Discussiegroep

Onderwerp: Van Voorst Evekink

» Dit onderwerp is gesloten
Totaal berichten: 8
3.264 keer gelezen
18 reacties
Categorie: Overig Mei 1940
Kan iemand mij vertellen hoe het is afgelopen met Voorst Evekink?
Hoe, waar en wanneer?
In verband met historisch onderzoek door voormalig verzetsdeelnemer en (pacifistisch) oorlogsvrijwilliger.
Vroeten,
Charles Destrée.
Graag antwoord via: kaak@wanadoo.fr
» Dit bericht is geplaatst op 28 maart 2006 15:39
Totaal berichten: 133
In het boek "Impasse te Londen" wordt Van Voorst Evekink's loopbaan tijdens de oorlog uitvoerig beschreven. Wat er met hem gebeurd is na de bevrijding is mij niet bekend.
» Deze reactie is geplaatst op 28 maart 2006 20:38
(redactie)
Totaal berichten: 846
Ook in de boeken van de Enquêtecommissie Regeringsbeleid 1940 - 1945 komen verhoren van hem voor.
» Deze reactie is geplaatst op 28 maart 2006 21:00
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
Overste David van Voorst Evekink is in juni 1940 naar Engeland vertrokken vanuit Frankrijk, en in 1940 nog tot kolonel bevorderd. In september 1941 nam hij het commando over van de Prinses Irene Brigade. Hij was de grote militaire animator achter de plannen de Brigade naar Indië te sturen, waarin Wilhelmina en Bernhard hem steunden. Van Voorst Evekink ging inderdaad, met een compagnie vrijwilligers maar kwam te laat aan. De Ruyter van Steveninck nam ondertussen het commando van de PIB over. In juni 1942 keerde Van Voorst Evekink terug naar Engeland en kreeg - voor zover ik weet - een staf functie. De mannen die naar de oost waren gegaan [zo'n 150 man] vormden later de elite eenheid Insulinde in Sri Lanka.

In oktober 1945 werd toen generaal-majoor Van Voorst Evekink militair attache te Londen. Hij overleed in 1950 op 59 jarige leeftijd in London.
» Deze reactie is geplaatst op 28 maart 2006 23:30
Totaal berichten: 8
Veel dank voor de informatie!
Ik gebruikte het als aanvulling op wat ik elders vernam.
Hieronder plaats ik het resultaat.
Mijn bedoeling is om eerlijke geschiedschrijving te plegen.
Ter ere van mijn in het Verzet en als oorlogsvrijwilliger gevallen kameraden.
Graag ontvang ik eventuele correcties of aanvullingen.
Ook direct. Mijn adres is kaak@wanadoo.fr

Hier mijn verhaal over Van Voorst Evekink:
Op 16 maart 1950 sterft te Londen de 59-jarige Generaal-majoor David van Voorst Evekink.
Van 1939 tot en met mei 1940 was hij militair attaché voor Nederland in Brussel en Parijs. In Brussel had hij een appartement voor zijn maîtresse laten inrichten. Volgens een bepaalde bron was Van Voorst Evekink een landverrader. Hij zou zich laf hebben gedragen.
Pas in juni 1940 kwam hij, als overste, na veel aandringen vanuit de Franse Riviëra naar Londen. Daar werd hij in 1940 nog tot kolonel bevorderd.
In 1941 zou oorspronkelijk Van Voorst Evekink met zijn vriend Bernhard naar Nederlands-Indië gaan. Maar koningin Wilhelmina was daar tegen.
"In september 1941 nam hij het commando over van de Prinses Irene Brigade. Hij was de grote militaire animator achter de plannen de Brigade naar Indië te sturen, waarin Wilhelmina en Bernhard hem steunden. Van Voorst Evekink ging inderdaad, met een compagnie vrijwilligers maar kwam te laat aan. De Ruyter van Steveninck nam ondertussen het commando van de PIB over."
Op 24 december 1941"hoefden noch de koningin, noch haar ministers aan te nemen dat de strijd in Indië kort zou duren. /…/ Ook het feit dat er bij de brigade als geheel weinig enthousiasme heerste om tegen Japan ten strijde te trekken, mocht bij de regering niet de doorslag geven; met volksstemmingen valt geen oorlog te voeren." Loe de Jong en de zijnen kunnen echter de kritiek van de Enquêtecommissie op het besluit van de regering niet delen.
