Discussiegroep

Onderwerp: Wederwoord naar HP/De tijd

» Dit onderwerp is gesloten
Totaal berichten: 191
2.764 keer gelezen
3 reacties
Categorie: Overig Mei 1940
Op verzoek van velen volgt hierna het stuk dat ik naar HP/De Tijd heb gestuurd, na telefonisch contact met de redactie van dit tijdschrift. Daarbij is gevraagd het niet te bekorten.

Mythen van mei 1940?
Met verbazing nam ik kennis van het artikel "De mythen van mei 1940" in HP/De Tijd van 15 april j.l. Daarin reageert mijn oud-collega Jan Schulten zijn frustaties en naijver af op een wijze die psychosomatische vormen blijkt aan te nemen. Volgens hem zijn ‘historici van naam’ het met hem eens. Reacties van o.m. deze historici spreken een ander taal. Zoals geschiedkundigen verbonden aan het Bundesarchiv-Militärarchiv in Freiburg - die het boek GREBBELINIE 1940 door bemiddeling door de Duitse militaire attaché kritisch beoordeelden en nog ondersteunend materiaal toezonden, evenals die van de John Hopkins University in Baltimore. Bij het Instituut voor Militaire Geschiedenis in Den Haag bestaan na het verschijnen van het genoemde artikel ook gemengde gevoelens over het onwaardig gedrag van Schulten. Overigens was men bij de Hopkins University geïnteresseerd in de vertaling van mijn boek DE SLAG OM DE RESIDENTIE . Het is uiteindelijk uitgegeven onder de titel THE BATTLE FOR THE HAGUE en in handen gegeven van Gazelle Book Services. Het kreeg in de Ver.Staten onlangs een Award van de bekende Stone & Stone, als een van de acht hoogst gekwalificeerde oorlogsboeken in 2004. Waarom toch deze merkwaardige, onjuiste en vaak schofferende uitspraken van Schulten? Als mijn collega op de KMA zocht hij reeds graag de publiciteit met opstandige, negatieve uitspraken die tegen alle vroegere onderzoeksresultaten ingingen. De mij in die tijd voor mijn onderzoek en publicaties toegekende Prins Mauritsmedaille bekoelde bij hem onze vriendschap; hij vond dat hij en niemand anders die had verdiend. Kennelijk als reactie hierop werkte hij aan een dissertatie over de strijd in mei 1940. Daarbij werden uit de beschikbare documenten nagenoeg uitsluitend die gegevens geselecteerd die een zo negatief mogelijk beeld van het gebeuren opleverden. Mijn bezwaar dat dit geen wetenschappelijk verantwoorde werkwijze was, werd lachend terzijde geschoven. Anderen zouden dat toch niet doorzien. Over geschiedenis als wetenschap had Schulten overigens een denigrerende mening. Hij kon dat met de nodige humor vertellen. Zijn ‘dissertatie’ nam echter zulke kwetsende en onjuiste vormen aan, dat ik hem zei mijn bezwaren bij een eventuele promotie ter plekke kenbaar te maken. Dit beeindigde onze vriendschap definitief. Schulten reageerde woedend en zag zich kennelijk gedwongen om zijn plan te laten varen. Hij promoveerde later op een ander onderwerp: de geschiedenis van de Ordedienst, waarvan hij zeker was dat ik daarin niet was ‘ingevoerd’. Vermeden werd dat daarbij vertegenwoordigers van deze voormalige verzetsorganisatie aanwezig waren. Het proefschrift leverde bij verzetsmensen een storm van protesten op, maar het kwaad was reeds geschied. Met het artikel in HP/De Tijd ventileert Schulten thans zijn frustraties op mij. Het wemelt weer van onjuistheden en ‘natte kreten’. Enkele voorbeelden.

