Schrijven van reserve-kapitein J. van den Berg inzake luitenant der Jagers
J. VAN DEN BERG
Telefoon 2552
WINTERSWIJK
JULIANASTRAAT 13
6 October 1941
Aan
den Heer Chef
Hoofd Regelingsbureau
te
's-Gravenhage.
Naar aanleiding van uw schrijven Afd. 1C no. 1958, dd. 24-9-'41, deel ik u het volgende mede:
De bedoelde luitenant kwam eenigen tijd, nadat ik op de commandopost was gearriveerd, aldaar aan. Ik verwees hem naar den luitenant-adjudant Broeksma. Dezen laatsten heb ik geschreven en hem uw brief toegezonden met het verzoek mij nadere inlichtingen te verschaffen.
Uit dezen brief, die ook particuliere zaken behandelt, neem ik het volgende over:
"Betreffende uw vraag over den luitenant van de Jagers moet ik u tot mijn spijt berichten, dat ik zijn naam niet meer weet. Inderdaad kwam er in den avond van den 12e Mei een luitenant in onze commandopost binnenvallen, die zich voorstelde met "mijngas", zijnde het wachtwoord. Hoewel hij zijn naam wel genoemd heeft, ben ik dien jammer genoeg kwijtgeraakt. Hij vertelde mij, dat hij tot opdracht had zich bij het voormalige Hotel de Grebbeberg te vervoegen, waar, naar ik meen, het Ie Bataljon 24 R.I. [Jagers] zich gereed moest stellen. Ik heb toen den indruk gekregen, dat hij daar een geheele compagnie moest gereedstellen, dus als Compagniescommandant fungeerde. - Zooals u weet was bij Hotel de Grebbeberg de commandopost van I-8 R.I., hetgeen in overeenstemming is met de laatste alinea van den brief van overste Nierstrasz. Echter kan ik wel zeggen, dat de bewuste luitenant geen Hoogerwerff [Hoogewerff] heette. Dezen naam zou ik namelijk in geen geval vergeten hebben, in verband met omstandigheden, die hier niet ter zake doen. Aangezien de bewuste luitenant nogal uit de koers was geraakt, heb ik hem 2 ordonnansen meegegeven, die hem naar Hotel de Grebbeberg hebben gebracht. Een ervan was Van den Aker, die, zooals ik later van hem vernomen heb, ook inderdaad met hem op stap is gegaan. Of de luitenant daar terecht is gekomen weet ik niet precies, wel, dat Van den Aker daarna noodgedwongen naar Rhenen moest in verband met de daar op dat moment heersende situatie. Het is dus mogelijk, dat ook de luitenant daar niet heeft kunnen verblijven en naar Rhenen is getrokken."....
...."Een feit is in ieder geval, dat de luitenant bij Hotel de Grebbeberg moest zijn en ook in de buurt ervan is gebracht door onze ordonnansen."..... "Een ander bewijs, dat de luitenant niet Hoogerwerff was genaamd, althans niet identiek was met dien luitenant, die bij Rentjes is terechtgekomen, is gelegen in het feit, dat Rentjes mij dezelfde avond telefonisch berichtte, dat daar (bij 3-II-8 R.I.) een luitenant met een heele sectie was aangekomen, die eveneens uit de koers was. Deze luitenant + sectie zijn toen bij 3-II gebleven."....., meer kan ik u er niet van vertellen.
Tot zoover de fragmenten uit den brief van luitenant Broeksma. Na ontvangst van zijn brief, was ik oorspronkelijk van plan Van den Akers adres op te sporen, teneinde nadere bijzonderheden van den tocht naar Hotel de Grebbeberg te vernemen. Daar hier echter nog veel tijd mee gemoeid zou zijn, zend ik u bovenstaande inlichtingen nu dadelijk door, hopende dat ze u van dienst zullen zijn.
Persoonlijk heb ik er niets aan toe te voegen.
Mocht u de verklaring van bovengenoemde ordonnans van belang achten, dan zal ik met genoegen proberen zijn adres te ontdekken, wat mij via verschillende personen wel zal gelukken.
De Reserve Kapitein
(get.) J. van den Berg
|