"In juni 1942 keerde Van Voorst Evekink terug naar Engeland en kreeg - voor zover ik weet - een staf functie. De mannen die naar de oost waren gegaan [zo'n 150 man] vormden later de elite eenheid Insulinde in Sri Lanka."
Op 1 december 1942 werd Van Voorst Evekink hoofd van een nieuw bureau van Oorlog; het bureau Organisatie Generale Staf. Luitenant-kolonel Sas kwam uit Canada over om hem te assisteren.
"Het bureau had als taak een plan voor de wederopbouw van een Nederlands naoorlogs leger op te stellen."
Van Voorts Evekink wilde in toen het Iste bataljon van de Irene-brigade naar Indië overbrengen (het gaat tenslotte om zo'n 80 man). In 1955 is bij de Parlementaire Enquêtecommissie sprake van het "weinig bezonnen optreden van de heer van Voorst Evekink…Nog meer veroordeelt zij de handelwijze van de regering, die op het voorstel van de heer Van Voorst Evekink is ingegaan".
In oktober 1945 werd hij militair attaché te Londen.
Na 1945 werd hij 'recruiter', ronselaar, voor de geheime commando's van Prins Bernhard in Fort Blauwkapel.
Waar voormalige collaborateurs gevangen zaten. En die, evenals bijvoorbeeld de Strafgevangenis te Scheveningen, ook al onder de hoede staat van de moord- en begraaforganisatie Canadian Field Security.
Een aantal van de gevangenen in Blauwkapel kon wonderlijk ontsnappen. Zoals bijvoorbeeld generaal Van Hootichem - die later daarvoor zal worden beloond met de functie van Gouverneur van de KMA. En de beruchte Nederlands/Vlaamse SS'er Willem Antonius Maria Sassen (deknamen: W. S. Sluysse, Andre Desmedt) was tijdens de oorlog 'de stem van de SS voor Nederland en Vlaanderen' op de radio. Hij kreeg 20 jaar gevangenisstraf. Maar Willem ontsnapt herhaalde malen en vindt een warm onthaal in het land van Máxima. Rond 1976 verklaart de officier van Justitie De Beaufort de zaak Willem Sassen verjaard .
Ook Richard Protze, de voorganger van Englandspielleider Hermann Giskes, zat tussen 3 april en 1 mei 1946 in Blauwkapel. Hij hoefde niet te ontsnappen. "In hoeverre zijn debriefing serieus valt te nemen is de vraag. Op 25 juli ('46) schreef hij vanuit zijn woonplaats Schönberg in Sleeswijk Holstein aan één van zijn Nederlandse ondervragers, de BNV-er Hein Siedenburg, een vriendelijk bedankbriefje voor de voortreffelijke manier waarop hij en zijn vrouw in Nederland waren behandeld en de uitstekende begeleiding bij hun terugkeer naar huis."
Verder hierboven, bij de dood van Sas, noteerden wij:
In januari 1943 waren prins Bernhard en Jan Somer in Canada, en toen zei Bernhard, dat Somer "moet oppassen voor Sas, die alleen voor zijn eigen belangen werkte, en tevens voor Van Voorst Evekink. Beiden zijn volgens de Prins op een dood (!) spoor gerangeerd en hebben geen enkele invloed meer. Mevrouw Sas is volgens de Prins een sluwe, gevaarlijke intrigante." Die indruk had Somer zelf "ook in New York gekregen".
Zowel Sas als Van Voorts Evekink zijn dus inderdaad letterlijk op "dood spoor" gerangeerd en "en hebben geen enkele invloed meer."
Het "moeten oppassen" in 1943 van Bernhard en Jan Somer in Canada heeft dus in oktober 1948 (het 'ongeluk' van Sas) en maart 1950, 7 jaar later, met het "dood spoor" van Sas en Van Voorst Evekink zijn volledige bestek gevonden…
» Deze reactie is geplaatst op 29 maart 2006 09:35
Totaal berichten: 8
In mijn voorgaande bericht zijn de voetnoten weggevallen.
In de hoop dat de lezer kan begrijpen war zij betrekking op hebben, kopieer ik ze hier:

Rameau - Abwehr-spion (naar Ton Biesemaat).
Naar Allert Goossens op 28-03-2006. Zie: Discussiegroep website De Slag om de Grebbeberg
L. de Jong, Deel 9, p. 291-292.
Ibidem Allert Goossens.
