijke doel. Of was er wellicht een administratieve fout bij de gemeente? De Gemeente Rhenen kreeg in die periode honderden overlijdensregistraties te verwerken, een foutje sluipt er dan zo in. We kunnen de vraag dus ook omdraaien: zijn er meer van deze dubbele registraties bekend?
» Deze reactie is geplaatst op 9 oktober 2016 13:17
(redactie)
Totaal berichten: 2.197
Ik heb alleen maar willen zeggen dat E.J van Dijk niet voorkomt in de slachtofferlijst, die in het boek van Hoek te vinden is. Dat hij ergens anders in dat boek wel wordt genoemd is wat anders. Bovendien: wat kan het anders zijn dan een vergissing als E.J van Dijk nergens als gesneuvelde is vermeld? En vergissingen zijn a priori uitgesloten als het gaat om een Nationaal Herdenkingsboek?? Dat zou ik niet voor mijn rekening durven nemen.En nee, de Stichting de Greb en ikzelf hebben geen verklaring voor het feit dat J.H van Dijk tweemaal is geregistreerd bij de Gemeente Rhenen. Daarentegen ben ik prima op de hoogte van het boek Dodenwacht. Ik heb het al zeker een kleine 50 jaar in huis en gebruik het nog zeer geregeld.
» Deze reactie is geplaatst op 9 oktober 2016 13:37
Totaal berichten: 169
Beste Hajo en Rutger,

Dank voor de integere antwoorden.
Blijkens de eerdere reactie van Hajo, zou volgens opgave van zijn bron ("onze" bron)Jelis Hermanus van Dijk gevonden zijn het 2e huis naast het Viaduct.
Enkele vragen hieromtrent:

1. Het 2e huis naast het viaduct zou dan tekstueel gezien niet een hoekhuis kunnen zijn. Voor de goede orde Jelis Hermanus van Dijk werd blijkens opgave lijst Sellies/Verhoeven op 16 mei 1940 gevonden VOOR HET HOEKHUIS aan de westzijde van het viaduct. Delen jullie deze mening ?

2. Heb ik het juist dat het spoorwegviaduct geheel is worden vernield en dat het zeer moeilijk was om van de westzijde van het spoor naar de oostzijde te komen ? Werd autovervoer hierdoor onmogelijk gemaakt ?

3. Volgens jullie bron zijn er nog meerdere personen gevonden VOOR HET HOEKHUIS aan de westzijde van het viaduct ?

4. Heb ik het juist dat de overleden personen die op dezelfde dag werden gevonden op dezelfde dag werden begraven ?

5. Heb ik het juist om te stellen dat nadat de overledenen zijn worden aangevoerd dat men deze vervolgens nog uitgebreid heeft geïdentificeerd om ze vervolgens dezelfde dag te begraven ?

6. Gaarne nog het volgende. Blijkens opgave zouden op
Donderdag 16 mei 1940 in totaal 125 lijken (Graf 1 – 62 lijken
Graf 2 – 63 lijken)zijn worden begraven en op vrijdag, de volgende dag, vrijdag 17 mei 1940 in totaal 115 lijken (Graf 3 – 55 lijken
Graf 4 – 60 lijken).
Inzake het aanvoeren van de lijken, het manueel graven van de massagraven in een bosgebied en het identificeren van de lijken stel ik me toch danig de vraag met hoeveel personeel en in hoeveel uren tijd men dit voor elkaar heeft gekregen. Heeft de redactie hieromtrent een plausibele verklaring ?

Hopend op plaatsing van de vragen en tot verkrijgen van enige antwoorden, verblijf ik,

Vriendelijk groetend,
Jack Huntjens.
» Deze reactie is geplaatst op 9 oktober 2016 16:03
(redactie)
Totaal berichten: 846
1.
Vooropgesteld dat hier bedoeld wordt de woning aan de noordkant van de Heerenstraat: feitelijk is dit een twee-onder-een-kapwoning genaamd "De Vrijheid". Zie https://www.google.nl/maps/@51.9574199,5.5772349,3a,75y,327.07h,84.57t/data=!3m6!1e1!3m4!1s87FTvuzGQpjlexiFel1IeA!2e0!7i13312!8i6656?hl=en

Zie ook deze foto die gemaakt is bij de oprit van de linker woning, gezien vanaf de straat: http://www.grebbeberg.nl/index.php?page=photo&pid=1445

Beide aanduidingen zijn dus juist. Tenzij... de woning aan de zuidkant van de Heerenstraat wordt bedoeld, maar dat lijkt me gezien de ligging minder waarschijnlijk. Hier heb ik ook geen verdere informatie over. Zie luchtfoto van kort voor de oorlog: http://www.grebbeberg.nl/index.php?page=photo&pid=3767

2.
Autovervoer verliep na het opblazen van het viaduct/capitulatie via (vanuit Rhenen stad bezien) de Stationsweg, de Parallelweg, over het spoor, vervolgens de Zwarteweg omhoog en rechtsaf richting Grebbeberg/Wageningen (en andersom ;-). Auto's konden zich dus vrij bewegen van oost naar west en andersom.

3.
Mij niet bekend.

4.
Correct. Althans, volgens de brief van Sellies/Violet van 12 augustus 1940. Daarin beschrijft hij de dagelijkse werkwijze:

"Vanaf de Eerste dag der begravingen 16 Mei 1940 werd er volgens een vast patroon gewerkt. Alle op de begraafplek aangedragen gesneuvelden werden door de registratiegroep onder mijn leiding voorzien van een grote enveloppe van het Rode Kruis, met daarop de gegevens van de plaats waar de gesneuvelden zijn gevonden en onder welke omstandigheden ze zijn gevonden. Vervolgens werden de gesneuvelden neergelegd met de enveloppe vast gemaakt met een touwtje aan de kleding en in de rij gelegd waar de identificatie plaats vond. Daar werden de gegevens aangevuld zo mogelijk met de naam en onderdeel enz. op de enveloppe. De gevonden bezittingen werden in de enveloppe gestopt. Vervolgens werden de gesneuvelden naar de rij verplaatst om in een van de twee lange verzamelgraven te worden gelegd. Daar werd het nummer van het verzamelgraf en het plaatsnummer op de enveloppe gezet. Op het einde van de dag werden de twee verzamelgraven gesloten en werden de enveloppen vervangen door paaltjes met dwarsplankjes met daarop het nummer boven de hoofdzijde van de plaats waar de gesneuvelde was begraven. De enveloppen werden bij mij ingeleverd en de gegevens die erop stonden heb ik op lijsten gezet per verzamelgraf, dit zijn de huidige graflijsten van de begravingen. De enveloppen met de bezittingen van de gesneuvelden zijn overgedragen aan het Rode Kruis in Den Haag op 30 Juli 1940. Op de graflijsten komen 40 grafplaatsen van onbekende Nederlandse militairen voor. Het onderzoek naar deze onbekenden heeft op dit moment nog geen nieuwe gegevens opgeleverd. Het onderzoek wordt voortgezet."

Zie: http://www.grebbeberg.nl/index.php?page=inleiding-2


5.
Uitgebreid lijkt me wat overdreven. Gemiddeld zo'n 120 gesneuvelden per dag. Met een beperkt aantal artsen (zeg 4) kom je dan met 8 uren op een dag aan nog geen 16 minuten per gesneuvelde, zonder pauzes. Beetje kille cijfers, maar het geeft wel aan dat de besteedbare tijd beperkt was. Naar mijn weten werden er ook geen foto's gemaakt van de gesneuvelden. Dat gegeven ben ik in ieder geval nergens tegengekomen. Wel zie je her en der op de foto's een fotograaf lopen, maar die zijn m.i. van de pers.


