Dagboek van reserve-kapitein P.G. Westhoff
19e Regiment Infanterie
IIIe Bataljon.
1e Compagnie
DAGBOEK.
Over de dagen 10 t/m 15 Mei 1940.
(voor schets met opstellingen zie brondocument onderaan deze pagina)
----------------------------------------------
De oorspronkelijke aanteekeningen zijn door mij, voordat ik in Duitsche krijgsgevangenschap geraakte, vernietigd, voor de absolute juistheid van het onderstaande, speciaal wat de tijdstippen betreft, kan ik niet instaan.
Vrijdag 10 Mei 1940. In de nacht van Donderdag op Vrijdag gealarmeerd en tegen het aanbreken van den dag de stelling bezet. Den geheelen dag vijandelijke vliegmachines boven de stelling, die echter geen bommen uitwierpen. Wel enkele malen uit een vliegmachine mitrailleurvuur ontvangen. Alles in gereedheid gebracht voor langdurige verdediging.
Zaterdag 11 Mei 1940. Vrijwel doorloopend vijandelijk artillerievuur. Munitie-depot in brand geschoten. Aanvoer van levensmiddelen zeer moeilijk. Vijandelijke vliegmachines boven de stellingen.
Zondag 12 Mei 1940. Als den vorigen dag.
Maandag 13 Mei 1940. Toestand alsvoren. In den nacht van Zondag op Maandag bevel ontvangen een Zuidfront te vormen, voorste lijn langs de Hoogesteeg. Zware mitrailleurs hieraan toegevoegd. Tijdens deze frontvorming doorloopend onder vuur, Duitsche patrouilles tusschen onze linies aanwezig. Voorste afdeelingen teruggeweken tot Friesche steeg, doch er in geslaagd oorspronkelijk front weer te doen innemen (Zuidfront). Tegenaanval door vier bataljons. Toen het bevel kwam om de oorspronkelijke stelling weer in te nemen, was deze tegenaanval nog slechts weinig gevorderd, de bewuste troepen waren nog achter mijn frontlijn. Ik zag de tegenaanval mislukken, daaraan deelnemende troepen terugvloeien, zich ophoopen in mijn stellingen en vervolgens enkele van mijn groepen meezuigende, in Noordelijke richting aftrekken. Bedoelde groepen door mij bij Friesche steeg opgevangen, door vijandelijke vliegeraanval opgehouden doch daarna weder getracht de stelling te bezetten. Aldaar gezien dat de terugtocht in vollen gang was. Onderzocht of de Bataljonscommandopost reeds verplaatst was, hetgeen het geval bleek te zijn. Daarop in Noordelijke richting teruggetrokken en mij onder bevel gesteld van den waarnemenden Bataljonscommandant. Op diens bevel in den nacht stelling genomen aan den weg van Veenendaal naar Elst.
Dinsdag 14 Mei 1940. In den nacht onder leiding waarnemend Bataljonscommandant afgemarcheerd richting Amerongen. Steeds omringd door Duitsche afdeelingen of patrouilles. Bij Leersum verband met Bataljonscommandant verloren, waarna commando op mij genomen. Marcheeren in Westelijke richting niet mogelijk, daarom in Noordoostelijke richting gemarcheerd om eigen troepen te vinden. Onderweg werd het duidelijk dat een algemeene terugtocht gaande was. Besloten richting Zeist te marcheeren. Onderweg vele kleine afdeelingen zich bij mij aangesloten. Later op den dag bleek dat Zeist en omgeving reeds door den vijand bezet waren. Eigen troep vrijwel zonder mitrailleurs en zeer vermoeid. Marcheeren over Hilversum niet mogelijk wegens gebrek aan rijwielen. Aan alle kanten ingesloten en zonder gevechtskracht op het laatst drie kilometer voor Zeist gecapituleerd. Als krijgsgevangenen afgevoerd naar Zeist.
Woensdag 15 Mei 1940. Als krijgsgevangenen in Zeist gebleven.
Te Velde, 8 Juni 1940.
De Kapitein,
(get.) P.G. Westhoff.
|