Zoals Vrij Nederland in een artikel van 1981 al vermeldde: 'Hij schreef foute stukken voor Nederlandse en Belgische kranten, navenante foute hoorspelen voor Radio Hilversum, en Radio Brussel en was voor 20 dagen hoofdredacteur van Courant Nieuws van de Dag.’ Hij was al vóór de oorlog één van de belangrijkste informanten, samen met zijn broer en zijn vader, van de toen in Nederland, onder leiding van Kapitän zur See Andreas Richard Traugott Protze, werkende spionage. Protze had zich sinds 1936, als reisagent, onder de deknaam Paarmann, op de Bloemcamplaan in Wassenaar gevestigd. Hij was werkzaam voor Wilhelm Canaris’ Abwehr als leider van de afdeling III – F, dat betrokken was met het Englandspiel en met het R-netz. In 1938 werd Protze opgevolgd door Hermann J. Giskes. /…/ Na twee jaar keerde Willem Sassen terug en ging wapens importeren. Hij werd vertegenwoordiger van het Oostenrijkse concern Steyr-Daimler-Puch voor heel Latijns-Amerika. Willem Sassen bezat nu een Duits paspoort, waarmee hij af en toe voor transacties en familiebezoek naar Duitsland en Nederland afreisde. Willem Antonius Maria Sassens straf was rond 1976 verjaard en hij kwam dus niet meer in aanmerking voor strafvervolging! Volgens de toenmalige officier van Justitie De Beaufort is de zaak Willem Sassen verjaard: 'Hij mag zich vrijelijk in zijn vaderland ophouden.' In België heeft hij echter bij verstek de doodstraf gekregen, in Nederland slechts 20 jaar ontzegging uit de journalistiek. Zie: Go2War2.nl - printversie
Zie: Babbelz Forums - Lees Onderwerp
In mijn 'boek' volgt pal hierop, onder de tussentitel 'Politiek Den Haag – Wilhelmina & Drees' het volgende: "In politiek Den Haag gingen in 1948 geruchten over een steeds scherper geworden tegenstelling tussen Wilhelmina en de regeringen Drees-Beel, "uitgegroeid tot een constitueel conflict". De tegenstelling betrof "de 'barmhartige' behandeling van de zwaarste collaborateurs en oorlogsmisdadigers van zowel Duits als Nederlandse nationaliteit. Conflicten over de militaire campagnes tegen de Indonesische Republiek, die Wilhelmina zou hebben veroordeeld."
Het opgeven van de 'onzijdigheidspolitiek' waarvan Wilhelmina "altijd het gekroonde symbool was geweest" en het "inslaan van een geïntegreerde 'atlantische' koers onder Amerikaanse leiding met gelijktijdige inschakeling van de amper verslagen Duitse vijand in het kader van militaire en politiek-economische blokvorming tegen oorlogsbondgenoot Sovjet-Rusland." "Wilhelmina koesterde grote bewondering voor de prestaties van Stalin en het Rode Leger en voor het moedige aandeel van de communisten in het Nederlandse verzet tegen de Duitse nazi-bezetters".
Of deze bewondering nu zo ver gaat, dat zij haar eigen belangen daaraan ondergeschikt zou willen stellen, kan men zich afvragen.
Ook Wilhelmina zal bij de groep horen, waarvan Greet Hofmans "op voor de meesten zo onthutsende wijze het symbool ging worden"."
» Deze reactie is geplaatst op 29 maart 2006 09:40
Totaal berichten: 5
Het "moeten oppassen" in 1943 van Bernhard en Jan Somer in Canada heeft dus in oktober 1948 (het 'ongeluk' van Sas) en maart 1950, 7 jaar later, met het "dood spoor" van Sas en Van Voorst Evekink zijn volledige bestek gevonden…

Bovenstaand schrijven van de heer Destree staat m.i. in schril contrast met hetgeen de heer de Beus in zijn boek, "Morgen bij het aanbreken van de dag" noteerde:

"In de avond van 20 oktober 1948 was het KLM toestel "Nijmegen" op weg van Amsterdam naar New York. De gezagvoerder van de Lockheed Super Constellation was de beroemde K.D. Parmentier die in 1934 met de Uiver de handicapklasse van de Melbourne race had gewonnen. Bij een tussenlanding in Prestwick, Schotland, probeerde de piloot eerst te landen op baan 32. Door sterke zijwinden besloot de gezagvoerder de landing op baan 32 af te breken en te landen op baan 36. Bij het cirkelen boven het vliegveld kwam het vliegtuig in een zware mistbank terecht en raakte een hoogspanningsleiding. Het toestel crashte 5 mijl van het vliegveld en de 30 passagiers en de 10 bemanningsleden kwamen om. Onder de slachtoffers waren generaal-majoor G.J. Sas, militair attaché in Washington en H. Veenendaal, technisch directeur van de KLM."

