Discussiegroep

Onderwerp: vragen over Luchtwacht .....

» Dit onderwerp is gesloten
Totaal berichten: 21
2.907 keer gelezen
4 reacties
Categorie: Overig Mei 1940
Na de siteaanvulling van 3 Sept. over LuchtWachtDienst Groep Rhenen rijzen bij mij
toch wel vragen :

De LWD was als volgd opgebouwd :
Staf : 10 man ,
Groningen : 299 man, Zwolle 370 man,Zutphen 250 man,Utrecht 528 man,sGravenhage 285 man,
Leeuwarden 248 man,rotterdam 603 man,Breda 368 man,Amsterdam 472 man,Arnhem 250 man,
Den Bosch 334 man .
Vraag 1 : Mag ik aannemen dat Rhenen onder Utrecht viel ??
Welke plaatsen vielen hier nog meer onder ?
Hoe noemede men zo'n plaats afdeling eigenlijk ? was dat gewoon "Groep Rhenen " ?

Vraag 2 :
Dat de manschappen kort opgeleiden burgers waren is bekend door de infotekst van foto 1
maar kregen zij ook een rang ? Was het Soldaat "Jansen" of vrijwilliger "Jansen".
Dat er wel rangen waren bewijst de groepsfoto immers Louis van Voorthuisen was
(korporaal ???) en Jan Meijer de stepen van Sergeant ??? (hoewel ergens in tekst over "schilder" Meijer gsproken wordt)
Met andere worden werden zij als normaal militair gezien met dezelfde rechten en
plichten ??? En gold dat ook voor het kader ; ook vrijwilligers ???
Gr, Wim
» Dit bericht is geplaatst op 4 september 2004 10:28
(redactie)
Totaal berichten: 846
Wim,

In het verhaal van Ernst de Rhoter ( http://www.grebbeberg.nl/index.php?page=photo&pid=2998 ) blijkt volgens mij dat deze groep onder Utrecht viel "In Utrecht zat de commandant, een kapitein Wetter die een herenkledingmagazijn bezat.". Het is wel (heel?) opmerkelijk dat alle verbindingen via de centrale post in Arnhem verliepen. Bij een aanval vanuit het oosten (vrij logisch) zou deze stad als eerste ingenomen worden waardoor alle verbindingen verbroken waren).

Aangezien ze onder militaire tucht vielen (en ook zo betaald werden) neem ik aan dat ze ook rangen hadden (gaf je al aan), hetzij niet hoog. Klaarblijkelijk werkten ze nauw samen met de lichtmeetdienst van de artillerie "De leden van de Luchtwachtdienst kregen tijdens de voormobilisatie gezelschap van de Lichtmeetdienst van de artillerie."

Meijer was van beroep schilder, vandaar deze typering. De tekst komt overigens uit het blad Oud Rhenen, een uitgave van de Historische Vereniging Oud Rhenen e.o. Als bron wordt o.a. opgegeven het boek Illusies en Incidenten, laat ik dat nu net uitgeleend hebben ;-( Anders had ik daar nog e.e.a. kunnen nazoeken.

Ik citeer hieronder (niet helemaal gecontroleerd op spelfouten e.d.) het gehele artikel van H.P. Deys uit het blad Oud Rhenen van mei 1990. Het is een beetje een opsomming van feiten, maar wellicht verduidelijkt het e.e.a.

"DE LUCHTWACHTDIENST TE RHENEN en enkele andere organisaties.

Het was na de Eerste Wereldoorlog duidelijk, dat het einde van oorlogsdreigingen nog niet geweken was. Zo werd reeds omstreeks 1918 de Bijzondere Vrijwillige Landstorm opgericht. Taak was handhaving of herstel van de openbare orde en rust in vredestijd. Bij een mobilisatie van de Landstorm werden nieuwe, zuivere militaire verhoudingen van kracht zoals krijgstucht en krijgswetten en de militaire hiërarchie werd van toepassing. Er bestond een nauwe relatie met de vrijwilligers van de Korpsen Motordienst, Vaartuigendienst, Spoorwegdienst en Luchtwachtdienst. De Luchtwachtdienst werd bemand door vrijwilligers, burgers, die dus onder het militaire gezag vielen. Doel was het doorgeven van waarnemingen op militair gebied, voornamelijk betreffende bewegingen in de lucht. Ze bezaten karabijnen, maar ze hebben er nooit mee mogen leren schieten. Commandant was Tino Deen, later opgevolgd door Jan Meijer, de schilder.