6.
Dit is een lastige vraag. Als ik af moet gaan om alle mails die we in de jaren hebben ontvangen over mensen die lichamen hebben gezocht op de Greb, dan moet het daar enorm druk zijn geweest. Die indruk heb ik echter niet. Ik zeg daarbij dat ik vooral af ga op de foto's die in die dagen zijn gemaakt. Voor het zoeken van de lichamen werden burgers ingezet, i.s.m. leden van het Rode Kruis. Voor de identificatie zal een beperkt aantal artsen betrokken zijn geweest, i.s.m. leden van het leger (zoals Sellies en Violet en enkele geestelijken). Als je de foto's bekijkt, dan krijg je niet de indruk dat er veel mensen betrokken waren bij de identificatie van de slachtoffers. Ook de verhalen zoals in het boek Doodenwacht geven niet een beeld van massale aanwezigheid.
» Deze reactie is geplaatst op 9 oktober 2016 17:28
Totaal berichten: 169
KAPITEIN GELDERMAN DOODDE WACHTMEESTER JAN ROELOFSEN MET EEN PISTOOLSCHOT.

Geachte Rutger / Hajo,

In additie op de eerdere berichten en antwoorden het volgende:
Naast Jelis Hermanus van Dijk, werd blijkens de lijst Sellies/Verhoeven op dinsdag 16 mei 1940 voor het hoekhuis aan de westzijde van het viaduct eveneens het ontzielde lichaam van de wachtmeester van 3de Divisie Koninklijke Marechaussee (kapitein) Jan Roelofsen gevonden welke na de 2e Wereldoorlog volgens het Koninklijk Besluit d.d. 6 mei 1947 een onderscheiding kreeg toegekend wegens het volgende:

"Heeft zich in verband met vijandelijke actie door moedig en beleidvol optreden onderscheiden en daarmede het belang van het Koninkrijk gediend, door op 12 Mei 1940, op den Grebbeberg, deel uitmakende van een kleine afdeeling Marechaussee, middels krachtdadig optreden terugvloeiende troepen over geruimen afstand weder in de richting van den vijand te leiden. In den nacht van 12 op 13 Mei wederom energiek opgetreden tegen terugtrekkende troepen; bij dit optreden door vuur van een eigen onderdeel gesneuveld."

Zoals je zelve zullen weten, werd in opdracht van Kapitein van de Koninklijke Marechaussee G.J.W. Gelderman van de westzijde van het viaduct vanachter een opgestelde versperring van Friese ruiters op de terugvloeiende Nederlandse troepen moedwillig geschoten.
Bij die terugvloeiende troepen (plusminus 100 man) bevonden zich ook enkele wachtmeesters van de marechaussee, waaronder de eerdergenoemde wachtmeester Jan Roelofsen, de 27-jarige wachtmeester T Oordt en de 30-jarige wachtmeester J. Wiering.

Echter blijkens het relaas van wachtmeester J. Wiering [in het artikel “Soldaten die niet wilden zouden worden gedwongen”] welke op de site van Stichting De Greb kan worden teruggevonden, vermeldt deze dat wachtmeester Jan Roelofsen BIJ HET TERUGTREKKEN OVER HET VIADUCT NAAR DE WESTZIJDE DOOR EEN PISTOOLSCHOT OM HET LEVEN is gekomen.

Citaat artikel “Soldaten die niet wilden zouden worden gedwongen”:
[ De ene helft van zijn detachement had Gelderman voor het viaduct geplaatst. Deze hadden de taak om de vluchtenden met woorden te inspireren naar het front terug te gaan. Nu dat niet lukte zag Gelderman zich gedwongen de menigte onder druk te zetten. Aan de andere zijde van het viaduct had hij een zware mitrailleur opgesteld. Daarmee liet hij salvo's over de hoofden lossen (volgens dr. De Jong zouden daarbij vele slachtoffers zijn gevallen). Gelderman wilde voorkomen dat deze panische horde verderop de rest van het legerkorps zou verontrusten. Hij zette ze zo letterlijk tussen twee vuren.
Dat beseften ook de marechaussees, die tussen de menigte in liepen. Wiering: "Wij wilden er ook graag weg, want als de Duitsers inderdaad hierheen kwamen zaten we in de tang. We konden vanuit die positie niets uitrichten. Aan de overkant wel, daar waren loopgraven langs de hellingen. We vroegen Gelderman of we er door mochten, maar dat kon niet. Niemand mocht erdoor.Op zeker moment - ik zal het nooit vergeten - riepen die soldaten het wachtwoord naar de overkant: "mijngas". Als je namelijk langs een wachtpost wilde moest je dat zeggen. De hele groep, honderden mannen, nam het over. Het werd een groot koor dat scandeerde: "mijn-gas, mijn-gas, mijn-gas, laat ons erdoor".
PISTOOLSCHOT
Roelofs (redactie: bedoeld Jan Roelofsen), onze oudste wachtmeester, zei toen tegen mij: "We proberen erdoor te komen. Als we hier blijven zijn we verloren". Tot driemaal toe probeerden we in het donker gebukt langs de balustrade over het viaduct te komen.
Maar net als we midden op waren ratelde die mitrailleur. Roelofs wilde het nog een keer proberen. We zouden een aanloop nemen en over de versperring springen. Roelofs ging voorop, ik er vlak achter. Op drie meter voor de versperring viel hij; "Ik ben gewond", zei hij nog. Ik nam drie, vier grote sprongen en dook over de versperring, bovenop een mitrailleur. Ik ging meteen naar Gelderman. Ik zei: "Kapitein, Roelofs is gewond en ligt op het viaduct. Toen liet hij meteen die Friese ruiters weghalen en iedereen kon erdoor. We hebben Roelofs een huis binnengedragen. Toen we zijn jas openmaakten zat er een klein gaatje in zijn borst. Ik vraag me nu nog af waardoor hij is getroffen. Dat was geen mitrailleurkogel, dat was een pistoolschot. Ik zal er nooit achterkomen wie daar nog meer heeft staan schieten. Roelofs was toen al dood".]

Hetgeen uit het bovenstaande evident naar voren komt is het volgende :

1. Dat wachtmeester Jan Roelofsen over het spoorwegviaduct wilde terugtrekken naar de westzijde;
2. Dat wachtmeester Jan Roelofsen niet door een mitrailleurkogel in zijn borst is getroffen, maar door een pistoolschot;
3. Dat wachtmeester Jan Roelofsen dodelijk gewond op het viaduct lag

Dit staat wederom in een paradoxaal verband met het Koninklijk Besluit van d.d. 6 mei 1947
Namelijk dat wachtmeester Jan Roelofsen door energiek opgetreden tegen terugtrekkende troepen; bij dit optreden door vuur van een eigen onderdeel is gesneuveld.
Eveneens staat dit in paradoxaal verband met het antwoord welke op 19 september 2002 op het discussieforum werd gegeven door luitenant-kolonel buiten dienst E.H. Brongers :

Ik citeer:

Wachtmeester Jan Roelofsen werd geboren op 29.8.1903 te Oosterbeek (Gld). Onderdeel: 3e Divisie Koninklijke Marechaussee/Brigade Aalten, in mei'40 behorend tot het Detachement Kon.Mar. van de Staf 2e Legerkorps. Gesneuveld bij het spoorwegviaduct te Rhenen, voor het hoekhuis, toen hij trachtte terugvloeiende troepen tegen te houden. Werd in de linker long getroffen, mogelijk door eigen vuur. Op 16 mei gevonden en op dezelfde dag begraven op het Militair Ereveld op de Grebbeberg. Rust in Rij 2, Graf 54.