Met vriendlijke groet,
F. Oorschot.
» Deze reactie is geplaatst op 1 april 2006 20:33
Totaal berichten: 8
Door een uwer werd ik gewezen op nadere gegevens on het PEC-verhoor van Van Voorst Evekink. Na raadpleging daarvan corrigeerde ik mijn samenvatting als volgt. Graag ontvang ik kritiek.
Op 16 maart 1950 sterft te Londen de 59-jarige Generaal-majoor David van Voorst Evekink.
Van 1939 tot en met mei 1940 was hij militair attaché voor Nederland in Brussel en Parijs. In Brussel had hij een appartement voor zijn maîtresse laten inrichten. Volgens een bepaalde bron was Van Voorst Evekink een landverrader. Hij zou zich laf hebben gedragen.
In juni 1940, na de Franse nederlaag, kwam hij terecht in Délivrande aan de Franse Riviëra. Waar hij op last van minister Dijxhoorn met De Ruyter van Steveninck "een en ander" moest afwikkelen. Van Voorst Evekink maakte deel uit van het gezantschap. Hij gaf Den Beer Poortugaal (met dr. Koch belast met een detachement Marechaus-sees) opdracht naar Londen te gaan. In Cherbourg ontmoette Den Beer toen majoor Sas, op weg van Berlijn naar Engeland (dat kon dus blijkbaar, met Duitse toestemming?). "Ik heb wel gezegd: Zeg aan de Regering, dat wij hier zitten. Toen begreep ik wel, dat het uiteindelijk Engeland moest worden. Oorspronkelijk, toen wij in Nantes waren, was ons doel, ons ter beschikking van de Fransen te stellen."
Hier verschijnt jhr. Dr. J. Loudon op het toneel. Hij was topdiplomaat en minister van Buitenlandse Zaken tij-dens de Eerste Wereldoorlog. Zoon van een oud-minister en oud-Gouverneur-Generaal, die een studie over vol-kenrecht met een dissertatie afrondde. Hij bekleedde achtereenvolgens diplomatieke functies in Peking, Londen, Parijs, Tokyo en Washington. In 1913 werd hij als partijloze liberaal minister in het kabinet-Cort van der Linden. Zijn behoedzame politiek, die er op gericht was de Nederlandse neutraliteit strikt te handhaven, leidde uiteinde-lijke tot een conflict met de koningin. Het kabinet koos echter zijn zijde. Na WW I werd Loudon gezant in Pa-rijs. Hij wordt omschreven als een 'charmante minister die echter geen krachtige persoonlijkheid was'.
"Toen de gezant (Loudon) medio augustus het verzoek uit Londen (Wilhelmina) kreeg ons naar Londen te zen-den, zijn wij terstond op reis gegaan. Wij hebben ons afgemeld bij de gezant en zijn naar (Franco-)Spanje ge-gaan. Daar zijn wij na een dag uitgewezen en toen heeft het even geduurd , voordat wij opnieuw een kans kregen. We konden niet uit Frankrijk komen; wij kregen geen visum. Mijns inziens is de fout gemaakt, dat, toen de ge-zant jhr. Loudon medio augustus van de Vichy-Regering de mededeling kraag, dat het Nederlandse gezantschap niet meer gewenst was, hij een uitreisvergunning had moeten vragen voor het gehele gezantschap. Jhr. Loudon zal dit over het hoofd hebben gezien., omdat hij er voor zijn persoon niet over dacht Frabkrijk te verlaten. Hij was reeds gedurende 25 jaar in Frankrijk en hij is er ook verder gebleven en heeft, wonende in Cannes (A.M.) de ge-hele occupatie medegemaakt."
In 1941 zou oorspronkelijk Van Voorst Evekink met zijn vriend Bernhard naar Nederlands-Indië gaan. Maar koningin Wilhelmina was daar tegen.
"In september 1941 nam hij het commando over van de Prinses Irene Brigade. Hij was de grote militaire anima-tor achter de plannen de Brigade naar Indië te sturen, waarin Wilhelmina en Bernhard hem steunden. Van Voorst Evekink ging inderdaad, met een compagnie vrijwilligers maar kwam te laat aan. De Ruyter van Steveninck nam ondertussen het commando van de PIB over."
