Rapport verrichtingen Hr.Ms. Freyr van luitenant-ter-zee 2e klasse B. Ouwerkerk
AFSCHRIFT.
84 A Geheim
ONDERWERP:
Indienen rapport verrichtingen van Hr.Ms. "FREYR"
's-GRAVENHAGE, 26 Juni 1940
Badhuisweg 169
Ik heb de eer UWelEdelGestrenge te verzoeken met spoed een rapport in te dienen betreffende de verrichtingen van Hr.Ms. "FREYR" sinds het uitbreken der vijandelijkheden op 10 Mei 1940.
Betreffende het tot zinken brengen van het schip "De Onderneming" behoorende tot de Stichting Gelderland te ARNHEM, dient in bovengenoemd rapport te worden opgenomen met welk doel dit schip tot zinken is gebracht, of dit schip gevorderd was, zoomede verdere van belang zijnde gegevens.
De Schout-bij-Nacht
Chef van den Marinestaf,
w.g. HEERIS
AAN:
den Luitenant ter Zee 2e klasse
K.M.R. B. OUWERKERK
Per adres Koninklijke Paketvaart Maatschappij
Prins Hendrikkade 108-114
te AMSTERDAM CENTRUM.
==========================================================================
AFSCHRIFT
's-GRAVENHAGE, 3 Juli 1940
Ingesloten doe ik UHoogedelgestrenge toekomen het rapport verrichtingen van Hr.Ms. "Freyr" van 10 Mei 1940 t/m 14 Mei 1940.
De Luitenant ter Zee 2e klasse K.M.R.
Commandant Hr.Ms. "Freyr",
w.g. B. OUWERKERK.
AAN:
het Algemeen Hoofdkwartier
Afdeeling Zeemacht
Badhuisweg 169
te 's-GRAVENHAGE.
==========================================================================
AFSCHRIFT.
-----------
R A P P O R T V E R R I C H T I N G E N
Hr.Ms. "FREYR".
------
Lagen 10 Mei 1940 gemeerd aan pontonsteiger Stoomvaart Maatschappij "Concordia" te Arnhem. Kregen ten pl.m. 0.15 uur bericht van Commandant Onderzoekings- en Bewakingsdienst Nijmegen "toestand ernstig". Ontmeerden en gingen op rivier ten anker benedenstrooms voetbrug Arnhem, hielden telefoon bezet bij Concordia. Ten 3.45 uur bericht ontvangen - grensoverschrijding plaats gehad - nadere orders zouden komen. Openden het vuur op laag vliegende Duitsche toestellen met mitrailleur 12,7 mm, welke na den eersten band uit elkaar sprong en niet te repareeren was.
Voetbrug Arnhem werd pl.m. 5 uur voormiddag opgeblazen. Het gedeelte boven de uiterwaarden bleef onbeschadigd, verzwakte dit stuk voor zoover mogelijk met granaten van 7,5 cm. Even voor het opblazen van voetbrug probeerde ms. De Onderneming stroomafwaarts te zakken, doch dit mislukte. Poging om schip onder ingestorte brug door te sleepen eveneens. Op verzoek van de autoriteiten ter plaatse werd dit scheepje geladen met drums olie tot zinken gebracht en nadat het aan de grond kwam te zitten verder vernield met trotyl om te voorkomen, dat de olie in vijandelijke handen kwam.
Maakten Hr.Ms. "FREYR" geheel oorlogsklaar, vernietigden alle opbouw voor zoover dit mogelijk was in verband met navigatie. Telefoon bleef doorloopend bezet, doch na 9 uur voormiddag geen verbinding meer. Stoomden stroomafwaarts om binnenvaartschippers aan te manen zooveel mogelijk verspreid te gaan liggen om te verhinderen, dat de vijand deze schepen zou kunnen gebruiken om pontons te slaan.
Kregen bericht van binnenvaartschippers, dat Duitsche troepen 10 uur voormiddag in Arnhem gezien waren. Stoomden terug naar voetbrug en werden bij de oude schipbrug onder vuur genomen uit huizen langs Rijnkade. Hierbij sneuvelde matroos IIe klasse VAN SLOOTEN, door een schot in de borst. Nemen vijand onder vuur en brachten deze tot zwijgen.
Vóór het uitbreken van vijandelijkheden was met luitenant ter zee 1e klasse MADSEN, Commandant Onderzoekings- en Bewakingsdienst besproken, dat indien de overmacht te groot bleek te zijn, de kanonneerboot in Arnhem, zich zou melden bij den Commandant van de Grebbelinie. Daar de militairen te Arnhem verder geen tegenstand boden en zonder luchtafweergeschut op de rivier een te groot doelwit opleverde, besloot ik naar Rhenen te stoomen indien dit mogelijk was, daar de spoorbrug te Oosterbeek ook opgeblazen was.
Bij spoorbrug Oosterbeek was langs het inééngestorte gedeelte aan stuurboord een zeer nauwe geul, riskeerde deze doorgang waarbij het schip zwaar stootte op een krib en een kleppenkast in machinekamer zich begaf, verdere lekkages deden zich niet voor. Stoomden door naar Rhenen, namen onderweg twee Hollandsche militairen aan boord - namen en stamboeknummers mij niet meer bekend daar bij Grebbeberg alle gegevens vernietigd werden -, deze militairen, vermoedelijk deserteurs, werden later afgegeven aan kapitein van Korps Pontonniers, die ze naar hun onderdeel terug zou zenden.