Dit als zijnde de antwoord op de gestelde vraag van toenmalig Opperwachtmeester Kees Lit van de
Brigade Koninklijke Marechaussee Arnhem d.d. 15 augustus 2002.
Ik citeer:

Wie kent hem in het licht van de gebeurtenissen op 12 en 13 mei 1940? Wie kan mij iets meer over hem vertellen? Wie kan mij de plaats aanwijzen waar hij is gesneuveld?
En nog veel meer vragen...
Opperwachtmeester Kees Lit
Brigade Koninklijke Marechaussee Arnhem

Dit alles in ogenschouw nemende kom ik zelve op basis van mijn onderzoeken tot de stellige conclusie dat wachtmeester Jan Roelofsen door een pistoolschot, welke afkwam van de westzijde van het viaduct, op het viaduct zelve in zijn linkerlong dodelijk werd verwond en vervolgens na aandringen van wachtmeester J. Wiering bij 1ste luitenant van de Koninklijke Marechaussee G.J.W. Gelderman van het viaduct zelve naar het hoekhuis aan de westzijde van het viaduct is worden gebracht. Alwaar men BINNEN IN HET HOEKHUIS AAN DE WESTZIJDE VAN HET VIADUCT zijn dood consulteerde.

Blijkens opgave van luitenant-kolonel buiten dienst E.H. Brongers en lijst Sellies/ Verhoeven zou het ontzielde lijk van wachtmeester Jan Roelofsen op donderdag 16 mei 1940 wederom worden gevonden. Namelijk nu VOOR HET HOEKHUIS.
Dezelfde dag nog werd het lijk van wachtmeester Jan Roelofsen begraven in het massagraf rij 2, in welke voor 99,9 % bestond uit lijken welke afkomstig waren uit de directe periferie rondom het Grebbekerkhof . Wachtmeester Jan Roelofsen ligt onder nummer 2.54 bergraven naast J.H. van Dijk.
Beide lijken kwamen van elders, buiten de periferie en dienden via veel omwegen (Stationsweg/ Zwarte weg), dus van enige verre afstand naar het Grebbekerkhof verplaatst te worden.

2-50 Coenen, T.A. dependance en stallen van het Hotel De Grebbe.
2-51 Broekman, J.M. dependance en stallen van het Hotel De Grebbe
2-52 Janssen, A. dependance en stallen van het Hotel De Grebbe.
2-53 Veldhuizen, A. aan het bospad naar de Bataljonscommandopost van II-8 R.I
2-54 JAN ROELOFSEN WESTZIJDE VIADUCT
2-55 JELIS HERMANUS VAN DIJK WESTZIJDE VIADUCT
2-56 Verstege, H. dependance en stallen van het Hotel De Grebbe
2-57 Dalen, van, G dependance en stallen van het Hotel De Grebbe.
2-58 Ingen, van, L. dependance en stallen van het Hotel De Grebbe
2-59 Goor, J. dependance en stallen van het Hotel De Grebbe
2-60 Nijhuis, D.E. dependance en stallen van het Hotel De Grebbe

Blijkens de moeite die men zich troostte om een ver afgelegen lijk zoals Wachtmeester Jan Roelofsen te willen begraven , lijkt het in mijn opinie wel dat hierbij enige voorrang en urgentie tot begraven van wachtmeester Jan Roelofsen hierbij is geweest. Kennelijk ook bij het lijk van soldaat 3-I 46 Inf. Jelis Hermanus van Dijk, dat net als wachtmeester Jan Roelofsen, volgens opgave lijst Sellies/Verhoeven voor het hoekhuis aan de westzijde van het viaduct werd gevonden.
Urgentie en voorrang vooral indien men hierbij bedenkt dat alle andere lijken aan de westzijde van het viaduct pas volgens de lijst Sellies/Verhoeven vanaf zaterdag 18 mei 1940 zouden worden geborgen c.q. begraven.


5.22 Tiebosch, M.J. 18-05-1940 Dienstplichtig Soldaat2-I-46 R.I.
5.23 Eekelen, A.J.C. van 18-05-1940 Dienstplichtig Soldaat2-I-46 R.I.
5.26 Smits, H.E. 18-05-1940 Dienstplichtig Soldaat2-I-46 R.I.
6.12 Gorel, J. 18-05-1940 Dienstplichtig Soldaat2-I-46 R.I.
6.13 Meernik, G. 18-05-1940 Dienstplichtig Soldaat2-I-46 R.I
6.14 Wal, R. van der 18-05-1940 Dienstplichtig Soldaat2-II-46 R.I.
6.47 Heinsdijk, M.D. 03-06-1940 Dienstplichtig Soldaat2-I-46 R.I.
7.44 Zijlstra, P. 02-06-1940 Dienstplichtig Soldaat2-I-46 R.I.

Aangaande het fatale pistoolschot dat wachtmeester (Kapitein) Jan Roelofsen doodde durf ik te beweren dat dit afkomstig was uit de loop van het pistool van de op 15 juni 1939 tot kapitein benoemde G.W. Gelderman. Dit mede aangezien een pistool tot de uitrusting behoort van een officier.

KAPITEIN GELDERMAN DOODDE WACHTMEESTER JAN ROELOFSEN

De verklaring welke de Kapitein der Koninklijke Marechaussee G.J.W. Gelderman afgelegde
op 1 Juli 1940 tegenover Commandant Divisie B, oud Commandant II Legerkorps spreekt toch wel een geheel ander verhaal en spreekt het relaas tegen van de primaire ooggetuige de 30-jarige wachtmeester J. Wiering welke beweerde dat Kapitein G.J.W. Gelderman veel eerder weet had van het overlijden van wachtmeester Jan Roelofsen en dat deze ook had toegelaten om de dodelijk gewonde G.J.W. Gelderman van het viaduct te verplaatsen naar het hoekhuis aan de westzijde van het viaduct.

Kapitein der Koninklijke Marechaussee G.J.W. Gelderman verklaarde op 1 juli 1940 het volgende:

Ik citeer:

“Vermoedelijk was dit vuur iets te hoog gericht - het was inmiddels geheel donker geworden - want den volgenden morgen vond men slechts 10 à 12 dooden op de brug; daaronder de wachtmeester van de Marechaussee Roelants (moet zijn: J. Roelofsen), die tot het laatst geprobeerd had de vluchtelingen tegen te houden”.

De vraag die mij nog rest of het fatale pistoolschot al dan niet moedwillig uit de pistool van Kapitein G.J.W. Gelderman is gekomen. Een nader wetenschappelijk onderzoek hiernaar zou nog meer aan het daglicht kunnen brengen. Betreft het hier ook het geval van HET DOODSCHIETEN VAN EEN OFFICIER HOGER IN RANG.

Hopend op plaatsing van dit op bronnen beargumenteerde artikel verblijf ik,

Vriendelijk groetend,

Jack Huntjens.
» Deze reactie is geplaatst op 10 oktober 2016 14:17
(redactie)
Totaal berichten: 846
Jack,

Ik mis even het "paradoxaal verband met het Koninklijk Besluit van d.d. 6 mei 1947" omtrent het sneuvelen van Roelofsen.

Nadat hij aan de oostzijde van het viaduct heeft getracht de zich aldaar bevindende troepen te kalmeren/motiveren terug de Greb op te gaan heeft hij op een gegeven moment besloten om terug te keren naar de westzijde van het viaduct. Tijdens die overgang is hij (dodelijk) gewond geraakt. Volgens diverse verslagen van KMar-manschappen hebben zij z'n lichaam meegenomen naar de genoemde woning.