Op 24 december 1941"hoefden noch de koningin, noch haar ministers aan te nemen dat de strijd in Indië kort zou duren. /…/ Ook het feit dat er bij de brigade als geheel weinig enthousiasme heerste om tegen Japan ten strijde te trekken, mocht bij de regering niet de doorslag geven; met volksstemmingen valt geen oorlog te voeren." Loe de Jong en de zijnen kunnen echter de kritiek van de Enquêtecommissie op het besluit van de regering niet delen.
"In juni 1942 keerde Van Voorst Evekink terug naar Engeland en kreeg - voor zover ik weet - een staf functie. De mannen die naar de oost waren gegaan [zo'n 150 man] vormden later de elite eenheid Insulinde in Sri Lanka."
Op 1 december 1942 werd Van Voorst Evekink hoofd van een nieuw bureau van Oorlog; het bureau Organisatie Generale Staf. Luitenant-kolonel Sas kwam uit Canada over om hem te assisteren.
"Het bureau had als taak een plan voor de wederopbouw van een Nederlands naoorlogs leger op te stellen."
Van Voorts Evekink wilde in toen het Iste bataljon van de Irene-brigade naar Indië overbrengen (het gaat tenslotte om zo'n 80 man). In 1955 is bij de Parlementaire Enquêtecommissie sprake van het "weinig bezonnen optreden van de heer van Voorst Evekink…Nog meer veroordeelt zij de handelwijze van de regering, die op het voorstel van de heer Van Voorst Evekink is ingegaan".
In oktober 1945 werd hij militair attaché te Londen.
Na 1945 werd hij 'recruiter', ronselaar, voor de geheime commando's van Prins Bernhard in Fort Blauwkapel.
Waar voormalige collaborateurs gevangen zaten. En die, evenals bijvoorbeeld de Strafgevangenis te Scheveningen, ook al onder de hoede staat van de moord- en begraaforganisatie Canadian Field Security.
Een aantal van de gevangenen in Blauwkapel kon wonderlijk ontsnappen. Zoals bijvoorbeeld generaal Van Hootichem - die later daarvoor zal worden beloond met de functie van Gouverneur van de KMA. En de beruchte Nederlands/Vlaamse SS'er Willem Antonius Maria Sassen (deknamen: W. S. Sluysse, Andre Desmedt) was tijdens de oorlog 'de stem van de SS voor Nederland en Vlaanderen' op de radio. Hij kreeg 20 jaar gevangenisstraf. Maar Willem ontsnapt herhaalde malen en vindt een warm onthaal in het land van Máxima. Rond 1976 verklaart de officier van Justitie De Beaufort de zaak Willem Sassen verjaard .
Ook Richard Protze, de voorganger van Englandspielleider Hermann Giskes, zat tussen 3 april en 1 mei 1946 in Blauwkapel. Hij hoefde niet te ontsnappen. "In hoeverre zijn debriefing serieus valt te nemen is de vraag. Op 25 juli ('46) schreef hij vanuit zijn woonplaats Schönberg in Sleeswijk Holstein aan één van zijn Nederlandse ondervragers, de BNV-er Hein Siedenburg, een vriendelijk bedankbriefje voor de voortreffelijke manier waarop hij en zijn vrouw in Nederland waren behandeld en de uitstekende begeleiding bij hun terugkeer naar huis."
Verder hierboven, bij de dood van Sas, noteerden wij:
In januari 1943 waren prins Bernhard en Jan Somer in Canada, en toen zei Bernhard, dat Somer "moet oppassen voor Sas, die alleen voor zijn eigen belangen werkte, en tevens voor Van Voorst Evekink. Beiden zijn volgens de Prins op een dood (!) spoor gerangeerd en hebben geen enkele invloed meer. Mevrouw Sas is volgens de Prins een sluwe, gevaarlijke intrigante." Die indruk had Somer zelf "ook in New York gekregen".
Zowel Sas als Van Voorts Evekink zijn dus inderdaad letterlijk op "dood spoor" gerangeerd en "en hebben geen enkele invloed meer."
Het "moeten oppassen" in 1943 van Bernhard en Jan Somer in Canada heeft dus in oktober 1948 en maart 1950, 7 jaar later, met het "dood spoor" van Sas en Van Voorst Evekink zijn volledige bestek gevonden…

De verwijzingen naar de voetnoten zijn hier weggevallen.
Ik plaats ze hier:
Zie PEC-verhoor David van Voorst Evekink, 26 juli 19949 te Londen. Deel 8 C-1, p. 422-423.