Naast de Luchtwachtdienst bestond er nog de Luchtbeschermingsdienst, een burgerlijke organisatie die onder de Burgemeester viel en tot doel had het nemen van maatregelen in geval van oorlog, zoals bescherming van de burgerbevolking en evacuatie. Deze was opgezet door de Nederlandsche Vereeniging voor Luchtbescherming en door de Minister erkend als de enige algemene landelijke vereniging voor luchtbescherming. Het betrof een particuliere organisatie op het gebied van bescherming van burgers tegen de gevolgen van aanvallen vanuit de lucht. In Rhenen was een plaatselijke afdeling gevestigd met C.W. Ouwehand als voorzitter en Mr. J. Deen als secretaris. Hoofd van de LBD was Tino Deen, of eigenlijk plv. Hoofd, want formeel was de Burgemeester Hoofd.
In februari 1933 deelde Tino Deen, in zijn functie van Hoofd van de Burgerwacht aan de Burgemeester mede, dat de Rhenense Burgerwacht na het in actieve dienst treden van de Luchtbeschermingsdienst Rhenen de post op de Cuneratoren zou betrekken met 2 man, bij de opstellingsplaats der Luchtwachtdienst 4 man met rijwiel zou stationneren en voor de versterking van de politie 4 man zou aanwijzen.

Als Commandant van de Luchtwachtpost Rhenen zegde hij de gemeente Rhenen alle steun toe. Voorts had hij contact met de waterleiding, gasbedrijf en PUEM betreffende eventueel verhogen van de waterdruk en eventueel afsluiten van gas en electra bij luchtalarm. De NBM, de busvervoersmaatschap pij deelde desgevraagd mede, dat men niet zonder meer het dradennet stroomloos zou kunnen stellen omdat in oorlogstijd de verplichting bestond tot vervoer van militairen en oorlogstuig. De PTT zou de telefoon ter beschikking moeten stellen aan de Commandant der LBD en de Burgemeester en alle andere gesprekken zouden moeten worden geweigerd. De PTT ging hier echter, in overleg met het Ministerie, niet op in.

Het alarmsein bij een aanval uit de lucht was het luiden van de zware klok van de Cuneratoren. In die zin werden al vroeg oefeningen gehouden. In 1934 werd door Radio Scheveningen bij wijze van oefening ten behoeve van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten de seinen 'luchtgevaar aanwezig' en 'luchtgevaar geweken' uitgezonden, dit mede in verband met aan de oefening deelnemende vliegtuigen. In 1935 werden er oefeningen gehouden met brandweer, Rode Kruis en Luchtbescherming, compleet met gasmaskers en al. In 1936 was er sprake van overleg tussen de Rhenense Burge meester Van Holthe tot Echten, het Hoofd van de Geneeskundige Dienst dr. W. Waller, de Commandant der Vrijwillige Brandweer N. Souwerbren, het Hoofd van de Opruimingsdienst W. Zanen, het Hoofd van de Economische Burgerwacht J. Hoving en het Hoofd van de LBD T.A. Deen.