Met alle respect: aan de wond kan men echt niet zo 123 zien of dit door een pistoolschot of mitrailleurkogel is veroorzaakt. In alle gevallen liggen de kalibers erg dicht bij elkaar. Aan die uitspraak van Wiering hecht ik dus weinig waarde. Dat Roelofsen door (pistool van) Gelderman zou zijn gedood lijkt mij een conclusie die niet te onderbouwen valt. Er werd bij het viaduct een hevige strijd gestreden en vanuit dat deel van de stelling langs de spoorlijn werd veel vuur afgegeven. Daarbij was het donker. De vraag is of de manschappen (Gelderman incl.) aan de westzijde van het viaduct uberhaubt iets konden zien! Nee, dat is een stelling die je m.i. niet kunt onderbouwen...

Je merkt terecht op dat de begraven lichamen op de 16e mei van diverse plekken zijn aangevoerd. In dit fragment van een arts (M. van der Beek) verbonden aan de kliniek Neder-Veluwe te Wolfheze blijkt de chaos die op die 15e mei heerste:

"Op de Grebbeberg zelf was het een groote ravage, stukgeschoten boomen, munitie, ransels, helmen, kleedingstukken enz. lagen in bonte wanorde door elkaar. Op het hoogste punt van den berg vonden we een groep leden van den Luchtbeschermingsdienst uit Oosterbeek, bezig met het zoeken van gewonden en het ophalen van lijken. Zij waren de eerste en enigste groep die daar aan het werk was. Wij gingen hen daarbij assisteeren. Het werk was niet zonder gevaar, daar bekend was dat er in de buurt landmijnen moesten liggen. Er werd een plan opgemaakt om de lijken met een vrachtauto te vervoeren naar Hotel Wolfheze, daar te identificeeren en eventueel bij dit hotel in de buurt een soldatenkerkhof te maken. (...)
Na eenigen tijd besloten wij doktoren eerst door te rijden om te trachten contact te krijgen met meerdere personen die ons bij het werk konden helpen. In Rhenen gekomen, bleek dit evenals Wageningen, vrijwel uitgestorven en was er geen sprake van dat we hulp konden krijgen. (...)
Toen we eenigen tijd later terugkeerden op den Grebbeberg, arriveerde daar juist een Duitsche auto waarin een Duitsch majoor en een officier van gezondheid. Hij wenkte mij bij hem te komen en vroeg wat er gebeurde. Toen ik hem op de hoogte stelde, wees hij om zich heen en zeide dat hij deze omgeving met de mooie boomen een prachtige plaats vond om de Nederlandsche en Duitsche gesneuvelden broederlijk naast elkaar te begraven. Hij gaf daarna opdracht aan een Oberleutnant om hiervoor zorg te dragen en den volgenden dag te beginnen. Inmiddels waren door de Luchtbeschermingsploeg een 25 à 30 gesneuvelden bij elkaar gebracht en gedeeltelijk in de auto geladen. Deze laatsten moesten dus weer ontladen worden. Daar het tegen de avond liep en het donker begon te worden werd verder het werk gestaakt en vertrokken we naar huis, waar we verder den geheelen avond nog hadden te assisteeren bij de operaties. Den volgenden dag [16 mei 1940] vernamen we dat er nog steeds gewonden gevonden werden en hulp noodig was. (...)
Toen we echter op den Grebbeberg arriveerden waren daar inmiddels verschillende Roode Kruisploegen uit de omgeving, bezig met het zoeken en vervoeren van gewonden en vond ik daar 's middags ook een aantal collega's, reserve-officieren van gezondheid, uit Utrecht. Ook het ophalen der gesneuvelden was druk aan den gang, terwijl onder leiding van den Oberleutnant een groote groep arbeiders bezig was met het maken van massagraven. Tijdens onze aanwezigheid verscheen ook nog de Nederlandsche Commandant van het Veldleger, welke een eeresaluut aan de dooden bracht." (zie http://www.grebbeberg.nl/index.php?page=inleiding-2)

Je kunt hieruit dus afleiden dat men op die 15e mei zonder enige structuur of vooraf bepaalde werkwijze (25 a 30) lichamen heeft verzameld, vermoedelijk die lichamen die in het zicht lagen of langs wegen (of in dit geval nabij het viaduct). De stelling dat alle gevonden lichamen op dezelfde dag werden begraven gaat dus overduidelijk NIET op voor die 15e mei en zodoende is het maar de vraag of achteraf nog is kunnen worden vastgesteld waar deze 25 a 30 genoemde gesneuvelden zijn gevonden. De lijst Sellies (let op: overgetypt van origineel, mogelijk met deels eigen interpretatie?) zoals in ons bezit begint pas op 16 mei. Die 25 a 30 lichamen worden nergens genoemd als zijnde gevonden op 15 mei en zijn dus 'administratief' verwerkt onder 16 mei.

Daarnaast kan het goed zo zijn dat de dood van Roelofsen binnen in een woning is geconstateerd, maar om diverse redenen uiteindelijk buiten is neergelegd. Die huizen werden gebruikt om in te schuilen/rusten. Ik kan me zo voorstellen (alleen al voor het moraal) dat je dan liever geen gesneuvelden in de woning hebt liggen. Maar goed, dat is speculeren. Ik kijk er in ieder geval niet vreemd van op. Dit soort verschillen in 'details' kom je veelvuldig tegen in verslagen. Ik vond het opmerkelijker dat bijna alle manschappen in de ploeg van Gelderman melding maken dat ze helpen met het overbrengen van het lichaam van Roelofsen naar genoemde woning. Dat kan eenvoudigweg niet kloppen...

Je laatste opmerking over de 10 a 12 gesneuvelden bij het viaduct. Ik moet eerlijk zeggen dat we nooit duidelijk hebben kunnen krijgen welke militairen dit dan zouden zijn geweest. Ik twijfel zelfs of het genoemde aantal wel juist is en of die zoekactie de volgende ochtend wel plaats heeft gevonden. Ik kan dat niet zo snel terugvinden in de rapporten van de KMar. Tenzij onder die 10 a 12 genoemde gesneuvelden ook verstaan worden die lichamen die ten oosten van het viaduct lagen. Dat laatste lijkt me weer sterk, want de SS zat in het hoekhuis aan de oostzijde van het viaduct en hielden de zaak aardig onder schot.
» Deze reactie is geplaatst op 10 oktober 2016 15:19
Totaal berichten: 169
Beste Rutger,

Aangaande je laatste opmerking dat het 10 à 12 gesneuvelden BIJ HET VIADUCT zouden zijn, moet ik je rectificeren dat het blijkens de verklaring van Kapitein Gelderman toch "het 10 à 12 dooden OP DE BRUG" zouden zijn geweest.

Blijkens verdere tekst in de verklaring van Kapitein Gelderman aan generaal-majoor J. Harberts was de wachtmeester van de Marechaussee Roelants (moet zijn: J. Roelofsen), één van de 10 à 12 gesneuvelden Deze zou blijkens dezelfde verklaring tot het laatst geprobeerd hebben de vluchtelingen van de Grebbeberg tegen te houden.

E.a.a. staat vermeld

Bijlage A.
Behoort bij "Aantekeningen" van C.-II L.K.

Verklaring van den Kapitein der Koninklijke Marechaussee G.J.W. Gelderman, afgelegd
op 1 Juli 1940 tegenover Commandant Divisie B, oud Commandant II Legerkorps.