Naar Allert Goossens op 28-03-2006. Zie: Discussiegroep website De Slag om de Grebbeberg
» Deze reactie is geplaatst op 6 april 2006 09:21
Totaal berichten: 133
Van Voorst Evekinks verblijf aan de Franse Riviera heeft er toe geleid dat er herhaalde verzoeken uit Londen kwamen om naar Engeland te reizen. Dat heeft Van Voorst Evekink zo lang als maar mogelijk was tegengehouden. Toen het uiteindelijk niet langer mogelijk was om daar te blijven is hij naar Engeland vertrokken. Daar aangekomen heeft Koningin Wilhelmina een onderzoek gelast naar de gedragingen van Van Voorst Evekink. Dat onderzoek zou geleid worden door de toenmalige Minister van buitenlandse zaken Van Kleffens. Verhinderd door een dienst reis heeft Van Kleffens het onderzoek overgedaan naar Dijxhoorn. (een jaargenoot aan de KMA van Van Voorst Evekink) De uitkomst van dat onderzoek was.......een bevordering tot Kolonel. Een hoogst bedenkelijke uitkomst......
» Deze reactie is geplaatst op 6 april 2006 17:00
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
Is dat zo? Van Voorst Evekink heeft zijn rol in Frankrijk als militair attache met verve vertolkt, en ik zou hem tot alles behalve landverrader willen bestempelen. Wel stond hij bekend als een uitgesproken persoonlijkheid, wat ook toen al in Nederland minder werd gepruimd. Ik waag te betwijfelen of hij zijn twee bevorderingen nu daadwerkelijk zou hebben gekregen als hij echt zo omstreden was qua vaderlandsliefde. Ik kan me wel voorstellen dat hij goed de balen had van Nederland. Echt veel steun kreeg hij niet in zijn Parijse tijd, zeker niet van Reijnders. En verhalen als dat hij aan de Riviera lag en schoorvoetend terugkwam vind ik wat suggestief. Logisch dat hij naar zuid-Frankrijk vertrok toen de Duitsers het noorden innamen en de Italianen in het zuidwesten binnenvielen. Van Voorst Evekink wilde echter maar al te graag naar Indië later om te vechten tegen de Jappen. Als hij echt zo'n landverrader dan wel laffe kerel was dan is dat weer lastig te rijmen. Wel zijn er - zoals gezegd - velen die hem niet mochten. Vast een goede verklaring voor vele geruchten.
» Deze reactie is geplaatst op 6 april 2006 17:10
Totaal berichten: 133
Ik vind het begrip landverrader ook niet opgaan voor hem. Maar ik denk wel dat er enige bedenkingen waren tegen sommige acties van hem. Of zoals de Engelsen het noemen "frowned upon.." Als ik mij goed herinner was hij ook betrokken bij de verkoop poging van Franse vliegtuigen aan de Nederlandse luchvaart afdeling zonder bewapening...dat werd hem niet in dank afgenomen door zowel de regering als Reijnders.
» Deze reactie is geplaatst op 6 april 2006 20:30
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
Kijk, en dat is nou zo'n hoax.

Het betrof de Franse aanschaf van de FK-58. Deze voldeed niet aan de prestatie-eisen van de Fransen (en dat was een terechte grief - het toestel had minder vermogen en een te zwak airframe), en daarom boden de Fransen het toestel ter overname aan aan de Nederlanders. Het was zonder bewapening besteld, want de boordwapens zouden door de Fransen zelf worden ingebouwd. Het enige wat Van Voorst Evekink vermoedelijk deed was als liaison fungeren tussen de Franse en de Nederlandse defensie inkopers; meer niet. Het kostte trouwens nogal wat moeite om de toestellen door Nederland te laten overnemen.

Overigens verkochten alle buitenlanders hun toestellen aan Nederland zonder boordwapens, op verzoek van ons eigen ministerie. Wij wilden standaardiseren op de FN 7,9 mm M.36 mitrailleurs. Dat was logistiek handiger, en een terechte overweging. Zo zouden de Curtiss 21 jagers ook zonder boordwapens worden geleverd. Voor de FK-58 was eind 1939 door de AI een opdracht bij FN geplaatst voor de boordwapens; 160 stuks [voor 36 toestellen]. Voor de 24 Curtiss jagers was trouwens ook een order geplaatst van 120 stuks in april 1940.
» Deze reactie is geplaatst op 7 april 2006 01:53
Totaal berichten: 8
Weer veel dank voor de reacties.
Dit is eindelijk eens een website waar men terzake kan discussiëren en waar zinnige informatie wordt gegeven.
Dit in tegenstelling tot zeer veel andere.
