I-22 RA was een afdeling 7 Veld. Deze gaf deze dag vanuit de Betuwe (Vak Brigade A) onmisbare steun aan de IVe Divisie. De afdeling kreeg opdracht om met de rechter batterij (V.60) het terrein zuid van de Rijksstraatweg van de Grebbe tot aan Wageningen te bewaken.
Vanuit de rechter batterij lag de westgrens van Wageningen op ruim 8 km. De munitievoorraad was afgestemd op het eigen vuurplan. Hierin was een enkel voorbereid vuur in het voorpostengebied van de IVe Divisie opgenomen. De afdeling had op 10 mei aanvulling gekregen van 3.300 granaten. De amenstelling hiervan was ongeveer 55% bg nl (brisantgranaat normale lading, met dracht tot 8,5 km), 18% bg vml (idem verminderde lading, met dracht tot 6,3 km), nog eens 18% slanke bg (idem nr. 2, met dracht tot 10,6 km), 9% bgkt (brisantgranaatkartets, met dracht tot 6,5 km).
Maj. Roodenburg, commandant van I-22 RA, legde onder meer de volgende acties vast in een dagboek.
Even na 6.00 uur gaf de midden batterij (V.91) een uitwerkingsvuur af op een colonne op de weg noord van steenfabriek de Blauwe Kamer. Eerst op de fabriek zelf, later naar voren verlegd om de vluchtende colonne te achtervolgen. De majoor vond hier later een stukgeschoten auto en begraven paarden aan de rand van de weg.
Om 6.30 uur vroeg de brigadeartilleriecommandant (BAC) of waarneming mogelijk was op artillerie op bij boerderij Den Dooven en de Plasserwaard, de tweede steenfabriek oost daarvan in de uiterwaarden. Coördinaten van dit doel waren 171,90-439,90.
Kort daarop zag de Luitenant-verkenner/Artillerie-officier inlichter (AOI) vanaf de kerktoren van Kesteren 100 m verder dan de tweede steenfabriek artillerie in stelling komen. De rechter batterij (V.60) gaf hierop na inschieten een uitwerkingsvuur af. Tegen 8.00 uur kregen de twee andere batterijen ook opdracht daarvoor. Om 8.40 uur was dit vuur afgegeven (hadden de drie batterijen zich “klaar” gemeld). Volgens de AOI lag het vuur op dit doel 400 tot 500 m te kort.
Rond dezelfde tijd werd (nog) een bespannen colonne waargenomen bij Wageningen (Sluis in de uiterwaarden, vermoedelijk bij de Pabstendam). Hierop werden opnieuw door de rechter batterij (V.60) enkele schoten afgegeven. Dit vuur moest worden gestaakt omdat er op de grote afstand en door opkomende mist onvoldoende zicht was.
Om 15.45 uur gaf de rechter batterij (V.60) opnieuw een uitwerkingsvuur afgegeven op artillerie die bij Blauwe Kamer in stelling kwam.
De steenbakkerij Blauwe Kamer werd gebruikt als commandopost door IR 322 die op 13 mei ingeschakeld werd om de Duitse doorbraak bij Rhenen te forceren. De colonne die hier onder vuur kwam was dan mogelijk geen artillerie, maar een andere bespannen eenheid. Bijvoorbeeld een bevoorradingstros.
Vast staat dat de met 150 mm houwitsers uitgeruste afdeling III./AR 311 deze dag zwaar onder Nederlands vuur kwam. Bekend is de foto met veldgraven aan de kop van de Oude Haven. Nog twee andere batterijen werden door Nederlandse afdelingen onder vuur genomen. Zeker III./AR 207, een met 105 mm houwitsers uitgeruste afdeling. Dat gebeurde waarschijnlijk door I-15 RA (twee batterijen 150 mm houwitser). Verder waarschijnlijk nog de batterij 10./AR 256, ook met 150 mm houwitsers bewapend. Daarvoor was de eerste batterij van III-8 RA verantwoordelijk, ook met 150 mm houwitsers bewapend. Duidelijk werd daarmee wel dat de Nederlandse artillerie waarschijnlijk toch beter presteerde dan in mei 1940 was verwacht. Belangrijke wapenfeiten waren:
Op 11 mei werd veel infanteriegeschut dat uit de westrand van Wageningen kwam teruggewezen en een voor de Duitsers belangrijke wp onbruikbaar gemaakt. Een eerste aanvalsgroep bij Kruiponder werd teruggeworpen.
Op 12 mei werd opnieuw een aantal stukken infanteriegeschut onder vuur genomen. Opnieuw werden ook aanvalsgroepen bij Kruiponder afgewezen, daarbij infanteriegeschut tijdelijk uitgeschakeld.
Vooral op 13 mei resulteerden verschillende acties in belangrijke Duitse verliezen. Ook uit Duitse bronnen bleek dat verschillende batterijen inderdaad zwaar onder vuur kwamen. Dat waren (zoals hierboven aangegeven) III./AR 207, III./AR 311 en waarschijnlijk ook de 10e batterij van IV./AR 256 (van Molenweg naar Bornse Steeg). Uit het oorlogsdagboek van de laatste afdeling bleek een gevechtspost (bij de RK Kerk) onder vuur gekomen, waarbij een officier en twee Funker van de 11e batterij gewond werden. Het dagrapport van Generalmajor Büchs gaf aan dat een afdelingsstaf van s Art Abt 735 uit een post (vermoedelijk bij Anna’s Hoeve) weggeschoten was. » Dit bericht is geplaatst op 28 augustus 2026 17:33 |