In 1937 werden er monsters rondgestuurd van verduisteringspapier en in 1938 vermeldt de correspondentie antitetanusvaccin, gasmaskers, een motorspuit voor de brandweer, het aanleggen van verschillende telefoonverbindingen, noodverlichting, ontsmetting, oefeningen, zandzakken. In april van dat jaar werden er verduisteringsoefeningen gehouden waarbij onder andere de veerponten bij Rhenen en Elst werden stilgelegd omdat deze geen lichten mochten voeren. Bij deze oefeningen waren 7 man beroepspolitie en 264 man hulppolitie betrokken. Er waren toen inmiddels 5 sirenes aanwezig voor het sein 'luchtalarm'. In 1938 heeft Burgemeester d'Aumale van Hardenbroek met een vliegtuig over het verduisterde Utrecht gevlogen waarna hij er toe gekomen is voor de gehele gemeente Rhenen absolute verduistering voor te schrijven, zonder enige richtlampen.

De heer Westera, de plaatselijke drogist en gepensioneerd onderluitenant van het KNIL werd Hoofd van de Gasverkenningsdienst en van de Chemische Dienst. Er werd toen reeds rekening gehouden met aanvallen met brisant- en brandbommen. H.W. Westera gaf cursussen en oefeningen met het gasmasker in de nieuwe gaskamer.
In 1938 werden aan een zevental Rhenense bedrijven richtlijnen bedrijfsbescherming uitgereikt.

In augustus 1939 werd door de Minister van Binnenlandse Zaken telegrafisch dringend aanbevolen de radioluisterdienst en de uitkijkposten van de luisterdienst en LBD tot wederopzegging te doen functioneren. Een Noordpijl, aanwezig op de gashouder (toen aanwezig) aan het Paardeveld, werd verwijderd. Een voorstel van Burgemeester Van Kuijk van Veenendaal aan zijn Rhenense ambtgenoot met het voorstel, een gemeenschappelijke regeling te treffen en de zorg voor de luchtbescherming van een deel van de gemeente Rhenen aan Veenendaal toe te vertrouwen werd afgewezen. Rhenen ging hier niet op in, mede n.a.v. een waarschuwing van de gemeenteopzichter, rekening te houden met eventuele annexatieplannen van Veenendaall Ook T.A. Deen adviseerde niet in te gaan op de voorstellen maar de bestaande regeling m.b.t. brandblussen te handhaven.

Medio Mei 1939 deelde de Burgemeester aan het secretariaat van de Subcommissie Centraal Ziekenhuis te Zeist mede, dat in Rhenen 2 gediplomeerde verplegers en één verpleegster aanwezig waren en 19 door het Nederl. Roode Kruis opgeleide EHBO-gediplomeerden. In juli waren de volgende artsen in de gemeente gevestigd:
dr. W. Waller, die alleen de armenpraktijk waarnam, hij was tevens Hoofd LBD afd. Geneeskundige Dienst
dr. C.J. van Kerkwijk, plv. Hoofd
dr. C.H. Paris, officier van Gezondheid dr. G.A. Bas, „
dr. J.J. Berdenis van Berlekom, rustend arts die zich bij de LBD had opgegeven
dr. F.C.H. Commerell, rustend arts die zich i.v.m. zijn hoge leeftijd niet had opgegeven
dr. F.G. v.d. Berg die zich als chirurg had opgegeven
Achter Garage v.d. Horst aan de Herenstraat in het voormalig speelterrein aan de Weverstraat, en bij het Rusthuis werden 'gezien de gespannen omstandigheden en t.b.v. beveiliging van de burgerij tegen luchtaanvallen' schuilloopgraven gereed gemaakt. In april '39 kreeg de Burgemeester inzage in de lijst van personen, die in de gemeente een radiotoestel bezaten, dit i.v.m. eventueel requireren van deze toestellen in tijden van luchtgevaar. T.A. Deen vroeg aan B en W om een localiteit voor het geven van lessen aan leden van de Luchtwachtdienst. Er waren toen 39 helpsters aan het Rhenense Rode Kruis verbonden.