Ook de waarschuwende informatie die wordt gegeven over ontvangen reacties vind ik voorbeeldig.

Onderwijl heb ik mijn verhaal over Van Voorst Evekink nog weer gecompleteerd met gegevens uit de PEC-verhoren van genoemde.
Ik plaats het hieronder.
Het is één van de doden uit de lange lijst van 80 moordzaken, verwijningen en 'ongelukken' die ik opmaakte.
En waarbij het Huis van Oranje belang had.
Mijn excuses voor de verschrikkelijke ernst van de feiten.
Maar de werkelijke historie is nu eenmaal verschrikkelijk.
Letterlijk ontzettend - en misdadig.
Ook nu is de typografische bewerking (vetmarkeringen, cursiveringen, en voetnoten) weggevallen. Wie de originele versie wil ontvangen kan die via kaak@wanadoo.fr ontvangen.

Op 16 maart 1950 sterft te Londen de 59-jarige Generaal-majoor David van Voorst Evekink.
Van 1939 tot en met mei 1940 was hij militair attaché voor Nederland in Brussel en Parijs. In Brussel had hij een appartement voor zijn maîtresse laten inrichten. Volgens een bepaalde bron was Van Voorst Evekink een landverrader. Hij zou zich laf hebben gedragen.
Het blijkt een belangrijke zaak te zijn.
Daarom wordt er hier in detail, dus genuanceerd, op in gegaan.
In juni 1940, na de Franse nederlaag, kwam hij terecht in Délivrande aan de Franse Riviëra. Waar hij op last van minister Dijxhoorn met De Ruyter van Steveninck "een en ander" moest afwikkelen. Van Voorst Evekink maakte deel uit van het gezantschap. Hij gaf Den Beer Poortugaal (met dr. Koch belast met een detachement Marechaus-sees) opdracht naar Londen te gaan. In Cherbourg ontmoette Den Beer toen majoor Sas, op weg van Berlijn naar Engeland (dat kon dus blijkbaar, met Duitse toestemming?). "Ik heb wel gezegd: Zeg aan de Regering, dat wij hier zitten. Toen begreep ik wel, dat het uiteindelijk Engeland moest worden. Oorspronkelijk, toen wij in Nantes waren, was ons doel, ons ter beschikking van de Fransen te stellen."
Hier verschijnt jhr. Dr. John Loudon op het toneel. Hij was topdiplomaat en minister van Buitenlandse Zaken tij-dens de Eerste Wereldoorlog. Zoon van een oud-minister en oud-Gouverneur-Generaal, die een studie over vol-kenrecht met een dissertatie afrondde. Hij bekleedde achtereenvolgens diplomatieke functies in Peking, Londen, Parijs, Tokio en Washington. In 1913 werd hij als partijloze liberaal minister in het kabinet-Cort van der Linden. Zijn behoedzame politiek, die er op gericht was de Nederlandse neutraliteit strikt te handhaven, leidde uiteinde-lijke tot een conflict met de koningin. Het kabinet koos echter zijn zijde. Na WW I werd Loudon gezant in Pa-rijs. Hij wordt omschreven als een 'charmante minister die echter geen krachtige persoonlijkheid was'.
In 1890 werd de 'Royal Dutch'/Shell gesticht door Jean Kessler, Henri Deterding en Hugo Loudon, die van Ko-ningin Wilhelmina een concessie voor de petroleumexploratie kreeg voor de Koninklijke Nederlandsche Petrole-um Maatschappij.
Jhr.Dr. A. Loudon blijkt bovengenoemde John te zijn. Hij is ook degene die voor Koningin Wilhelmina de Duitse SS'er Prins Bernhard opsnorde. Die Wilhelmina vervolgens willens en wetens aan Prinses Juliana koppelde. (Vandaag is jonkheer Aarnout Loudon voorzitter van het Shell 'remuneration committee'.)
"Toen de gezant (Loudon) medio augustus het verzoek uit Londen (Wilhelmina) kreeg ons naar Londen te zenden, zijn wij terstond op reis gegaan. Wij hebben ons afgemeld bij de gezant en zijn naar (Franco-)Spanje gegaan. Daar zijn wij na een dag uitgewezen en toen heeft het even geduurd , voordat wij opnieuw een kans kregen. We konden niet uit Frankrijk komen; wij kregen geen visum. Mijns inziens is de fout gemaakt, dat, toen de gezant jhr. Loudon medio augustus van de Vichy-Regering de mededeling kraag, dat het Nederlandse gezantschap niet meer gewenst was, hij een uitreisvergunning had moeten vragen voor het gehele gezantschap. Jhr. Loudon zal dit over het hoofd hebben gezien., omdat hij er voor zijn persoon niet over dacht Frankrijk te verlaten. Hij was reeds gedurende 25 jaar in Frankrijk en hij is er ook verder gebleven en heeft, wonende in Cannes (A.M.) de gehele occupatie medegemaakt."
