Verslag van tweede luitenant A.J.A. Vermeeren

HOOFDREGELINGSBUREAU
REGELINGSBUREAU LANDMACHT
Afdeeling I C.
-------
Nr. 1941 / '41.
Onderwerp:
Krijgsgeschiedenis.
---

's-Gravenhage, 20 September 1941.
Willem Lodewijklaan 1.

Ik verzoek U, mij ten behoeve van de krijgsgeschiedenis een verslag te doen toekomen van Uw ervaringen tijdens de oorlogsdagen in Mei 1940.
Van bijzonder belang is, dat ik daarin aantref antwoord op de volgende vragen:

  1. Tot welk onderdeel behoorde Uw sectie.
  2. Welke taak had Uw sectie voordat U de Grebbeberg bereikte.
  3. Op wiens last (c.q. onder wiens bevel) zijt U naar Rhenen gezonden, hoe laat werd de opdracht verstrekt, hoe geschiedde de verplaatsing, hoe laat werd het spoorwegviaduct te Rhenen overschreden.
  4. Met welke opdracht werd opgemarcheerd naar de Grebbeberg, met wien is aldaar contact verkregen, hoe was de toestand ter plaatse en hoe werd de opdracht uitgevoerd.
  5. Welke andere troepen heeft U in die omgeving gezien.
  6. Wat is er verder met Uw sectie geschied.
  7. Heeft U het sneuvelen van Reserve 1e Luitenant C.J. Daniëls gezien; zoo ja wat is U daarvan bekend.
  8. Wie waren Uwe ondercommandanten.
  9. Wie waren de ondercommandanten van Reserve 1e Luitenant Daniëls.

Den Generaal-Majoor,
o.l. den Luitenant-Kolonel van den Generalen Staf,
(get.) V.E. Nierstrasz.

Aan
2e luitenant op non-actief
A.J.A. Vermeeren
Laan van Mecklenburg 15
Ginneken.


==========================================================================


A.J.A. Vermeeren.
Tweede-luitenant non-actief
("Was tijdens den oorlog cadet-vaandrig.")
Onderwerp: krijgsgeschiedenis.

Ginneken, 6 October 1941
Laan van Mecklenburg 15.

Naar aanleiding van Uw schrijven dd. 20 September 1941 Nr. 1941 zend ik U hierbij een verslag van mijn ervaringen tijdens de oorlogsdagen in Mei 1940.

De tweede-luitenant non-actief
(get.) A. VERMEEREN

Aan:
den Heer Hoofd
van het Regelingsbureau
Landmacht
Afdeeling I c.
's-Gravenhage.


==========================================================================


Verslag van de ervaringen tijdens de oorlogsdagen van A.J.A. Vermeeren,
tweede luitenant op non-actief, volgens schrijven Nr. 1941 d.d. 20-9-1941 van
den Chef van het Hoofdregelingsbureau Landmacht, Afdeeling I c, 's-Gravenhage.

Tijdens de oorlogsdagen was ik commandant van de 4e sectie van 3-III-11 R.I. De overige drie sectiën van 3-III-11 R.I. hadden de wacht betrokken in Driebergen en De Haar. Mijn sectie stond onmiddellijk onder commando van den bataljonscommandant van III-11 R.I., Majoor Van der Ploeg. Voordat ik de Grebbeberg bereikte, heeft mijn sectie twee dagen verbleven op de alarmplaats van het bataljon, Park Broekhuyzen te Leersum.
Op Zaterdag 11 Mei kwam een gedeelte van de bezetting van Westervoort in het park Broekhuyzen aan. De commandant hiervan was adjudant-onderofficier Klinkspoor. De sectie van adjudant Klinkspoor en die van mij werden toen samengevoegd tot een compagnie onder commando van kapitein de Wee [Dewez].
Zaterdagnacht vernam ik van deze kapitein, dat wij de volgende dag naar Rhenen zouden vertrekken.
Zondagmorgen 12 Mei 1940 is het geheele bataljon per rijwiel naar Rhenen vertrokken. Omstreeks drie uur aangekomen, hebben we een paar uur gelegerd in de omgeving van de Koerheuvel.
Om omstreeks half zeven werd ons bataljon verzameld voor een tegenstoot. Zoodra wij het spoorwegviaduct te Rhenen overschreden waren, werd het bataljon verspreid, waarbij onze compagnie rechts van de weg Rhenen–Wageningen opereerde en 2-III-11 R.I. onder commando van reserve-kapitein Mr. Franssen links.
Kapitein de Wee [Dewez] nam toen het commando over mijn sectie, terwijl ik het commando kreeg over de sectie van adjudant Klinkspoor, die opvolger sectie-commandant werd. De sectie van adjudant Klinkspoor bestond uit twaalf man, waarvan vijf hun wapens verloren hadden in den strijd bij Westervoort.
Majoor Van der Ploeg geraakte reeds snel gewond door een beenschot.
Omstreeks 20.00 uur, toen de duisternis inviel, hadden wij contact met den vijand.
In de loopgraven ontmoette ik toen den commandant van de Verbindingsafdeeling van III-11 R.I., een Eerste Luitenant, wiens naam ik me thans niet herinner, daar ik hem toen voor de eerste maal ontmoette. Deze belastte adjudant Klinkspoor weer met het commando over zijn sectie en gaf mij de opdracht contact te zoeken met de staf van het bataljon voor aanvoering munitie, verdere orders, enz.
Bij mijn pogingen hiertoe bleek van een commando van het bataljon niet veel te bestaan, terwijl achter III-11 R.I. een bataljon van het 26 R.I. [24 R.I.] aan het oprukken was en ons rustig beschoot.
Bij het spoorwegviaduct ontmoette ik den kapitein der Marechaussee Kelderman [Gelderman], die dit viaduct met zijn compagnie bleek te verdedigen. Deze liet mij de brug terug niet meer passeeren.
Bij de terugtocht heb ik van mijn sectie nog verscheidene manschappen verzameld en ook nog verscheidene van de 2e sectie van 3-III-11 R.I., welke sectie onder commando stond van den Eersten Luitenant C. Daniëls.
Genoemde luitenant heb ik in de oorlogsdagen niet ontmoet, zoodat ik niets naders over zijn sneuvelen kan berichten.
Tijdens de terugtocht heb ik mij aangesloten bij 2-III-11 R.I., welke door afwezigheid van kapitein Franssen toen onder commando stond van den Eersten Luitenant, J. Piet. Onder diens commando heb ik de terugtocht meegemaakt tot Vreeswijk, alwaar de capitulatie plaats had. Ik had bij mijn sectie twee sergeanten, namelijk sergeant Busser, die gesneuveld is en reserve-sergeant De Vos.
De ondercommandanten van den Reserve-eerste-luitenant Daniëls waren de sergeanten Rohn, Weimar Schulz, en Samuels, allen wonende te Nijmegen.

Ginneken, 13 October 1941.
De tweede luitenant der
infanterie op non-actief
(get.) A. VERMEEREN.

Download brondocument in PDF-formaat Brondocument 1
(PDF, 381.59 KB)
Download brondocument in PDF-formaat Brondocument 2
(PDF, 2.18 MB)