De gemeente Rhenen was volgens KB van 1936 in de Tweede Gevarenklasse ingedeeld. T. Deen schreef aan de Burgemeester van Rhenen dat hij het onmogelijk achtte, voor de toegezwezen 300 gulden, dus nog geen 4 ct per inwoner, een LBD te organiseren. 'De gevaren, welke Rhenen bij luchtaanvallen te verwachten heeft, zijn niet denkbeeldig. De verdedigingswerken aan de Grebbe worden dag in dag uit meer uitgebreid, zoodat Rhenen hoe langer hoe meer een object voor vijandige vliegtuigen wordt'. Noodzakelijk waren: voorlichtingsmateriaal bevolking, inrichting blokbrandweer (emmerspuiten, zandzakken), verbandmateriaal, ontsmettingsinrichting, beschermende kleding, gasverkenners, opruimings- en herstellingsdienst, een batterij radiotoestel Philips voor f 147,50 of f 195,=. Het overgaan tot de aanleg van 3 pompputten, het maken van model schuilloopgraven bij de drie scholen, het uitbreiden van het aantal transportmiddelen voor vervoer van gewonden en gaszieken, het oprichten van een noodziekenhuis, het inrichten van een hospitaal voor verpleging van gaszieken enz. De Burgemeester schreef in een brief aan de Inspecteur voor de Bescherming van de Bevolking tegen luchtaanvallen dat Rhenen, uit een strategisch oogpunt, bij eventuele luchtaanvallen aan grote gevaren zou blootstaan in verband met de ligging aan de Rijn en de aanwezigheid van een spoorbrug terwijl de gemeente bovendien gelegen is in de verdedigingslinie. Aan de LBD waren toen 300 personen verbonden.

In september werd medegedeeld dat de radiopost van de luisterdienst van de gemeentelijke luchtbeschermingsdienst tot nader order niet behoefde te functioneren. In de commandoposten behoorde echter steeds enig personeel aan
wezig te zijn. Ook de uitkijk- en luisterposten moesten blijven functioneren. Rhenen bezat toen: 1 personenbrandweerwagen met brandweer- materieel voor aansluiting op de waterleiding.

In Rhenen, Elst en Achterberg stonden 8 brandweerwagentjes, voorzien van standpijpen, kraansleutels, straalpijpen e.d. Rhenen bezat toen 1000 m vlasslang en 60 m gummislang. In Elst was 200 m vlasslang aanwezig, in Achterberg 425 m vlasslang en een aanjager. Verder beschikte men nog over 1 baby motorspuit, in sept. ontvangen t.b.v. de LBD en als oud materieel had men nog 1 aanjager en 1 handbrand spuit.

In febr. '40 werd een Luchtbeschermingsplan vastgesteld. De Luchtbeschermingsdienst werd in opdracht van de Duitse bezetters op dezelfde voet voortgezet. Het Duitse leger werd opgedragen zich niet in deze plaatselijke organisaties te mengen.
Ook was er nog de Burgerwacht, een burgerorganisatie, gericht tegen staatsondermijnende en revolutionaire activiteiten waaronder ook het Communisme werd gerekend. De Burgerwacht is omstreeks 1918 opgericht in de tijd dat Troelstra politiek actief opereerde en deze wacht was dus uitsluitend gericht tegen een gedacht intern gevaar. De beide eerdergenoemde organisaties waren zuiver gericht tegen een Duitse aanval, hoewel dit toen nooit zo werd uitgesproken.

In Rhenen was er reeds in 1930 sprake van de Burgerwacht, toen de statuten werden vastgesteld. In 1938 kwam de Wet op de Weerkorpsen tot stand en begin '39 werden er modelstatuten verplicht gesteld. De Burgerwacht was bewapend: in 1932 werden er 50 karabijnen omgewisseld voor 50 geweren met bajonet. Het betrof KSO-geweren oud model. In 1933 werden er 75 wapenen verantwoord. In 1934 was de meubelfabrikant Tino Deen commandant, Jan de Haas was secretaris. Er waren ongeveer 50 leden actief. Vanzelfsprekend moest men politiek betrouwbaar zijn, in 1933 werden van het lidmaatschap van de Burgerwacht uitgesloten alle personen die lid waren van een fascistische vereniging en zij die deelnamen aan tot dergelijke verenigingen behorende organisaties, aangeduid als 'militie', 'weer', 'garde' of anderszins. Tot de fascistische organisaties werden gerekend:
a. de Algemeene Nederlandsche Fascistenbond 'de Bezem' (de Baarsgroep)
b. de Algemeene Nederlandsche Fascistenbond (Haightongroep) c. het Nederlandsch Verbond van Nationalisten
d. het Verbond van Nationalisten
e. het Nieuw Verbond van Nationalisten
f. het Verbond van Nationaal Solidaristen in N.-Nederland g. de Nationaal Socialistische Arbeiderspartij (N.S.N.A.P.) h. de Nationaal Socialistische Partij (N.S.P.)
i. de Nationaal Socialistische Beweging (N.S.B.) j. de Nationale Unie
Enige Rhenense leden hebben begin 1934 bedankt in verband met hun lidmaatschap van de N.S.B. (groep Mussert).

