Schrijven van luitenant-kolonel W.F. Hennink inzake onderscheidingen personeel

Commandant I-55 R.I.
No. 156. A.
Onderwerp:
Krijgsverrichtingen.

Arnhem, 4 Juli 1940.

Als oud-commandant van 8 R.I. moge ik Uwer Excellentie hierbij aanbieden een opgave van personeel, dat zich tijdens de krijgsverrichtingen in het tijdvak 10 t/m 15 Mei door moedig gedrag heeft onderscheiden en deswege voor een onderscheiding in aanmerking komt.

Majoor W.P. LANDZAAT. (Commandant I-8 R.I.)
Heeft zich onderscheiden door de uitstekende wijze, waarop hij onder de moeilijkste omstandigheden, het bevel over zijn Bataljon heeft gevoerd. Toen de vijand de stoplijn doorbroken had en de Commandopost aanviel, heeft hij op krachtdadige wijze de verdediging daarvan gevoerd en zelf hieraan medegewerkt door met een vuurwapen op de aanvallers te schieten.
Als een dapper soldaat heeft hij tot het uiterste zijn post verdedigd, totdat hij, vermoedelijk in den loop van 13 Mei is gesneuveld.
Voorgesteld wordt benoeming tot Ridder Militaire Willems-Orde 4e Klasse.

Majoor J.H.A. JACOMETTI. (Commandant II-8 R.I.)
Heeft zich onderscheiden door de uitstekende wijze, waarop hij onder de moeilijkste omstandigheden het bevel over zijn Bataljon heeft gevoerd. In den middag van 12 Mei, nadat de frontlijn door vijandelijke afdeelingen was doorschreden en deze tot op een afstand van honderd à tweehonderd meter van de stoplijn was doorgedrongen, heeft hij persoonlijk het bevel genomen over eenige Groepen om den binnengedrongen vijand door een tegenstoot te verdrijven.
Aan het hoofd van deze Groepen, rechtop gaande met de wapens in de vuist, is hij als een dapper soldaat gesneuveld.
Voorgesteld wordt benoeming tot Ridder Militaire Willems-Orde 4e Klasse.

Dienstplichtig Sergeant J.C. SMITH. (Verbindingsafdeeling - 8 R.I.)
Als uitkijk-onderofficier moedig op zijn 30 meter hooge uitkijkpost gebleven en uitstekende meldingen gedaan, ook dan, als op korten afstand de granaten over hem heen gingen.
Voorts door flink en rustig optreden een goed voorbeeld gegeven aan zijn ondergeschikten bij de verdediging van den Regimentscommandopost, toen deze door den vijand werd aangevallen.
Nadat de bezetting van den Regimentscommandopost verplaatst was nabij de spoorwegbrug over den Rijn te Rhenen, te zamen met den dienstplichtig Sergeant H.H. WINT (Commandant Regimentswielrijderspatrouille) over de gesprongen brug gekropen, teneinde te trachten aan de overzijde van de rivier booten of ander overgangsmateriaal te halen.
Voor de uitvoering dezer levensgevaarlijke opdracht - in de onmiddellijke nabijheid bevond zich de vijand - zich vrijwillig gemeld.

Dienstplichtig Sergeant H.H. WIND. (Commandant Regimentspatrouille - 8 R.I.)
Herhaaldelijk moeilijke opdrachten onder levensgevaar op goede wijze vervuld, onder andere het overbrengen van een bericht aan den Commandant van de voorposten, toen deze door den vijand werden aangevallen en de telefonische verbinding verbroken was.
Nadat de bezetting van den Regimentscommandopost verplaatst was nabij de spoorwegbrug over den Rijn te Rhenen, tezamen met den dienstplichtig Sergeant J.C. SMITH (Verbindingsafdeeling - 8 R.I. en uitkijk-onderofficier) over de gesprongen brug gekropen, teneinde te trachten aan de overzijde van de rivier booten of ander overgangsmateriaal te halen.
Voor de uitvoering dezer levensgevaarlijke opdracht - in de onmiddellijke nabijheid bevond zich de vijand - zich vrijwillig gemeld.

Dienstplichtig Sergeant E. VELDKAMP (1-II-19 R.I.), dienstplichtig Korporaal H. KOLK en de dienstplichtige soldaten P.J. van DIJK en K. van DOESBURG (allen van Verbindingsafdeeling - 8 R.I.).
Deze hebben blijk gegeven van moed en opofferingsgezindheid door zich vrijwillig aan te melden en in den nacht van 14/15 Mei over den Rijn te zwemmen, teneinde te trachten aan de overzijde der rivier overgangsmateriaal te halen, terwijl bekend was, dat zich in de onmiddellijke nabijheid de vijand bevond.

Dienstplichtig soldaat J.C. KENSE (motor-ordonnans) en dienstplichtig Korporaal H.J. KEIZERS (rijwiel-ordonnans)
hebben herhaaldelijk blijk gegeven van moed en doorzettingsvermogen door onder vijandelijk vuur berichten over te brengen van den Regimentscommandopost naar andere onderdeelen.

Dienstplichtig Sergeant H.A.J. THOMASSEN (3-I-8 R.I., ingedeeld bij den Regimentsuitkijkdienst) en dienstplichtig soldaat (naam onbekend [Th.M. REMIE]) (11 R.I.)
hebben blijk gegeven van moedig, beleidvol en doortastend optreden door in den nacht van 13/14 Mei het vaandel van het regiment, dat zich in de omsingelde Commandopost bevond, over te brengen naar den standplaats van den Divisiecommandant.

Dienstplichtig Sergeant G.D. SALEMINK. (1-II-8 R.I.)
ingedeeld bij den Regimentsuitkijkdienst.
Moedig op zijn ca. 30 meter hooge uitkijkpost gebleven en uitstekende meldingen gedaan, ook dan, als op korten afstand de granaten over hem heen gingen.
Voorst door flink en rustig optreden een goed voorbeeld gegeven aan zijn ondergeschikten (onder andere door zelf een lichte mitrailleur te bedienen) bij de verdediging van den Regimentscommandopost, toen deze door den vijand werd aangevallen.
Nadat de bezetting van den Regimentscommandopost zich op 15 Mei in een fabriek aan den Rijn had begeven, zich in den middag van dien dag met enkele manschappen te water begeven om te trachten aan de overzijde van den rivier een boot te gaan halen. Deze opdracht niet kunnen uitvoeren, wegens een overvalling door den vijand, die in het water het mitrailleur-vuur op hem opende en hem dwong terug te keeren.

Reserve-Kapitein J. HULLEMAN. (Commandant Verbindingsafdeeling).
Nadat in de namiddag van 13 Mei alle verbindingen waren verbroken, het commando genomen over een gedeelte van de bezetting van den Regimentscommandopost, hiermede stelling genomen buiten den Commandopost en door moedig en flink optreden krachtig medegeholpen een vijandelijke aanval, onder andere ondernomen met een pantserwagen, af te slaan.

Reserve 1e Luitenant L.L. WOLTERS. (Toegevoegd Staf 8 R.I.)
Nadat de Regimentsadjudant op 13 Mei gewond was, dezen vervangen en zijn Regimentscommandant op flinke, moedige en doortastende wijze bijgestaan bij de verdediging van den Regimentscommandopost op 13 en 14 Mei en bij de verplaatsing van de bezetting naar een fabriek aan den Rijn en bij de verdediging daarvan op 15 Mei.

De Luitenant-Kolonel,
(get.) (W.F. Hennink).

A A N :
den Commandant Veldleger.

Download brondocument in PDF-formaat Brondocument
(PDF, 1.84 MB)