Geciteerde tekst hieruit:
Kapitein Gelderman is toen teruggegaan naar het viaduct, waar hij in de vallende schemering aankwam. Hij vond daar in groote wanorde een groote troep menschen, n.l. de zelfden die hij kort te voren met moeite den berg opgedreven had, en die thans weer terug over het viaduct stormden. Daarbij merkte hij o.a. op 2 officieren van de Cavalerie, alsmede een cadet-vaandrig. Kapitein Gelderman heeft getracht deze menschen, althans een deel van hen, tegen te houden en links en rechts van het viaduct in loopgraven stelling te laten nemen, en tegelijkertijd het viaduct doen afsluiten met 3 Friesche ruiters.
Daarachter deed hij twee lichte en één zware mitrailleur opstellen. Aan den overkant van het viaduct vormde zich inmiddels een groote massa schreeuwende soldaten, wier aantal nog voortdurend snel toenam.
Kapitein Gelderman heeft, staande boven op de loopgraaf naast het viaduct deze bende ca. 15 minuten met de stem in bedwang kunnen houden, zeggende dat zij niet terug konden, daar zij onder het vuur van zijn mitrailleurs waren, dat zij tot taak hadden stand te houden, enz. Plotseling begon zonder eenige aanleiding een waanzinnige stormloop naar de Friesche ruiters op het viaduct. Kapitein Gelderman heeft toen de zware mitrailleur, die in het verlengde van de brug was opgesteld, het vuur doen openen. Vermoedelijk was dit vuur iets te hoog gericht - het was inmiddels geheel donker geworden - want den volgenden morgen vond men slechts 10 à 12 dooden op de brug; daaronder de wachtmeester van de Marechaussee Roelants (moet zijn: J. Roelofsen), die tot het laatst geprobeerd had de vluchtelingen tegen te houden. Een andere wachtmeester van de Marechaussee kreeg een slag met de kolf van een geweer op den helm. De stormloop was echter mislukt, de vluchtende troepen hadden zich links en rechts van de brug in veiligheid gesteld en hielden zich daar stil. Dit bleek eerst den volgenden morgen, toen zij met de handen omhoog in groepen terugkwamen om doorgelaten te worden, hetgeen na controle geschiedde. Tal van vluchtelingen hadden hun wapens weggegooid.
» Deze reactie is geplaatst op 10 oktober 2016 18:27
(redactie)
Totaal berichten: 846
Jack,

Ik begrijp je opmerking. Die verklaring is van de hand van Harberts zelf, opgesteld n.a.v. een gesprek met Gelderman. Ik vermoed dat Harberts deze informatie ("den volgenden morgen vond men slechts 10 à 12 dooden op de brug") eerder heeft verkregen via een andere bron en in dit verslag heeft opgenomen. Waarom ik dat denk? Om de reden dat dit detail in geen enkele (uitgebreide) verklaring van Gelderman zelf OF een ander lid van zijn detachement voorkomt. Ook enige aanwijzing die zou kunnen duiden op een onderzoek ten oosten van de barricades ontbreekt geheel in de (ons bekende) verslagen van de KMar. Ook wordt er gesproken over 'men', wat zou kunnen betekenen dat het hier niet de groep Gelderman betreft (maar wie dan wel?).

Ik hou het er op dat Harberts deze informatie via een andere bron heeft verkregen. De betrouwbaarheid ervan is niet te toetsen want er is geen enkele andere bron die dit onderstreept. M.i. geldt hier: 1 bron is geen bron. Feit is dat we geen enkele aanwijzing hebben wie deze doden dan zijn geweest die OP DE BRUG zouden hebben gelegen. Diezelfde brug werd de volgende dag (13 mei) opgeblazen. En ik voel al een volgende vraagn aankomen: zouden er tussen het puin van de opgeblazen brug nog stoffelijke resten hebben gelegen van Nederlandse militairen? Het is in ieder geval opmerkelijk te noemen dat er geen slachtoffer bekend is waarbij een dergelijke vindplaats is opgegeven.

Kortom, het zijn de woorden van Harberts zelf waarbij het zelfs de vraag is of Gelderman als bron kan worden genoemd.

Maar waar wil je heen met dit verhaal?
» Deze reactie is geplaatst op 10 oktober 2016 19:47
Totaal berichten: 169
Beste Rutger,

Inzake je geponeerde stelling één bron is geen bron en dat deze bron, de verklaring welke op 1 juli 1940 is worden opgesteld door Generaal-Majoor J. Harberts kan ik je mededelen dat de Kapitein der Koninklijke Marechaussee G.J.W. Gelderman in een procesverbaal van 21 augustus 1940 voor Luitenant-Generaal b.d. Th. de Goeijen en aan den hem toegevoegden Secretaris, den Majoor der Infanterie op n.a. A.J.J.M. Lohmeijer schriftelijk doet verklaren 100 % het opgetekende verslag Generaal-Majoor J. Harberts te doen onderschrijven.

Ik citeer:

“Het verslag dd. 1 Juli opgemaakt door Generaal Harberts onderschrijf ik ten volle (zie bijlage A.)…”

Waarvan opgemaakt dit proces-verbaal.
De Voorzitter van de Commissie voor huishoudelijk onderzoek, benoemd bij den brief van Garn. Cdt. in het Justitieele Garnizoen 's-Gravenhage dd. 1 Augustus 1940 No. 3 Gem. Pers.

De Luitenant-Generaal b.d.,
w.g. Th. de Goeijen.

De Kapitein,
w.g. Gelderman.

De Secretaris, de Majoor op n.a.,
w.g. Lohmeijer.



Dus derhalve kan worden geconcludeerd dat de verklaring van de primaire getuige, de wachtmeester J. Wiering, welke zich in de directe nabijheid bevond van de gesneuvelde wachtmeester J. Roelofsen geheel niet strookt met die van Kapitein der Koninklijke Marechaussee G.J.W. Gelderman.
Wachtmeester J. Wiering verklaart in de vergadering der Commissie Militaire Onderscheidingen d.d. 14 April 1947 dat wachtmeester Roelofsen is door Opperwachtmeester W.v.d. Krol, wachtmeester titulair M.C. Fortuin, Kapitein Gelderman en hemzelf van het viaduct werd weggedragen, in een woning.

Ik citeer de bewuste passage uit de getekende verklaring van wachtmeester J. Wiering :

“Vóór den oprit van het Viaduct stond een zware mitrailleur opgesteld. Midden in den nacht wilden wij het Viaduct overtrekken, maar door de bezetting van den mitrailleur werd ons toegeroepen, dat wij er niet over mochten.
Gezamenlijk deden wij een poging om over de brug te komen, waarbij ik, toen ik bij de versperring kwam, met twee grote sprongen dwars het viaduct overliep naar de andere zijde (rechter) voor den mitrailleur langs. Wachtmeester Roelofsen, die voor mij liep, werd getroffen. Ik liep door eenige dennenboompjes, die voor camouflage terzijde van het viaduct waren opgesteld, waarbij ik kwam te vallen in een kuil, waarin een zware mitrailleur was opgesteld; ik viel boven op den mitrailleur, waarbij ik mij ernstig bezeerde. Ik ben vervolgens naar Kapitein Gelderman gegaan en heb hem bericht, dat Wachtmeester Roelofsen gesneuveld was en dat hij op het viaduct lag. Hierop werden de Friesche ruiters verwijderd en kwamen de militairen, die zich aan de overzijde van het viaduct bevonden, het viaduct over. Wachtmeester Roelofsen is door . v.d. Krol, Fortuin, de Kapitein Gelderman en mij weggedragen, in een woning. Ik ben naar buiten gegaan en heb geroepen om een dokter. Deze was toevallig in de buurt. Hij heeft Roelofsen onderzocht, maar kon alleen de dood constateeren. De Kapitein Gelderman heeft geen opmerkingen gemaakt, dat ik terugkwam.”