In 1935 waren er 75 gewapende leden der Burgerwacht, met daarnaast nog 150 ongewapende leden. In de loop der jaren tot aan 1940 schommelen deze aantallen tussen 92 en 65 gewapende leden en 62 tot 48 ongewapende. De Burgerwacht oefende regelmatig: er was een schietbaan op Kwintelooyen, toen nog niet afgegraven. Ook vonden geregeld gewestelijke schietwedstrijden plaats. De wapens, munitie en legergoede ren moesten in de eerste dagen van de mobilisatie worden ingeleverd.

In juni 1940 moest Tino Deen wegens gezondheidsredenen ontslag nemen, hij werd opgevolgd door C. Smolders maar in de zomer van 1940 werd de Burgerwacht door de Duitsers opgeheven. Het uitreiken door de Burgemeester van medailles en herinneringskruisen aan de voormalige Burgerwachtleden werd door de Duitsers verboden."
» Deze reactie is geplaatst op 4 september 2004 11:03
Allert Goossens
De luchtwachtdienst sorteerde onder het commando Luchtverdediging. Het werd vooral bemand door burgers die je deeltijd militairen mocht noemen. Vanzelfsprekend vielen ze onder de krijgstucht, en bestond er hetzelfde rangenpatroon als bij het reguliere leger. De kaderleden waren meestal oud-militairen of ambtenaren. Hun opleiding was zeer beperkt, net als bij de vrijwillige luchtafweer dienst.

De luchtwachtdienst was een fijnmazige organisatie die over het gehele land was verspreid, en vooral langs de grenzen vele posten had (iedere kring had tientallen posten). Ze hadden vrijwel altijd bezit genomen van de meest hoge punten in de omgeving en installeerden daar hulpstukken (zoals windmeters, richtingmeters). De dienst was in kringen georganiseerd. Alle kringen waren aangesloten op het radionet. Een melding van een kring werd - indien belangrijk genoeg - over het radionet omgeroepen. Zodoende was binnen een paar minuten een melding van Uithuizen in Groningen in Den Haag bekend (en v.v.). De meeste kringen werden geleid door kapiteins, en het hoofd van de luchtwachtdienst was meen ik een kolonel. Dat Rhenen onder kring Arnhem viel zou kunnen. Op zich maakte het niet zoveel uit. De luchtwachtdienst had in principe alleen een waarschuwende taak. Die zat er wat Nederland betreft na 2.30 uur 10 mei wel op. Iedereen wist toen dat massaal het luchtruim werd geschonden.
» Deze reactie is geplaatst op 4 september 2004 12:59
Totaal berichten: 21
Bedankt heren , voor de aanvullende info!
Gr,Wim.
» Deze reactie is geplaatst op 5 september 2004 10:44
Totaal berichten: 23
E.A. staat in het "Gedenkboek" voor de vrijwillige landstormkorpsen Luchtwachtdienst en Luchtafweerdienst.
Hierin staat dat Rhenen onder Groep Utrecht viel.
Tevens is er een leden lijst met rangen per regio opgenomen.
(het boek heb ik nog niet gelezen)
» Deze reactie is geplaatst op 6 september 2004 12:26
» Dit onderwerp is gesloten
2554