- Ik zou mij ten onrechte bijzonder medewerker van de Sectie Militaire Geschiedenis hebben genoemd. Deze kwaliteit werd mij destijds door het toenmalige hoofd van de sectie, luitenant-kolonel G.J.van Ojen gegeven, om het mogelijk te maken verslagen van eenheden en individuele militairen mee naar huis te nemen. Dit mede naar aanleiding van onderzoeken in de Sector Hoek van Holland en om Den Haag en mijn door hem gewaardeerde toezegging om ook verdere onderzoeksresultaten aan de Sectie af te staan. Ik doe dat nog tot op de dag van heden.
- De Nederlandse tegenstand zou zo gering zijn geweest dat het een probleem werd dat de Duitse opmars te snel verliep. Ik zou hem aanraden toch meer naar Freiburg te gaan. Is Schulten werkelijk zo onbelezen? Indien de Duitse luchtlandingen om Den Haag niet in een mislukking waren geëindigd, zou de strijd waarschijnlijk maar één dag hebben geduurd. In alle Duitse documenten die op hun opmars betrekking hebben spreekt juist grote bezorgdheid en angst dat men te laat zou komen. Steeds wordt op meer spoed aangedrongen. Zelfs Hitler maakte zich ongerust, getuige zijn Weisung nr. 11, waaruit ik het volgende citeer::
…het weerstandsvermogen van het Nederlandse leger is sterker gebleken dan werd verondersteld. Zowel politieke als militaire redenen vereisen deze tegenstand spoedig te breken. Het is de taak van het leger, de Vesting Holland met voldoende strijdkrachten uit zuidelijke richting, gecombineerd met een aanval tegen het oostelijke front, snel ten val te brengen (…) Bovendien moet de luchtmacht, onder bewuste verzwakking van de tot nu toe het 6e Leger steunende krachten, de snelle val van de Vesting Holland vergemakkelijken. (onderstreping van mij)
Dit is nog met tal van andere citaten uit de Duitse verslagen aan te vullen.
- Ik zou beweerd hebben dat 38 zwaar bewapende divisies ons land binnen vielen. Dat heb ik nimmer en nergens gesteld. Welke divisies en hoeveel: zie pag 256 (10e of 11e druk) van GREBBELINIE 1940. Waarom toch deze verzinsels?
- Schulten noemt het ‘Apekool’ als ik stel dat – naar tijd gemeten – de Nederlandse verliezen hoger waren dan die van de Engelsen en Canadezen tot 16 dagen na de invasie in Normandië. Ik raad hem aan het werk Memoires van veldmaarschalk Montgomery (pag 263; vertaling door de heren Kliphuis) er op na te slaan, dat de juistheid van mijn opmerking bevestigt..
- Over het bombardement op Rotterdam , een weldoordachte actie - stapelt Schulten de ene canard op de andere. Een citaat: uit Das deutsche Reich und der zweite Weltkrieg, uitgegeven door het Militärgeschichtlichen Forschungsamt:
Toen sterke tegenstand in Rotterdam de snelle bezetting van Nederland in gevaar bracht, beval Göring op de 14e mei een geconcentreerde luchtaanval op deze stad om een snellere capitulatie te bewerkstelligen. Volgens de aantekeningen van het hoofd van de Afdeling Operaties van de Luchtmachtstaf, generaal Von Waldau, bleef slechts deze radicale oplossing over.
Hoewel dit bombardement uitsluitend op de burgerbevolking en niet op de verdedigers langs de rivier was gericht, zou het geen terreur zijn geweest.

Zo kan men doorgaan. Het weerleggen van alle misvattingen en verdraaiingen van Schulten, de ontmaskering. van de door hem gecreëerde mythe van een Duitse militaire wandeling, zouden een brochure kunnen vullen. Frustratie, naijver en het ‘varen op ramkoers’ maken hem helaas onbekwaam om als historicus op te treden. De strijd in Nederland verdient een eerlijke beoordeling. Zo heeft in het bijzonder de Duitse nederlaag om Den Haag gevolgen gehad die zelfs internationaal van betekenis zijn geweest. De Studiengruppe Geschichte des Luftkrieges stelt b.v.:
De hoge verliezen aan mensen en materiaal die de operatie om Den Haag tot een mislukking stempelden, waarschuwde het opperbevel voor te ver gaande plannen als die voor Seelöwe (dat was de codenaam voor de Duitse invasie in Engeland; B.), Malta en Gibraltar.
Verstrekkende gevolgen had ook de decimering van de Duitse luchttransportvloot, die zich volgens maarschalk Kesselring en generaal Speidel nog vele jaren daarna deed gevoelen.
Lkol b.d. E.H. Brongers
» Dit bericht is geplaatst op 13 mei 2005 13:51
Totaal berichten: 44
Geachte heer Brongers,

Hoewel nog een beginneling in het metier, acht ik u zeer hoog en ben uw werk meer en meer gaan waarderen.

