Discussiegroep

Onderwerp: Hoe konden de Nederlanders nog enige tijd standhouden?

» Dit onderwerp is gesloten
Totaal berichten: 1
2.708 keer gelezen
14 reacties
Categorie: Slag om de Grebbeberg en Betuwestelling / Gevechten en gevechtsomstandigheden
Wij zijn bezig met een rapport over de zin/nut van de Slag om de Grebbeberg. Wij zijn benieuwd wat de verschillende kenners denken bij de volgende vragen:
1. Speelden de mentaliteitsverschillen tussen de Nederlanders en de Duitsers mee in het verloop van de strijd?
2. Hoe was het mogelijk dat de numerieke overmacht van de Duitsers relatief veel moeite had met de Nederlandse stellingen?
» Dit bericht is geplaatst op 22 december 2005 15:59
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
1. Mentaliteitsverschillen

Vanzelfsprekend speelden mentaliteitsverschillen een rol, zoals ze in alles in het leven een rol spelen.

De eerste twee dagen van de slag werd door de Waffen SS opgetreden tegen de verdedigers van de voorposten en de frontlinie. Deze SS troepen waren in 1940 en de jaren ervoor heel grondig getraind op fysieke en mentale weerbaarheid. In die periode kan men de Waffen SS met enige reserve elitaire vechttroepen noemen, zeker als het betreft de eigenschappen die men bezat om stormenderhand vijandelijke posities in te nemen. Het SS adagium "Schweiss spart Blut" [Zweet scheelt bloed] werd in die dagen fanatiek gepredikt en uitgevoerd. Dit betekende wel dat relatief zware verliezen werden geleden, met name ook onder hun onderofficieren en subalterne officieren omdat deze geacht werden de troepen voor te gaan. Hun fanatisme gekoppelde aan mentale hardheid en overtuiging van hun bezigheid was in de meeste gevallen belangrijk beter dan die van de Nederlandse burgersoldaten. Desondanks moet dit element wel in perspectief gezet worden. Na een dag oorlog is een burgersoldaat veelal ook een geharde soldaat geworden, als de vuurdoop goed is doorstaan. We zien dit terug in vele verslagen van de meidagen. Soldaten die op 10 mei nog pril in het soldatenleven stonden waren op 14 mei niet zelden geharde veteranen. Mentaliteit in combinatie met geoefendheid zijn essentiele elementen voor het goed en kundig opereren van een leger. De SS'ers wonnen op beide punten met afstand van ons leger, met enkele uitzonderingen aan beide zijden.

2. Numeriek overmacht Duitsers

Het is een wijdverbreid misverstand dat de Duitsers numeriek overwicht hadden. Wel is het zo dat uit de aard van hun tactiek van geconcentreerde aanvallen op een of meerdere punten van een voorbereide verdediging een PLAATSELIJK overwicht werd bereikt, maar daar staat te allen tijde tegenover dat een aanvaller zich bloot dient te geven terwijl de verdediger in de regel zich al verschuilend kan verdedigen. Die zaken kan men niet zonder meer los van elkaar zien.

De Nederlandse legermacht was zowel qua manschappen als qua artilleriestukken minimaal gelijkwaardig aan de Duitse macht. Numeriek [lees: op papier] was op 13 mei zelfs duidelijk sprake van een Nederlandse overmacht. Echter, de aard van de Nederlandse stellingen was zodanig dat slechts weinig troepen in de linie konden worden gestationeerd. Als men de Duitse offensieve acties in ogenschouw neemt, en daarbij de Nederlandse verdediging beschouwt op aanwezige troepen in de eerste lijn, dan was er telkens sprake van grote lokale Duitse overmacht.

De hoofdreden waarom met name op de eerste dag de opmars traag verliep lag niet zozeer in de felheid van het Nederlandse verzet, maar vooral in de aard van het terrein. De voorpostenstrook was vol obstakels en bossages. Aan een kant werkte dit in Duits voordeel [gebrekkig zicht en vuurplan van de NL; gedekte nadering mogelijkheden Duitsers], anderzijds in hun nadeel [geen zicht op goed gecamoufleerde NL stellingen]. De SS was daarbij grotendeels onervaren in de strijd. De Standarte Der Führer ontving haar vuurdoop bij de aanval op Fort Westervoort op 10 mei. Ze werd daarbij slechts ten dele ingezet. Voor veel militairen was de aanval op de Grebbeberg hun feitelijke vuurdoop.