Waren pl.m. 17.00 uur te Rhenen. Stelde Staf Den Helder hiervan op de hoogte, doch telefoon zéér gestoord, eenigste order later uit Den Haag was: "melden bij commandant Grebbelinie". De luitenant ter zee 3e klasse DE JONG belastte zich hiermede en kreeg de order met Hr.Ms. "FREYR" ligplaats te nemen bij de Grebbe en aldaar met het aan de wal opgestelde geschut het mijnenveld in de Rijn te dekken en aanval van Duitsche rivierbooten af te slaan. Orders zouden nader komen per veldtelefoon, waarvan de luitenant BOON van het leger op de hoogte werd gesteld met wien overeengekomen werd, dat eventueele orders per ordonnans doorgegeven zouden worden. Vroeg bij Kolonel VAN LOON antiluchtgeschut aan, doch 12,7 mm. was niet voorradig. Kreeg in de nacht van 10 op 11 Mei 4 mitrailleurs en 7000 patronen benevens leege zakken en maakten zooveel mogelijk mitrailleurnesten op achterschip. De grijze nevelkleur waarin Hr.Ms. "FREYR" geschilderd was, was tè opvallend bij het groen van de Grebbeberg. Vroeg groene verf aan bij Commandant Grebbelinie, doch niet in voorraad. 10 Mei wordt verder in afwachting orders de gesneuvelde matroos VAN SLOOTEN nabij veerhuis begraven, daarna bemanning zooveel mogelijk behulpzaam bij evacuatie, veerhuis werd door bewoners verlaten. Namen de aldaar liggende motorboot in beslag.
Kruisten op 11 Mei nabij Rhenen op rivier, haalden met motorboot groene verf en schilderden Hr. Ms. FREYR groen, brachten overzetveer tot zinken en aan de wal bevestigde pontons, tegen den avond weer op post bij Grebbe. Nadere orders bleven uit, onbekendheid met landmachtstellingen en ontbreken van stafkaarten noopte mij niet aan het vuren deel te nemen, alleen overkomende vliegtuigen werden geregeld onder vuur genomen.
12 Mei order van Commandant Grebbeberg persoonlijk op zijn kwartier te komen, kreeg aldaar order om bij poging, die een gedeelte van het 8 R.I. zou doen om de voorposten te heroveren, rijnaken met deze troepen aan boord, dekking te verleenen en door vuur de landing te vergemakkelijken, verdere order terugtrekken van het 8 R.I. mocht niet gebeuren, daarvoor desnoods met de mitrailleurs een eventueele terugtocht onmogelijk maken.
Zakken stroomafwaarts tot plaats van inscheping. Stelde mij in verbinding met den aldaar aanwezige luitenant van pontonniers, die voor telefoonverbinding zou zorgen. Vernietigde aldaar alle aan boord aanwezige bescheiden. Lagen alhier in afwachting tot 13 Mei 10 uur voormiddag, waarna gemeld werd, dat de opdracht niet doorging, waarna order om op te stoomen naar Wijk bij Duurstede voor nadere orders, eerst namen pontonniers voetbruggen weg, rest van vee geëvacueerd. Te Wijk bij Duurstede meldde luitenant ter zee DE JONG zich bij de plaatselijke militaire Commandant, hier géén orders, wel trok deze commandant zich met zijn bezetting terug, besloot toen om me te melden te Vreeswijk bij de marinetroepen aldaar, want orders kwamen toch niet meer door en onbekendheid of angst voor een blauw uniform deed ons te veel bloot staan aan beschieting door Hollandsche soldaten. Werden opgehouden door mist, namen na optrekken mist 2 achtergebleven sleepschepen op sleeptouw en waren ten 7 uur voormiddag te Vreeswijk, meldden ons telefonisch te Den Haag, order opstoomen naar Amsterdam en melden bij Kolonel VAN HENGEL - Oranjesluizen.
Schutten voor Merwedekanaal, stoomden door Merwedekanaal buiten Utrecht om naar Amsterdam. Door het abnormaal hooge peil van het kanaal bleef Hr. Ms. "FREYR" onder spoorbrug even buiten Utrecht met zoeklicht en mitrailleur van 12,7 mm. hangen, voeren dit eraf en stoomden door. In verband met inundatie mocht sluis bij Weesp in Merwedekanaal niet open, na de noodige telefoongesprekken, werd dit eindelijk toegestaan ten 17 uur namiddag, vervolgden de reis naar Amsterdam, schutten aldaar en meldde te 19.00 uur bij Kolonel VAN HENGEL, alwaar de mededeeling - gecapituleerd - alles vernietigen.
Door de groote diepgang - zandzakken aan boord - en invallende duisternis was het niet mogelijk het IJsselmeer op te stoomen. Na gepleegd overleg met Kolonel VAN HENGEL werd besloten op Binnen-IJ beneden Oranjesluizen, Hr.Ms. FREYR te doen zinken. Vernietigden alle aan boord aanwezige munitie, maakten kanon van 7,5 onbruikbaar, sluitstukken van 3,7 overboord, bracht daarna Hr.Ms. "FREYR" benedenstrooms van Oranjesluizen, zette schip met de neus in de kant, werkten de ketels af om geen gevaar voor ontploffing op te leveren, daarna buitenboord afsluiters open en liet Hr.Ms. FREYR zinken.
Meldde mij daarna voor nadere orders bij Kolonel VAN HENGEL en ging 15 Mei met geheele bemanning Hr.Ms. FREYR in krijgsgevangenschap vliegkamp "Schellingwoude".
Tijdens die oorlogsdagen onderscheidden zich speciaal door moedig gedrag:
- Bootsman MONDERMAN Chef d'equipage
- Sergeant-Konstabel KLEIN
- Korporaal Kok FUNCKE
- Milicien matroos VAN SANTEN oorlogsroerganger.
De Luitenant ter zee 2e klasse K.M.R.
w.g. B. Ouwerkerk
Wilgstraat 56
Den Haag.
|