De door generaal-majoor opgestelde verklaring van 1 juli 1940 welke op 1 augustus 1940 100% wordt onderschreven door kapitein Gelderman staat wederom weer in een schril contrast met het verslag welke op 31 mei 1940 zelve door Kapitein der Koninklijke Marechaussee G.J.W. Gelderman te Arnhem werd opgesteld en vervolgens aan de Luitenant-Kolonel, Commandant van de 3e Divisie Koninklijke Marechaussee te Arnhem werd toegestuurd.
Ik citeer:
“Het is bij het vervullen van zijn plicht, tot het uiterste deze massa soldaten tegen te houden in hun waanzinnigen stormloop, dat de Wachtmeester J. Roelofsen van de brigade Aalten in eigen vuur sneuvelde; het was ook te donker geweest, om nog een Marechaussee-uniform van een ander te onderscheiden.
Terwijl aan den overkant reeds in onze richting werd geschoten uit Duitsche vuurwapenen, droegen Opperwachtmeester Van de Krol, Wachtmeester Fortuin en ik gezamenlijk den zwaar gewonden Roelofsen een huis binnen, alwaar een dokter na eenigen tijd den dood constateerde als gevolg van een schot in den linker long.”

Hoezo herroept Gelderman zijn verklaring van 31 mei aangaande J. Roelofsen ?
Is het jullie bekend dat Kapitein der Koninklijke Marechaussee G.J.W. Gelderman vanwege de commotie rond zijn persoon een tijd lang in Argentinië heeft gewoond ? Harberts vluchtte zoals bekend vanwege de commotie rond zijn persoon naar Engeland.
» Deze reactie is geplaatst op 11 oktober 2016 01:07
(redactie)
Totaal berichten: 846
Jack,

Ik neem aan dat we het nog steeds over die genoemde 10 a 12 doden op de brug (viaduct) hebben? Ik zie door alle citaten het spreekwoordelijke bos (en doel van deze discussie) niet meer ;-) Dat rapport (van Harberts) is een weerspiegeling van een gesprek tussen hem en Gelderman waarin de nodige informatie is uitgewisseld en besproken. Daarin heeft Harberts naar mijn mening informatie verwerkt die hij via andere kanalen moet hebben ontvangen. Dat Gelderman de visie/het verhaal van Harberts onderschrijft is misschien dan ook niet zo moeilijk te verklaren. Alleen al omdat er een gezagsverhouding was/heeft bestaan tussen die twee. Daarbij is de hele insteek van die onderzoeken altijd een militair-strategische geweest (wie zat waar op welk moment en heeft deze persoon zijn taak niet verzaakt). "Ditjes en datjes" (modewoord) over wie wanneer en waar gesneuveld is werden volgens mij alleen genoteerd als de ondervraagde hier melding van maakte. Daar lag in ieder geval niet de nadruk op tijdens de verhoren (die als doel hadden de snelle nederlaag te verklaren).

We zijn het in ieder geval met elkaar eens dat de in de verslagen genoemde gebeurtenissen rondom het sneuvelen van Roelofsen niet allemaal hetzelfde zijn. Maar tegelijk denk ik dat we prima kunnen aannemen dat Roelofsen aan de oostzijde en op het viaduct pogingen heeft ondernomen om de terugvloeiende troepen van gedachte te doen veranderen, uiteindelijk toen het donker was heeft getracht zich bij zijn commandant (Gelderman) te voegen en toen is getroffen door een kogel. Uiteindelijk is zijn lichaam naar een woning ten westen van het viaduct gebracht (door manschappen van KMar zelf) en is daar de dood geconstateerd door een arts. In die zin volgen alle verklaringen toch dezelfde lijn? Ik heb te weinig informatie om te kunnen concluderen of Roelofsen door eigen vuur is gedood of wellicht toch door een Duitse kogel. Dat eerste is wel aannemelijker, maar er werd natuurlijk ook gewoon van Duitse zijde geschoten.

Ik vind het overigens niet zo vreemd dat de verhaallijn van Gelderman in details in tijd veranderd. Dat geldt voor bijna alle ondervraagden. Het waren chaotische momenten daar op de Greb zonder enige rust om gebeurtenissen te kunnen duiden en/of verwerken. Dat kwam pas na de capitulatie en tijdens de daarop volgende verhoren. Daar werd de eigen kennis vermengd met informatie van derden en kwam men tot nieuwe inzichten. Er zit over het algemeen ook aardig verschil tussen verhoren uit periode 1940-'41 en die van na de oorlog (1946-, Commissie Onderscheidingen).

Het is mij inderdaad bekend dat Gelderman enige tijd in Zuid-Amerika heeft gewoond, ik meende Brazilië. Zijn persoon werd onder het Nederlandse volk/oud-strijders vooral bekend als de man die bij de Grebbe op eigen troepen had geschoten. Een zware last om mee te dragen in je leven. En een onterechte als je het mij vraagt...
» Deze reactie is geplaatst op 11 oktober 2016 07:25
Totaal berichten: 169
Beste Rutger,

Hetgeen je stelt :
"We zijn het in ieder geval met elkaar eens dat de in de verslagen genoemde gebeurtenissen rondom het sneuvelen van Roelofsen niet allemaal hetzelfde zijn. Maar tegelijk denk ik dat we prima kunnen aannemen dat Roelofsen aan de oostzijde en op het viaduct pogingen heeft ondernomen om de terugvloeiende troepen van gedachte te doen veranderen, uiteindelijk toen het donker was heeft getracht zich bij zijn commandant (Gelderman) te voegen en toen is getroffen door een kogel. Uiteindelijk is zijn lichaam naar een woning ten westen van het viaduct gebracht (door manschappen van KMar zelf) en is daar de dood geconstateerd door een arts. In die zin volgen alle verklaringen toch dezelfde lijn? Ik heb te weinig informatie om te kunnen concluderen of Roelofsen door eigen vuur is gedood of wellicht toch door een Duitse kogel. Dat eerste is wel aannemelijker, maar er werd natuurlijk ook gewoon van Duitse zijde geschoten. "
kan ik me vereenzelvigen. Inzake de Duite kogel wil ik melden dat dit in mijn optiek niet zo is geweest. De kogel werd door de geconsulteerde arts in de linkerborst (linkerlong) getraceerd en in combinatie met het relaas van Marechaussee Wiering kan onomstotelijk worden vastgesteld dat de kogel enkel en alleen van voren in het lichaam terecht is gekomen. Dus van de westzijde van het viaduct en het derhalve een Nederlandse kogel moet zijn geweest.
Hierbij nog de uitspraak van Gelderman zelve in de Elseviers van zaterdag 8 mei 1965 (“De Langste dag van de Kapitein”) komt het akelig dicht in de buurt dat Kapitein Gelderman toch wel degene die verantwoordelijk is geweest voor de dood van zijn eigen wachtmeester Jan Roelofsen.
“Het was donker; het was een grauwe massa die naar voren stormde. Toen heb ik geschoten. Er zijn doden gevallen. Een van mijn eigen mensen, een wachtmeester, de beste van mijn detachement, is daarbij omgekomen. Ik heb hem een huis binnengedragen. Hij heeft nog maar tien minuten geleefd. Hij had een schot in zijn linker long. Hij had voor die vluchtende troep gestaan. Hij stond midden op het viaduct; hij probeerde hen tegen te houden, de armen gespreid. Hij was niet zichtbaar. Het was donker. Je zag alleen die troep kerels die naar voren renden.”
Gelderman stierf in 1980 te Apeldoorn. De uitspraken, de insinuatie van de primaire welke ooggetuige wachtmeester T. Wiering deed in “Soldaten die niet wilden zouden worden gedwongen”, dat hetgeen mitrailleurkogel , maar een pistoolkogel is geweest dateert van mei 1985. Voor mij toch een duidelijke aanwijzing dat T.Wiering de dood van zijn oud-collega J. Roelofsen in de richting van Gelderman wil duiden en tussen de regels enige hoop aangeeft dat in de toekomst de waarheid boven tafel zou mogen komen.