De aanval op de frontlijn verliep relatief snel. In twee uur tijd veroverde de SS het Hoornwerk en de zuid-oost flank van de Grebbeberg. Vanwege de inspanning en versnippering hergroepeerde men hierna en nam voorbereidend stelling op de oostflank van de berg in afwachting van NL tegenmaatregelen. Die kwamen ook, zij het later in de middag van de 12de. Ze mislukten jammerlijk. Pas in de vroege avond hervatte de Duitsers de aanval en stelden de noordoost flank van de berg veilig. Het kostte hen slechts 4 uur netto strijd om de frontlijn bij de Grebbeberg vast in handen te krijgen.

De aanval op de stoplijn werd door de Wehrmacht uitgevoerd. Dit was het 322ste Regiment van de 207 ID. Deze militairen gingen beduidend minder voortvarend en professioneel te werk, en waren kwalitatief zeker niet veel beter dan de NL militairen. Dit regiment verloor minstens zoveel militairen in die ene actie als de Standarte in drie dagen oorlog verloor. De gevechten duurden ook veel langer. Tussen 's morgensvroeg [13 mei] en 's avonds rond 1700 uur. In die tijd stelde dit regiment de stoplijn veilig en de westrand van de Grebbeberg. Een Nederlandse compagniesactie wist hen zelfs tijdelijk van de zuidwest rand van de Grebbeberg te verjagen. Inmiddels had het NL leger de Grebbelinie ontruimd.

In zijn algemeenheid dient voorts te worden opgemerkt dat de Duitse artillerie weliswaar vrij intens heeft bijgedragen aan de slag - hoewel onvergelijkbaar tot latere slagen in de oorlog - maar dat de slag vrijwel zonder enige luchtsteun is gevoerd, hetgeen elders totaal anders was. Als men een andere voorname slag neemt, die bij Sedan in Frankrijk, dan kan men zien dat die slag vrijwel 100% door de tactische Luftwaffe eenheden werd gewonnen. Op de Grebbeberg werd alleen op de 13de mei tactische luchtsteun ontvangen, maar toen was de facto de stoplijn al beslissend doorbroken en de grote tegenaanval al vastgelopen.

Men kan vaststellen dat de Duitsers bij de Grebbeline nogal omzichtig en voorzichtig te werk zijn gegaan, zonder dat zij de luchtsteun kregen die hen vrijwel zeker eerder succes zou hebben opgeleverd.
» Deze reactie is geplaatst op 22 december 2005 16:28
Totaal berichten: 191
Het sprookje van een kwantitatieve Nederlandse overmacht is reeds lang geleden ontkracht. Ook in mijn werk GREBBELINIE 1940 is dat n.m.m. overtuigend aangetoond; zie de 10e en 11e druk pag 255-257. Het is daarna niet meer met goede argumenten ontkend.Een herhaling van de door mij genoemde feiten lijkt mij met verwijzing naar het boek niet nodig.
» Deze reactie is geplaatst op 22 december 2005 17:28
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
Het draait om nuances als men het verhaal van overmacht bespreekt.

Slechts als men de gehele Duitse 207de divisie en de gehele SS Standarte rekent tot de legermacht die de Grebbeberg aanviel dan was er sprake van Duitse overmacht. Het is echter nooit zo geweest dat de gehele 207.ID tegelijk in de strijd is geweest.

Aan Nederlandse zijde is het tevens zo dat er weliswaar op papier een aanzienlijke troepenmacht lag, maar dat telkens slechts een klein deel in de voorste linies actief kon worden ingezet. Tijdens de Duitse offensieve acties was er - zoals ik eerder zei - consequent sprake van een Duitse overmacht, in veel gevallen zelfs een overweldigende overmacht. De zeer beperkte capaciteit van onze stellingen was hier vooral debet aan. Doordat de Duitsers op kleine frontgedeeltes [Nederlandse maat: compagniesvak] op bataljonssterkte opereerden waren zij lokaal vaak in een overmacht van ongeveer 1:3 tot 1:4 aanwezig.

Qua vuurkracht was de Duitse artillerie superieur, maar niet qua aantal. Sterker nog, een groot deel van de strijd had Nederland meer vuurmonden in het divisievak paraat dan de Duitsers. Het verschil in vuurleiding alsmede het verschil in technische capaciteiten gaf de Duitsers aanzienlijk overwicht. In de zin van zwaardere infanteriewapens zoals lichte- en zware mitrailleurs en mortieren was een grotesk voordeel aan Duitse zijde aanwezig; ten aanzien van licht veldgeschut een vrij groot overwicht.

