Schrijven van kolonel W.F. Hennink inzake Dr. Paris

COMMISSIE MILITAIRE
ONDERSCHEIDINGEN
C.M.O.
No. P.Persoonlijk
Onderwerp: Inlichtingen.

's Gravenhage, 15 April 1947.
Plein 24.

De Commissie Militaire Onderscheidingen verzoekt U haar een rapport te doen toekomen omtrent het optreden van den Reserve-officier van Gezondheid Ch.H. PARIS Jr., Regimentsarts van 8 R.I. tijdens de gevechten op den Grebbeberg in het tijdvak van 11 – 13 Mei 1940.
De Commissie zal het zeer op prijs stellen dit rapport uiterlijk 19 dezer te mogen ontvangen.

Voor de Commissie,
De Luitenant-Generaal buiten dienst,
Adjudant in Buitengewonen Dienst
van Hare Majesteit de Koningin,
Voorzitter,
(get.) J.J.G. Baron van Voorst tot Voorst.

Aan:
den Kolonel buiten dienst W.F. HENNINK
Apollolaan 81 a
te AMSTERDAM.


==========================================================================


Persoonlijk.

W.F. HENNINK
TELEFOON 95765

AMSTERDAM (ZUID), 17 April 1947.
APOLLOLAAN 81A

In antwoord op den brief van Uwe Excellentie, C.M.O. 15 April j.l. betreffende den Reserve officier van gezondheid 1e klasse Ch.H. Paris, heb ik den eer het volgende te berichten:
In den morgen van 11 Mei 1940, nadat de Duitschers begonnen waren ook artillerievuur te leggen op de hoofdweerstandsstrook in het vak van 8 R.I. en nadat reeds een aantal gewonden in de hulpverbandplaats, nabij het hotel de Grebbeberg, was binnengebracht, werd ik op mijn Commandopost opgebeld door den Commandant van de hulpverbandplaats, een reserve officier van gezondheid 2e klasse van 8 R.I. Deze deelde mede, dat zich aldaar op dat oogenblik ook bevond Paris, die blijkens zijn houding en uitlatingen erg overstuur was en hierdoor verwarring stichtte in zijn omgeving. Dit was voor mij aanleiding Paris te laten weten, dat hij de hulpverbandplaats onmiddellijk moest verlaten en zich melden bij mij. Nadat Paris zich bij mij had vervoegd, constateerde ik, dat deze inderdaad in hooge mate was geschokt. Ik onderhield hem over zijn gedrag en beval, dat hij zich niet van mijn Commandopost mocht begeven. In den loop van de daarop volgende dagen verzamelden zich daar een 25 tal gewonden. Paris heeft toen goed werk verricht door aan dezen geneeskundige hulp te verstrekken, hoewel nog steeds merkbaar angstig en zenuwachtig.
Toen ik in den avond van 14 Mei mijn Commandopost verliet met de aanwezige valiede mannen, gaf ik de verzorging van de achterblijvende gewonden over aan Paris, waar ik eenig niet-[?] hulppersoneel toevoegde. Ik bond Paris op het hart goed voor deze menschen te zorgen, onder geen beding zelf weg te gaan en, zoodra de omstandigheden dit mogelijk zouden maken, te zorgen voor betere medische hulp. (Door gebrek aan geschoold verplegend personeel, verbandmiddelen, en dergelijke was deze [?] te eenenmale ontoereikend). In den avond van 15 Mei was ik zelf in de gelegenheid Paris naar Rhenen te sturen voor het halen van verbandmateriaal te zijner huize. Na mijn terugkeer uit 1e krijgsgevangenschap (pl.m. medio Juni 1940) is mij gebleken, dat Paris de hem door mij verstrekte opdracht behoorlijk heeft uitgevoerd.
Te Uwer inlichting voeg ik hieraan nog toe, dat ik omtrent de houding van Paris tijdens de oorlogsdagen, ook reeds gegevens heb verstrekt aan de Commissie van onderzoek voor reserve officieren van gezondheid, mij pl.m. 9 maanden geleden gedaan door den reserve officier van gezondheid 2e klasse W.J. Gerber te Utrecht.

[Opmerkingen in de kantlijn: Overste Hennink heeft in den avond van 14 Mei de commandopost verlaten en bereikte tegen 24.00 uur den Rijn. Overtocht lukt niet. De Overste brengt tegen 2.00 uur in den nacht zijn troep onder in een kalkzandsteenfabriek en is daar gebleven tot in den laten namiddag van 15 Mei, toen hij de capitulatie vernam. Daarna afgemarscheerd naar Rhenen. De Overste zelf gaat dan naar zijn commandopost terug om de gewonden te bezoeken. Vermoedelijk heeft hij dus toen Paris weer getroffen en hem naar Rhenen gezonden.]

De kolonel der infanterie buiten dienst,
oud-Commandant 8 R.I.
(get.) Hennink.

Aan:
Zijne Excellentie, luitenant-generaal buiten dienst
Adjudant in Buitengewonen Dienst van Hare Majesteit de Koningin,
J.J.G. Baron van Voorst tot Voorst,
Voorzitter van de Commissie Militaire Onderscheidingen.

Download brondocument in PDF-formaat Brondocument
(PDF, 721.87 KB)