“We hebben Roelofs een huis binnengedragen. Toen we zijn jas openmaakten zat er een klein gaatje in zijn borst. Ik vraag me nu nog af waardoor hij is getroffen. Dat was geen mitrailleurkogel, dat was een pistoolschot. Ik zal er nooit achterkomen wie daar nog meer heeft staan schieten. Roelofs was toen al dood".

KAPITEIN GELDERMAN DOODDE WACHTMEESTER ROELOFSEN MET EEN PISTOOLSCHOT.
» Deze reactie is geplaatst op 11 oktober 2016 12:48
Totaal berichten: 133
Ik wil de discussie niet langer maken maar toch even dit. Rutger zei het al, het is toch niet echt 123 vast te stellen met wat voor kogel en uit welk wapen hij getroffen is. Dat vergt echt onderzoek en niet zo even naar een gaatje kijken. De mondingssnelheid van een kogel uit een mitrailleur is veel groter dan de mondingssnelheid van een pistool. Je zou dus naar de plek moeten kijken waar de kogel het lichaam verlaten heeft. Als dat niet zo is, dan moet de wond van een kogel met hoge mondingssnelheid, grotere ravage aanrichten. Je moet echt goed op de hoogte zijn met de uitwerking van diverse kogels, snelheid en wijze van impact, om uit te vogelen wat voor wapen is gebruikt. De inslag van een kogel is hetzelfde, de uitwerking is verschillend. Er zal atijd een gaatje te zien zijn, maar je moet echt gaan kijken naar de uitwerking van het projectiel om er een conlusie aan te binden. Diverse gelatine testen zijn voorhanden...
» Deze reactie is geplaatst op 11 oktober 2016 17:42
(redactie)
Totaal berichten: 2.197
Met een pistool schiet je in principe gericht of probeer je dat tenminste te doen. Niet dat ik dat in mijn dienstperiode voor elkaar kreeg, maar toch. Moet ik nu geloven dat Gelderman zijn mitrailleur ( volgens de ons bekende verhalen bediende hij die )liet staan en zijn pistool greep om uitgerekend zijn eigen man Roelofs neer te schieten? De vraag stellen is hem beantwoorden. Dan lijkt het me toch waarschijnlijker dat Roelofs het slachtoffer werd van een vuurstoot van de/een mitrailleur. Bedenk verder dat het inmiddels donker was geworden.
» Deze reactie is geplaatst op 11 oktober 2016 19:00
(redactie)
Totaal berichten: 846
Jack,

Ik neem aan dat de laatste zin in hoofdletters je conclusie is?

Even kort samengevat baseer je die conclusie dus op de volgende gegevens:
- melding van Wiering dat hij vermoed dat het een pistoolschot is geweest waardoor Roelofsen gedood werd
- ietwat 'onhandig' geformuleerde zinnen (al dan niet door de journalist in kwestie) in het artikel uit 1965
- vage aanwijzingen/tegenstrijdigheden in de verslagen van Gelderman

Voor het eerste punt zijn geen feitelijke bewijzen, slechts vermoedens (van Wiering). Zoals eerder aangehaald betwijfel ik ten zeerste of deze Wiering aan de schotwond kan hebben gezien met wat voor wapen dit is veroorzaakt. Daarnaast lijkt het me uitgesloten dat Gelderman de enige was met een pistool, ook de bedieningsmanschappen van bijv. de M.C. hadden een pistool. In die zin kan het iedereen zijn geweest met een pistool (voor zover Roelofsen daarmee is gedood!). Zelfs een Duitse pistool(mitrailleur)kogel is niet uit te sluiten.

Zoals ik Gelderman's verhaal interpreteer in het artikel uit 1965 voelde hij zich enorm verantwoordelijk voor de well-being van de onder zijn bevel gestelde manschappen. Het was geen grote groep, slechts een 24-tal manschappen in totaal waarvan er 14 met hem bij het viaduct in actie kwamen. Roelofsen heeft, ongetwijfeld op verzoek van Gelderman zelf!, getracht de terugtrekkende troepen aan de oostzijde van het viaduct te kalmeren. Het sneuvelen van Roelofsen was het directe gevolg van de vuuropdracht die Gelderman uitvaardigde. Me dunkt dat hij zich daarna bijzonder rot heeft gevoeld over het feit dat juist een van zijn eigen manschappen daarbij om het leven is gekomen. Dat gegeven in combinatie met het genoemde stempel van het doodschieten van eigen mensen en het falen in zijn opdracht (met de val van de Grebbeberg min of meer als gevolg) zijn m.i. de redenen geweest waarom Gelderman op latere leeftijd een moeilijke periode heeft doorgemaakt. En hij was zeer zeker niet de enige.

Je conclusie dat Gelderman Roelofsen heeft doodgeschoten is m.i. niet gerechtvaardigd. Het valt niet met 100% uit te sluiten, maar aannemelijk is het ook niet. Zeker niet als je doelt op een bewuste actie. Voor dat laatste zou ik geen enkele aanwijzing of reden kunnen bedenken en eerlijk gezegd gaat het me zelfs te ver om dat ook maar enigszins te suggereren.

Overigens, een Nederlandse Pionier die wel op 12 mei 1940 op/bij het viaduct door een pistoolkogel van een Nederlandse officier is gesneuveld is m.i. Hilberdink. Hij werd uiteindelijk begraven in een veldgraf bij de hulpverbandpost van III-19 R.I. aan de Hoogesteeg/hoek Cuneraweg (Achterberg). Mogelijk dat meer slachtoffers bij het viaduct daarheen zijn gebracht.
» Deze reactie is geplaatst op 11 oktober 2016 21:22
Totaal berichten: 1.338
Het is weer complottentijd ...

Een klein gaatje? Het kleinste kaliber pistoolmunitie was 7,65 mm, meestal was het 9 mm. De geweer- en lichte mitrailleurmunitie was 6,5 mm volmantel, dat dus een kleiner gaatje veroorzaakte dan de pistoolkogel.

De redenatie dat de kogel wel van het westen moet komen is totaal niet houdbaar. Want de vraag is immers de onbeantwoordbare hoe Roelofsen stond toen hij werd getroffen. Het ene verhaal zegt dat hij de troep stond te bezweren - dus oostwaarts gekeerd - het andere verhaal dat hij meer terug werd gedrukt richting westen - dus westwaarts gekeerd.

Het is puzzelen richting een vooringenomenheid die me helaas steeds bij Jack opvalt. Enerzijds de mateloze onderzoekingsdrang, die positief is, anderzijds altijd maar dat complot, dat kennelijk de geestdrift veroorzaakt. Welke spoken waren er voor sommigen toch nog rond op onze Grebbeberg?

Gelderman ging psychologisch totaal kapot aan het geval bij het viaduct, was alles behalve een man die zijn eigen wachtmeester even zou neerschieten, om wat voor reden dan ook. Zijn taak was macaber, maar uit oog van militaire discipline en de belangen van de plaatselijke defensie begrijpelijk, zij het bikkelhard. Hij is er nooit meer bovenop gekomen. Geen man dus die dit gesuggereerde oordeel van opzet bij het doden van Roelofsen toekomt lijkt mij.

Harberts vluchtte in 1970 naar Engeland omdat hij wegens een puik stukje stemmingmakerij van Jaap van Meekeren en vriendjes als een soort moordenaar werd uitgemaakt wegens het geval van de deserteur Chris Meijer. Nadat Harberts alsnog voor de camera volhield dat in de gegeven omstandigheden hij weer zo zou handelen en hij Meijer nog immer voor deserteur hield, werden zijn ruiten ingegooid en werd hem al hoogbejaarde man het leven bijna onmogelijk gemaakt door enige veteranen en opgeschoten ander volk. Het had met de zaak Gelderman niets uit te staan.