Als we echter kijken naar troepenmachtverhoudingen in het tweede echelon, dan heeft Nederland bij de slag om de Grebbeberg vrijwel steeds een overmacht aan troepen in dit gebied gehad. De Duitse troepen achter het front waren veel verder verwijderd van de eerste echelons. Dit wil echter niet zeggen dat de slagkracht van die Nederlandse troepen groter was of van enig belang is geweest. Een groot deel van de troepen was vaak hetzij in een eerder stadium gedecimeerd teruggeslagen, hetzij gearriveerd na lange marsen. Vaak ook werd niet of onvoldoende gebruik gemaakt van de troepen of waren zij na een missie langdurig los van enig (commando)verband. De Nederlandse troepen werden dan ook - met uitzondering van de grote tegenaanval op 13 mei - in kleine verbanden ingezet, terwijl de Duitse troepen tenminste op bataljonsniveau maar meestal op regimentsniveau opereerden. Door dit laatste ontstonden snelle en essentiele krachtsverschillen.
» Deze reactie is geplaatst op 22 december 2005 18:01
Totaal berichten: 17
Ik kan mij grotendeels wel vinden in het beschrevene. Echter denk ik dat er twee zaken voor het Duitse leger en Duitse denken daarbij extra gelden.

Duitsland heeft van ouds her een ingeburgerde "Militaire Traditie". Deze traditie was en is Nederland vreemd.

Voor een korte tijd, interbellum, heeft men getracht, door Duitsland een staand leger te ontzeggen, deze militaire macht in denken en in effectiviteit te breken.

Echter, het beroepsleger van een 100.000 man werd ook toen geleid door officieren welke gevechtservaring hadden, en bleven "studeren" op de moderne oorlogsvoering.
(Vele officieren hebben het interbellum gebruikt om gevechtshandleidingen te schrijven, die daarnaast zelfs onder de burger bevolking vreselijk populair waren)

Wat mij brengt op mijn tweede punt, de gevechtservaring. Spanje, Sudetenland, Oostenrijk, Polen enz, heeft de Duitse soldaat ervaring op kunnen doen. Feitelijk waren zij daardoor "gehard" in de strijd. Met ervaring bedoel ik niet dat elke Duitse soldaat op de Grebbeberg reeds onder vuur had gelegen, maar meer in het overbrengen van de ervaring, directe leiding in het veld door (sub)commandanten.
» Deze reactie is geplaatst op 23 december 2005 08:26
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
Eugene heeft gelijk in zijn opmerkingen. We moeten alleen oppassen ons leger of onze landgenoten als non-militair af te schilderen. Tijdens de meidagen zien we al dat enkele eenheden die om wat voor reden (per ongeluk ben ik geneigd te zeggen) goed getraind en geleid werden niet onderdeden voor Duitse eenheden. Het Nederlandse leger was en is uitstekend in staat als een professioneel leger op te treden waarbij ze voor weinigen hoeven onder te doen. De Pruisische traditie wordt in die zin wel eens overdreven. Wel is het zo dat ten aanzien van basismentaliteit inderdaad de Duitsers meer een legervolk had en ook vooral meer offerbereidheid kende.

De militaire traditie was ons land tot en met de 19de eeuw alles behalve vreemd. Sporen daarvan zien we vooral terug in de traditionele onderdelen zoals artillerie en cavalerie. Door een langdurige periode van vrede sleet die traditie echter sterk en was de pacifistische mentaliteit ons land eigen geworden - over het gehele politieke spectrum gemeten.

Qua gevechtservaring heeft Eugene ook een punt, maar het blijft een feit dat de Standarte die bij de Grebbeberg vocht, vooral onervaren soldaten in de gelederen had. Onervaren in de zin als "ongedoopt". We zien echter in ons leger dat KNIL militairen - waarvan ongeveer een 70-tal in kaderfuncties in NL vocht tijdens de meidagen - heel herkenbaar beter functioneerden. Daaruit blijkt dat gevechtservaring - binnen welk theater dan ook - inderdaad een voornaam stuk bagage is als het aankomt op fuinctioneren onder vuur van de vijand.
» Deze reactie is geplaatst op 23 december 2005 09:46
Totaal berichten: 17
Allert,

Mee eens. Ter onderstreping lijkt mij dat er een psygologisch effect is over troepen in het algemeen, ongeacht nationaliteit, welke de "vuurdoop" nog moeten ondergaan wanneer er enkelen zijn met de gevechtservaring.