Met plaatsvervangende schaamte moet ik constateren dat er een polemiek is ontstaan over o.a. uw werk en persoon, over de rug van al diegene die wij recentelijk nog mochten herdenken.

Ik roep iedereen op alles in het werk te stellen, deze onfrisse situatie
prompt een halt toe te roepen.

Heb ik juist begerepen dat Jan Schulten deze publicaties verricht op persoonlijke titel, of doet hij dit vanuit een andere hoedanigheid ?

Ik stel dit op deze wijze aan de orde, omdat ik van mening ben, mocht Schulten nog werkzaam zijn, het moment daar is, dat hij door zijn superieuren ter verantwoording wordt geroepen.

Vrijheid van meningsuiting is een groot goed, -dat behoeft zeker in dit verband geen nader betoog- maar laten wij er allemaal voor zorgen dat met dit grote goed zorgvuldig wordt omgegaan en personen die ongebrijdeld onzin lopen te verklaren uit frustatie, stemmingmakerij, persoonlijke rancune of welke motivatie dan ook accuut de mond snoeren.
» Deze reactie is geplaatst op 13 mei 2005 19:49
Totaal berichten: 18
Ik denk dat we hierover heel kort kunnen zijn.

Als je een ronde over het internet maakt langs de nodige site's van games over WWII kom je steeds meer hollandse jongeren tegen die info aan het verzamelen zijn om voor de games scenario's te maken over mei 1940 of de meidagen bespreken. Ik dus ook.

En wiens naam en boeken kom je steeds weer tegen???????
U mag nooit meer raden. Geen De Jong, geen Amersfoort, geen Schulten, maar.....

Het is wat dat betreft leuk om te zien dat de jeugd nog steeds betrokken is en weet waar het informatie moet zoeken. En al dat politiek correcte en negatieve laat liggen waar het vandaan komt..... links.
» Deze reactie is geplaatst op 16 mei 2005 23:53
(redactie)
Totaal berichten: 846
In HP/De Tijd van week 21 (27 mei 2005) stonden zowel de ingezonden brief van dhr. Brongers als van Allert Goossens (namens Stichting De Greb) met een korte reactie van Kees van Oosten:

Naschrift Kees van Oosten op brief van Brongers:
Het verwijt dat overste Brongers nooit een binding heeft gehad met de sectie militaire geschiedenis, komt niet uit de koker van dr. Jan Schulten, maar is afkomstig van prof. dr. Herman Amersfoort. Dat staat ook heel nadrukkelijk in het artikel. Het verhaal over de immense legermacht die zich op Nederland zou hebben gestort, komt uit het boek Bericht van de Tweede Wereldoorlog, met een voorwoord van premier Willem Drees. Aan dat boek werkten een groot aantal auteurs mee, onder wie majoor E.H. Brongers. In zijn boeken heeft hij dat beeld wat bijgesteld. Brongers heeft wel gelijk als hij stelt dat de aanval op het regeringscentrum Den Haag een complete mislukking was. Dit hoofdstuk heb ik geschrapt, omdat het verhaal te lang was. Het ging immers over mythen.

Zonder bovenstaande reactie te willen bekritiseren is het wel spijtig dat Kees van Oosten zich heeft gebaseerd op het werk "Bericht van de Tweede Wereldoorlog". Ik heb het ook compleet in de kast staan, voor 5 euro op de rommelmarkt gekocht (makes you think...). De teksten (die volgens mij nog steeds in dezelfde vorm gebruikt worden in de recentere uitgaven van deze serie) stammen uit de jaren 1965 - 1970 (lees voorwoord van Dr. W. Drees). In de periode daarna is er een hoop kennis opgedaan door alle partijen en de onlangs opnieuw gepubliceerde werken (maar ook de oudere werken) van Brongers bevatten wel de correcte gegevens wat beteft de "immense legermacht".

Zie ook de ingezonden brief van Allert Goossens namens Stichting De Greb: http://www.grebbeberg.nl/index.php?page=forum_discussiegroep&item=7371&group=1&view=3
» Deze reactie is geplaatst op 4 juni 2005 14:30
» Dit onderwerp is gesloten
2554