De zaken Gelderman en Meijer zijn uit den treure behandeld op het forum. Daar hoef ik geen lichtje meer over te schijnen. Ik vrees dat we echter tot in de eeuwigheid lieden zullen treffen die hier complotten in zien of antihelden op een voetstuk willen plaatsen. Ik vind het knap dat er door enige collegae hier zo veel aandacht wordt geschonken aan dit geval. Ik kan dat niet meer opbrengen.
» Deze reactie is geplaatst op 13 oktober 2016 16:37
Totaal berichten: 169
Geachte redactie van Stichting De Greb,

Toch een rectificatie mijnerzijds. In al mijn reacties heb ik nergens expliciet vermeld dat ik Kapitein Gelderman beticht dat deze in de avonduren van zondag 12 mei 1940,opzettelijk met voorbedachte rade, de 1 meter 755 mm grote, wachtmeester Jan Roelofsen heeft doodgeschoten. Blijkens een verklaring van Kapitein Gelderman kon deze in de duisternis blijkbaar niet kon uitmaken dat een marechaussee zich onder de vluchtende menigte bevond.
In mijn opinie was het derhalve geen moord, maar gewoonweg doodslag.

Aangaande de laatste geplaatste reactie van Allert Goossens, ik citeer:

"Het is puzzelen richting een vooringenomenheid die me helaas steeds bij Jack opvalt. Enerzijds de mateloze onderzoekingsdrang, die positief is, anderzijds altijd maar dat complot, dat kennelijk de geestdrift veroorzaakt. Welke spoken waren er voor sommigen toch nog rond op onze Grebbeberg?"

wil ik toch gaarne repliceren dat ik me iedere keer weer verbaas dat een persoonlijke stigmatisering jegens mijn persoon door "Het Orakel" voor een groot lezerspubliek toch even weer niet kan ontbreken. En het dedain welke toch uit de laatste passage van zijn antwoord naar voren komt,

" Ik vrees dat we echter tot in de eeuwigheid lieden zullen treffen die hier complotten in zien of antihelden op een voetstuk willen plaatsen. Ik vind het knap dat er door enige collegae hier zo veel aandacht wordt geschonken aan dit geval. Ik kan dat niet meer opbrengen."

kan ik enkel en alleen maar betitelen als een stemmingmakerij.
Kennelijk was het discussiethema toch nog interessant genoeg dat er nog EEN LICHTJE OP DIT GEVAL moest worden GESCHENEN, welke ik toch met alle respect voor zijn persoon en gedetailleerde kennis van de Nederlandse Krijgsgeschiedenis wederom weer als positief doe ervaren.

Hopend op een plaatsing van deze reactie, verblijf ik.
» Deze reactie is geplaatst op 15 oktober 2016 21:11
Totaal berichten: 2.001
Jack, jij hebt alle recht van de wereld om van mij te vinden wat je vindt. Zoals ik dat van jou heb. Ik stel vast als mijn bevinding dat je stelselmatig complotten zoekt. Daarmee maak je jezelf weinig geloofwaardig als onderzoeker. Terwijl je verrassende onderzoekskwaliteiten bezit, besmet je de resultaten met je kennelijke doelstelling dingen te willen zien die er niet zijn.

Bedenk één ding goed. Oorlog is de opperste vorm van chaos en maakt bij de deelnemers de grootst mogelijke doodsangst los. In die constellatie zaken helder reproduceren op het detailniveau dat jij of enig ander onderzoeker wenselijk zou achten is zo goed als onmogelijk. Daarbij komt dat mensen bij verslaglegging achteraf niet zelden eigen beeldvorming, mening, politiek of zelfs eigen functioneren manipuleren, lang niet altijd als keuze, vaak als reflex of gevolg van vooringenomenheid.

Het geval hier ziet op een bizarre situatie, in het pikkedonker met hoogstens zwalkend zwak licht van branden ergens in de omgeving. De kakofonie van de strijd hoger op de berg, panische massa op de brug en de primaire angst en gespannenheid bij alle deelnemers. Niemand die met enig recht van spreken hier directe of verkapte beschuldigingen richting Gelderman mag uiten over diens al dan niet eigen betrokkenheid bij de dood van Roelofsen. En dat is wel wat jij tracht te doen, zoals je vaker tracht individuen op een haast Amerikaanse wijze ('framing') te afficheren als tenminste onfris dan wel schuldig aan een door jou of andere complotdenkers gefabriceerde aanklacht. Ik persoonlijk vind die modus operandi walgelijk, vooral omdat het steeds weer begint met een soort van bonafide vraagstelling, maar stelselmatig versmalt tot een aanklacht. De stemmingmakerij die je hier ontwaart komt dus van jezelf dan wel als reactie op de door jou zelf gefabriceerde theorietjes.
» Deze reactie is geplaatst op 19 oktober 2016 11:26
Totaal berichten: 1
Ook ik heb de discussie gevolgd en als oud rechercheur zou je haast een Cold Case team willen samenstellen, maar de laatste conclusie van
van de Hr Goosens, daar sluit ik mij volledig mee aan. Beslissen in die hectiek in die tijd en nu in alle rust complot theorieën poneren is heel goed ingeschat door de Hr Goosens. Waarvan akte.
» Deze reactie is geplaatst op 20 oktober 2016 15:29
Totaal berichten: 169
Geachte Allert,

Met enig tespect heb ik van je laatste reactie kennis genomen. Ietwat verlaat wil ik hierop ageren en mededelen dat ik me overigens geheel kan vinden in je hierbij geponeerde stelling en me hier eveneens bij wil aansluiten. Ik citeer:

"Bedenk één ding goed. Oorlog is de opperste vorm van chaos en maakt bij de deelnemers de grootst mogelijke doodsangst los. In die constellatie zaken helder reproduceren op het detailniveau dat jij of enig ander onderzoeker wenselijk zou achten is zo goed als onmogelijk. Daarbij komt dat mensen bij verslaglegging achteraf niet zelden eigen beeldvorming, mening, politiek of zelfs eigen functioneren manipuleren, lang niet altijd als keuze, vaak als reflex of gevolg van vooringenomenheid."

Groet Jack.
» Deze reactie is geplaatst op 30 november 2016 23:52

Plaats hier uw reactie

Opgelet: We behouden ons nadrukkelijk het recht voor om nieuwe berichten of reacties die voor de thematiek van onze websites en de discussiegroep irrelevant zijn, onbetamelijk of onbegrijpelijk geformuleerd zijn, ongewenste politieke of commerciële lading hebben of inbreuk maken op de privacy van nog levende personen niet te plaatsen. Uw reactie zal pas na goedkeuring door de beheerders zichtbaar zijn in de discussiegroep.

De inhoud van berichten - en daarin vermeldde gegevens en personalia - wordt na publicatie niet gewijzigd en/of verwijderd, tenzij daarvoor een dwingende aanleiding is. Berichtenschrijvers zijn zelf verantwoordelijk voor het toetsen van de inhoud van hun berichten voordat deze worden gepost.

Zie voor meer informatie de Gebruiksvoorwaarden. Tevens verzoeken wij u om kennis te nemen van de FAQ (veelgestelde vragen), wellicht dat uw vraag daar al beantwoord wordt.

Wenst u een gescande foto of ander beeldmateriaal op te nemen bij uw bericht, e-mail deze naar info@grebbeberg.nl en wij verzorgen de plaatsing (meestal nog dezelfde dag).

Bericht:   * 
Uw naam:   * 
 
E-mailadres:     * 
Om ongewenste (spam)berichten op onze website te beperken vragen wij u hieronder een eenvoudige controlevraag te beantwoorden. Berichten worden alleen geaccepteerd indien deze vraag correct is beantwoord.
1 + 1 =     * 
*) = verplicht veld  

2554