Toch wil ik hier ook een gooi doen specifiek naar vraag 2. Wat Brongers, door sommigen soms te overdreven met zijn boeken doet, aantoont is dat de Duiters het Nederlandse leger, lees de individuele soldaat, heeft onderschat. Of, omdraaiende, dat de Nederlandse soldaat, en met hem de leiding, uit veel beter hout gesneden was dan de direct naoorlogse geschiedschrijving deed vermoeden. (ook niet o.a. de basis van deze site en stichting?)
Dit i.t.t. wat andere moderne schrijvers en onderzoekers ons willen laten denken. Jammer, nog steeds. Ik vraag me af waar dat toch steeds maar weer vandaan komt?

Als tegenstelling tot de Grebbeberg: na de D-Day landingen was er een geällieerd overwicht in mens en materiaal. Toch heeft Monty bijna daar zijn reputatie verspeelt want hoe was het mogelijk dat Caen maar niet genomen kon worden? Misschien is de feitelijke vergelijking met de Grebbeberg ver gezocht, echter wanneer het gaat om mentaliteit denk ik dat er wel een vergelijking te maken valt?
» Deze reactie is geplaatst op 23 december 2005 13:28
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
Ik geloof niet dat Duitsland ons leger onderschatte. Wellicht overschatten ze wel hun eigen kracht. Dat is een nuance verschil. De Duitsers hebben met de actie rond Den Haag bewust gegokt, hun inschatting [vanuit Kriegspiele] van de zuidelijke push was zeer accuraat [drie dagen], en hun strategie klopte als een bus. De inschattingen aan Duitse zijde van hun logistieke voortgang lijkt me bijvoorbeeld een zaak van overschatting van eigen vermogen.

Ik denk dat alleen Rotterdam echt een doorn in het oog is geweest. Het feit dat daar de actie bijna mislukte in Rotterdam zelf heeft hier en daar wel een aspect van onderschatting van de Nederlandse tegenstand. Maar het respect dat met enige regelmaat over de Nederlandse prestatie is uitgesproken doet me meer neigen naar de kwalificatie "hoffelijkheid" dan dat dit nu typeert hoeveel ontzag de Duitsers voor ons leger hadden.

Caen valt denk ik buiten het bestek van dit forum. Kort gezegd vind ik het ook niet vergelijkbaar. Los van het feit dat Caen zeer strategisch gelegen was en door bijzonder goede Duitse troepen [o.a. SS HJ divisie] werd verdedigd, gaat de vergelijking mank. Het was een totaal andere setting, met twee ervaren en ruimschoots uitgeruste tegenstanders. Daarnaast ben ik geen bewonderaar van Montgomery als veldcommandant. Ik vind dat de man in al zijn veldcommando's min of meer faalde in tactisch vernuft. Caen is maar een van de voorbeelden.
» Deze reactie is geplaatst op 23 december 2005 13:44
Totaal berichten: 17
Daar verschillen wij dan van mening. Mijn visie t.a.v. de het tijdvak mei '40 over het geheel genomen is de volgende.
M.i. hebben de Duitsers in Nederland m.n. sprongsgewijs geopereert. Hogere commandanten, en de commandanten ter plekke hebben niet het élan getoond dan die van hun directe collega's in Polen en binnen het tijdvak zoals bijvoorbeeld in Frankrijk.
Wanneer de tegenstand maar even "fel" was aan Nederlandse zijde, werd pas op de plaats gemaakt en zwaarder materieel aangevoerd. Voorbeelden te over.
Dit geeft mij een beeld dat men dacht er wel even door heen te kunnen, en dus een onderschatting.
Corrigeer me wanneer ik het fout heb, echter, de drie dagen wat berekend was, was dat niet het maximale tijdspad? Wat Rotterdam betreft jij daarmee correct zat, echter juist daardoor wel de drie dagen grens ernstig werd verstoord? Waardoor er dus van een feitelijke onderschatting gesproken kan worden? Neen, wat mij betreft mag je van mij dus de nuance laten vallen.

W.b. Caen, zoals ik al zelf aangaf, geen vergelijking met de Grebbeberg, echter het psygologische effect. Ik ben ervan overtuigd dat de Nederlandse soldaat een laat ze maar komen mentaliteit had. De reputatie van de Duitse agressie was immers reeds bekend voor de inval in Nederland.
(v.w.b. Monty, helemaal eens)

Wanneer je stelt dat de Duitse strategie sloot als een bus, kun jij dan aangeven over welk deel je het hebt? De Landingen rond Den Haag, de zuidelijke stoot, of de combinatie? Lezende ben ik geneigd het niet eens te zijn met deze stelling.
» Deze reactie is geplaatst op 23 december 2005 14:22
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
Ik denk dat je nu twee zaken aan elkaar verbindt die niet noodzakelijkerwijs gekoppeld zijn. Je hebt gelijk als je stelt dat op sommige tonelen gedoseerd werd opgetreden, maar dat is niet automatisch verbonden met onderschatting. Dat heeft denk ik meer te maken met tactische elementen.

De Duitsers traden in hun offensieve acties vooral in grotere verbanden op tegen gefixeerde doelen. Met groter verband bedoel ik dat men in de regel minimaal op bataljonsniveau maar vaak zelfs op regimentsniveau optrad. Daarnaast hing men de tactiek van gecombineerde wapenen aan wat inhield dat een terdege voorbereiding van andere dienstvakken vereist was. Tenslotte is het gereedstellen van een aantal bataljons geen kwestie van ëven regelen". De Duitsers traden daarom gefaseerd op, waarbij telkens organisatie en reorganisatie zorgden voor langdurige intervallen. In de regel was het ook zo dat de grotere offensieve acties vaak succesvol waren. Zo zien we aan de Grebbe dat drie opeenvolgende grote acties zorgen voor de inname van de voorposten, frontlijn en stoplijn. Alleen de actie aan de frontlijn verliep in twee fasen. In al deze gevallen was van onderschatting weinig sprake.

De vertraging die de Duitsers voorts opliepen was heel sterk logistiek-organisatorisch ingegeven. Zo waren de effecten van de vele opgeblazen bruggen aan de Maas- en Ijssellinie - alsmede in de Noordelijke provincies - de oorzaak voor veel vertraging. In het noorden is op 11 mei bijvoorbeeld amper gevochten. Die dag had de Duitse divisie geheel nodig voor logistiek en ontplooiing.

In het zuiden verliep de opmars de eerste dag stroef door de enorme logistieke chaos aan Duitse zijde. Men had het probleem dat alle divisies een eigen vak toegewezen hadden gekregen waarbinnen men zelfstandig voor overgangen zorg moest dragen. Toen in het zuiden alle acties tegen de bruggen bij Maastricht mislukten ontstond een enorm logistiek probleem in het zuiden dat langs het gehele Maas- en Ysselfront gevolgen heeft gehad. We zien zelfs dat de 227.ID op 10 en 11 mei onvoldoende brugslag had om het Apeldoornse kanaal voorspoedig over te steken. Daarom kwam de divisie in feite pas op 12 mei tot ontplooiing bij de Grebbelinie.

In het zuiden hebben de Duitsers na de doorbraak bij Mill - die feitelijk zijn beslag pas kreeg in de nacht van 10 op 11 mei - hun uiterste best gedaan zo snel mogelijk op te trekken. Daarbij mochten echter de onderlinge verbanden niet teveel worden opgerekt omdat men zich hoede voor het behouden van tactische verbanden in verband met de aanwezigheid van de Fransen. Daarbij heeft men geen enkel moment getemporiseerd, maar was men wel menigmaal afhankelijk van de logistieke mogelijheden. Die waren zeer beperkt.

Het Nederlandse front had - met uitzondering van de tijdige koppeling met de kwetsbare luchtlandingstroepen - geen noodzaak tot overgrote haast. Dit was wel het geval in Frankrijk waar de stoot naar de kust zo snel mogelijk moest worden uitgevoerd om maximaal rendement te behalen. De voortvarendheid van Guderian en Rommel kan dan ook onmogelijk worden vergeleken met de Duitse modus operandi elders. We zien in België zelfs dat het centrale front pas op de plaats maakte om de Geallieerden niet eerder Frankrijk uit te werken dan dat zij opgesloten waren vanuit het zuiden en noorden. Dat alles heeft niets uit te staan met onderschatting van de tegenstander; ik zou zelfs zeggen eerder met overschatting, zeker daar waar het de Fransen en Britten betrof.

In Nederland is veel verwarring ontstaan in (geschied)schrijving omtrent de vermeende haast van de Duitsers en de tegenvaller van de vijf dagen oorlog. Dat misverstand lijkt vooral te berusten op een ander misverstand, en dat is dat de actie rondom Den Haag hoofdstrategie was. Dat was deze uiteraard niet. Het was een actie met een zeer hoog opportuun gehalte waarvan de Duitse staf de haalbaarheid zeer twijfelachtig vond, maar waarvan Hitler en Student veel meer verwachtingen hadden. De actie rondom Den Haag stond dan ook vooral los van die rond Rotterdam. Die rond Rotterdam en het zuidfront was wel essentieel en die strategie slaagde met glans.

De drie dagen waren vooraf berekend als de maximale tijd dat de luchtlandingstroepen het bij Moerdijk zouden kunnen uithouden, mede gezien de verwachte Franse tegenactie. De Duitsers hebben hier wel mazzel gehad. Als de Fransen wat meer ballen hadden gehad was het bruggenhoofd bij Moerdijk opgerold op 11 mei. Dan hadden de zaken er heel anders voorgestaan, hoewel de uitkomst niet veel anders was geweest.

De Duitse strategie aan het noordfront slaagde ten dele, maar was de meeste ondergeschikte component. In het centrale deel slaagde de strategie, zij het dat men al na twee dagen had verwacht door de Grebbelinie te zijn geweest. Dat heb ik altijd een vorm van overschatting van eigen kunnen gevonden, zij het subsidiair. Ook de centrale stoot was ondergeschikt, maar had bij het mislukken van de acties aan het zuidfront eenvoudig tot hoofdstoot kunnen worden gepromoveerd. Als dat zo was geweest was de Grebbe beslist eerder gevallen. De acties en strategie aan het zuidfront na doorbreken van de Maaslinie klopte natuurlijk tot in de puntjes, waarbij - zoals gezegd - een dosis geluk hielp. Maar fortuin en overwinning gaan in de krijgsgescheidenis vaak hand in hand.
» Deze reactie is geplaatst op 23 december 2005 16:29
Totaal berichten: 3
Beste Allert,

Je reactie op de post levert als vanzelf de volgende prikkelende vraag op - in de traditie van de 'what if?'-geschiedenis: wat als de Nederlandse strijdkrachten op de Grebbeberg met name op 13 mei wel tactische luchtsteun zou hebben ontvangen? Dit even puur hypothetisch; wat zou je inschatting zijn van wat de gevolgen zouden zijn geweest?
» Deze reactie is geplaatst op 24 december 2005 14:31
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
Hmm, mijn opmerking over Tactische Luchtsteun betrof vooral de Duitse zijde. Aan Nederlandse zijde hadden wij geen echte mogelijkheden voor effectieve tactische luchtsteun. Die moest komen van oude C-V en C-X en die hadden zeer beperkte mogelijkheden [resp. 200 en 400 kg bommen]. Daarnaast is het veel lastiger een verspreid opgestelde en deboucherende strijdmacht effectief aan te vallen dan een geconcentreerde verdediging [voornamelijk in bekende linies en versterkingen]. Meer aanvallen van onze luchtmacht waren een druppel op een gloeiende plaat geweest. Vermoedelijk was alleen het effect op het moreel van de mannen in de loopgraven merkbaar geweest.

Tactische luchtsteun had iets kunnen uitmaken in marginale zin. Voor de uitkomst van de slag had het werkelijk niets uitgemaakt. Daarentegen ben ik overtuigd dat als de Duitsers Stuka's op 12 mei hadden ingezet ze op die dag dwars door de stoplijn waren gerend. Het ontbreken van toegezegde luchtsteun kwam door het feit dat de tactische luchtmacht van de Duitsers nog niet erg groot was en de inzet vooral geconcentreerd werd in Belgie en Frankrijk. In feit waren maar twee Gruppen voor ons land bestemd, en dan wel voor het zuiden. I en II StG77 en incidenteel IV/LG1. Maar alle drie werden ook gelijktijdig boven België ingezet.

De Grebbelinie was - zeker bij Rhenen - bijzonder kwetsbaar geweest voor het Duitse tactische luchtwapen. Schaarste aan Duitse zijde [die ontstond door de vereiste van "combined arms" en dus voldoende aanvalsvliegtuigen bij voorname strategische aanvallen] zorgde ervoor dat de Grebbelinie massale vernietiging vanuit de lucht bespaard is gebleven.
» Deze reactie is geplaatst op 24 december 2005 14:41
Totaal berichten: 17
Allert,

Het was even stil i.v.m. de kerstdagen, hierbij danook aan een ieder de beste wensen.

Ik heb besloten om e.e.a. wat nader toe te lichten als toevoeging en ook als inleiding van mijn eerdere opmerkingen.

Sinds een aantal jaren bezoek ik regelmatig jullie site, puur uit intresse. Ik vind het namelijk machtig te lezen dat er mensen tot op detail niveau zaken uitspitten t.a.v. Nederland in mei '40 en de Grebbelinie(berg) in het bijzonder.
Ik weerhoud mij vaak van commentaar, en heel af en toe laat ik wat vallen, tot voor kort ik me toch heb laten "verleiden" tot een inhoudelijke discussie. De hoofd reden om mij niet te mengen in de discussies heeft als achtergrond dat ik gewoon weg te weinig weet over de Duitse inval in Nederland op detail niveau en me alleen kan mengen in discussie gevoerd op hoofdlijnen.

Mijn expertise, als je daar al over mag spreken, ligt op detail niveau bij de persoon Rommel.

Misschien kun je daarom mijn opmerking over het élan, nu in beter perspectief plaatsen.

Mijn intresse in de Nederlandse strijd is mij met name gegeven door mijn vader. Hij was een oudberoepsmilitair, en een directe collega van de heer Brongers. Ik heb danook een drietal keren met de heer Brongers mogen spreken, echter helaas niet inhoudelijk over zijn expertise.

Echter, nu terugkomende inhoudelijk, ben ik niet geneigd mee te gaan in jouw statement dat de landingen in en om Den Haag en Rotterdam niet de hoofdstrategie was. Puur vanwege het feit dat de Duitse legertop tot de inzet had besloten van hun luchtlandingspotentiëel maakt het op dat moment de hoofdstrategie!

Daarnaast mag je stellen dat de hoofdstrategie verre van optimaal verliep. Troepen waren verspreid, en geïsoleerd. Landingsplaatsen waren herovert, en je kan stellen dat Student naast het overzicht ook de controle kwijt was.

Vanaf het begin af aan was Rotterdam de sleutel om tot de ontzetting van de luchtlandingstroepen te komen, voor de centrale stoot was dat de Grebbeberg, de noordelijke de afsluitdijk.

Want als ik me niet vergis hadden alle drie de acties 1 uiteindelijk hoofddoel: het bereiken van de vesting Holland, en dus daarmee het ontzetten van de twee divisies van Student.

Ik ben ervan overtuigd dat het frusterend was dat voor de Duitsers de derde dag, de logistieke derde dag, kwam en ging. Dat maakte de noodzaak om bij de belergerde troepen te komen nog evidenter. Men heeft het Nederlandse leger daarom onderschat.

Mijn uitstapje naar Rommel, ben het niet eens met jouw alinea, was puur om aan te geven dat hij het élan wel had. De stoot naar de kust was niet die van hoe sneller hoe beter. Sterker nog, Rommel is tijdens zijn campagne meerder malen hardhandig op de vingers getikt, en moest een aantal malen halt houden. (uiteraard vond Hiltler het prachtig wat hij deed) Met zijn "individuele" acties dreigde hij juist de overall strategie om zeep te helpen.
» Deze reactie is geplaatst op 29 december 2005 10:57
Totaal berichten: 23
Standhouden.

Aan het einde van dit gedenkwaardige jaar laat ik me snel verleiden tot een reactie.
Allereerst grote dank aan Rutger, Allert en de anderen, die het mogelijk hebben gemaakt om het "gezin grebbeberg.nl" te vergroten met dordtopenstad.nl. Vervolgens is er nog een complete vertaling van de meidagen-historie online gezet, Rutger heeft een zoon gekregen (en raad eens hoe die heet....), er is van server verhuisd en zo te zien hebben velen nog veel tijd over om veel commentaar op dit forum te brengen. En dat allemaal buiten werktijd, zonder enige beloning laat staan erkenning.

Zelden in de historie van de krijgsgeschiedenis hebben zovelen zoveel te danken aan zo weinigen.

Ook door de inbreng van forianen zijn heel veel feiten belicht, die kosteloos door anderen kunnen worden gebruikt om hun zienswijze op de historie van destijds te verruimen.
Persoonlijk heb ik nimmer zoveel geleerd over mei'40 als in het afgelopen jaar. Meer, dan in de voorafgaande decennia.
De heren worden bedankt.

De Nederlandse krijgsmacht heeft in z'n lange historie nimmer een slag gewonnen.

Dat begon met het verlies van Belgie en duurde tot en met Srebrenica.
Een veldslag winnen is ondanks veel goede bedoelingen blijkbaar onmogelijk.
Zelfs vrede handhaven lukt niet (Libanon, Srebrenica).

De tijdslijn volgende via mei 40, Javazee, Indie, Nieuw Guinea, Libanon, de Balkan, zie je vergelijkbare beelden.
Meestal met een grote persoonlijke inzet.
En vrijwel altijd zonder resultaat.
Met een treurig stemmend aantal slachtoffers.

Om de oorzaken te kennen moet je eindeloos, wetenschappelijk, analyseren.
Met hoor, tegenhoor (wederhoor), bronnen en verificatie.
Denken dat de waarheid geschreven wordt, blijkt veeal een misverstand.
Dankzij een open forum kan de analyse worden verrijkt.
Als we tenminste de moeite nemen om enige afstand te bewaren van het opdringen van eigen denkbeelden.

Op grond van de huidige bekende feiten kunnen we vaststellen, dat het Duitse leger nauwelijks vertraagd is, laat staan tegengehouden, door de Nederlandse strijdmacht in 1940.

De luchtlandingen rond Den Haag waren bedoeld, om de strijd verder te kunnen bekorten naar, op dat moment, het Deense voorbeeld.

Ware dat gelukt, dan waren het Nederlandse opperbevel, regering en vorstin al in de ochtend van 10 mei overmeesterd. De kans, dat de vaderlandse strijdmacht dan zelfstandig verzet zou plegen, werd gering geacht.

In die zin had een overmeestering op 10 mei veel nodeloze slachtoffers vermeden. Het is daarom best begrijpelijk om zo'n creatieve poging te wagen.

Daarnaast was de opmars van de landstrijdkrachten gewoon volgens plan gestart. Lukte ""Den Haag", dan was dat meegenomen natuurlijk.
Lukte ""Den Haag"" niet, nou ja, jammer dan.

De rest is geschiedenis.
Een discussie over een Duitse hoofd-of bij-strategie is naar mijn idee geen zinvolle verrijking van bestaande gezichtspunten.

Hoe konden de Nederlandsers zo lang standhouden ?
Omdat een nog snellere uitschakeling vrijwel onmogelijk was.

Ik wens alle medewerkers van www.grebbeberg.nl veel motivering om door te gaan met het blootleggen van alle denkbare details over de strijd in mei'40 in ons land.
Gereinigd van propaganda, retoriek en zelfingenomenheid.
Blijf open voor andere opvattingen en blijf dus kritisch op eigen werk.

...en wees voorzichting met explosieven rond deze jaarwisseling.

Mannen.
Standhouden.
» Deze reactie is geplaatst op 29 december 2005 13:24
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
Eugene - je postings worden zeer gewaardeerd. Uitwisseling van gedachten en visies is altijd goed - ook als mensen het niet eens worden; het verrijkt desondanks.

Ik denk dat ik nog een ding moet zeggen in reactie op je bijdrage. Strategie is door Carl von Clausewitz omschreven als:

"Die Strategie ist der Gebrauch des Gefechts zum Zweck des Krieges; sie muß also dem ganzen kriegerischen Akt ein Ziel setzen, welches dem Zweck desselben entspricht, d. h. sie entwirft den Kriegsplan, und an dieses Ziel knüpft sie die Reihe der Handlungen an, welche zu demselben führen sollen, d. h. sie macht die Entwürfe zu den einzelnen Feldzügen und ordnet in diesen die einzelnen Gefechte an."

Kortom - de luchtlandingen waren geen hoofdstrategie. De luchtlandingen waren een tactisch middel om de doel van de strategie ["de beslissende inname van Vesting Holland"] eenvoudiger uitvoerbaar te maken. Die strategie werd ingevuld door drie verschillende opmars- en aanvalsroutes van het landleger, die allen erop gericht waren Vesting Holland in een ijzeren greep te nemen. De luchtlanding als vierde component was ingebouwd om de penetratie van Vesting Holland via de moeilijkste route - het zuiden - mogelijk te maken door inname van sleutelpunten. Deze vierde component zou geslaagd genoemd mogen worden du moment dat succesvol aansluiting met de troepen in het zuiden zou worden gemaakt en deze troepen door gebruikmaking van de ingenomen sleutelpunten in staat waren relatief eenvoudig Vesting Holland binnen te dringen.

Details als dat elementen van de luchtlandingen mislukten, of dat zware verliezen werden geleden gelden niet voor de bepaling of de strategie slaagde. Slechts het feit DAT zij slaagde telt, omdat daarmee het doel van de strijd is beantwoord: i.c. overmeestering van Nederland.
» Deze reactie is geplaatst op 29 december 2005 14:30
» Dit onderwerp is gesloten
2554