In 1941 zou oorspronkelijk Van Voorst Evekink met zijn vriend Bernhard naar Nederlands-Indië gaan. Maar koningin Wilhelmina was daar tegen.
"In september 1941 nam hij het commando over van de Prinses Irene Brigade. Hij was de grote militaire animator achter de plannen de Brigade naar Indië te sturen, waarin Wilhelmina en Bernhard hem steunden. Van Voorst Evekink ging inderdaad, met een compagnie vrijwilligers maar kwam te laat aan. De Ruyter van Steveninck nam ondertussen het commando van de PIB over."
Op 24 december 1941"hoefden noch de koningin, noch haar ministers aan te nemen dat de strijd in Indië kort zou duren. /…/ Ook het feit dat er bij de brigade als geheel weinig enthousiasme heerste om tegen Japan ten strijde te trekken, mocht bij de regering niet de doorslag geven; met volksstemmingen valt geen oorlog te voeren." Loe de Jong en de zijnen kunnen echter de kritiek van de Enquêtecommissie op het besluit van de regering niet delen.
"In juni 1942 keerde Van Voorst Evekink terug naar Engeland en kreeg - voor zover ik weet - een staf functie. De mannen die naar de oost waren gegaan [zo'n 150 man] vormden later de elite eenheid Insulinde in Sri Lan-ka."
Een ander geluid komt van Eric Slot:
"Van Voorst Evekinks verblijf aan de Franse Riviera heeft er toe geleid dat er herhaalde verzoeken uit Londen kwamen om naar Engeland te reizen. Dat heeft Van Voorst Evekink zo lang als maar mogelijk was tegengehou-den. Toen het uiteindelijk niet langer mogelijk was om daar te blijven is hij naar Engeland vertrokken. Daar aan-gekomen heeft Koningin Wilhelmina een onderzoek gelast naar de gedragingen van Van
Voorst Evekink. Dat onderzoek zou geleid worden door de toenmalige Minister van buitenlandse zaken Van Kleffens. Verhinderd door een dienst reis heeft Van Kleffens het onderzoek overgedaan naar Dijxhoorn. (een jaargenoot aan de KMA van Van Voorst Evekink) De uitkomst van dat onderzoek was.......een bevordering tot Kolonel. Een hoogst bedenkelijke uitkomst...... "
Van Voorst Evekink zelf verklaart dat hij zo snel mogelijk naar Engeland is gegaan.
Op 1 december 1942 werd Van Voorst Evekink hoofd van een nieuw bureau van Oorlog; het bureau Organisatie Generale Staf. Luitenant-kolonel Sas kwam uit Canada over om hem te assisteren.
Van Voorst Evekink benadrukt herhaaldelijk zijn vriendschap met Sas.
"Het bureau had als taak een plan voor de wederopbouw van een Nederlands naoorlogs leger op te stellen."
Van Voorts Evekink wilde in toen het Iste bataljon van de Irene-brigade naar Indië overbrengen (het gaat tenslotte om zo'n 80 man). In 1955 is bij de Parlementaire Enquêtecommissie sprake van het "weinig bezonnen optreden van de heer van Voorst Evekink…Nog meer veroordeelt zij de handelwijze van de regering, die op het voorstel van de heer Van Voorst Evekink is ingegaan".
In oktober 1945 werd hij militair attaché te Londen.
Na 1945 werd hij 'recruiter', ronselaar, voor de geheime commando's van Prins Bernhard in Fort Blauwkapel.
Waar voormalige collaborateurs gevangen zaten. En die, evenals bijvoorbeeld de Strafgevangenis te Schevenin-gen, ook al onder de hoede staat van de moord- en begraaforganisatie Canadian Field Security.
Een aantal van de gevangenen in Blauwkapel kon wonderlijk ontsnappen. Zoals bijvoorbeeld generaal Van Hootichem - die later daarvoor zal worden beloond met de functie van Gouverneur van de KMA. En de beruchte Nederlands/Vlaamse SS'er Willem Antonius Maria Sassen (deknamen: W. S. Sluysse, Andre Desmedt) was tij-dens de oorlog 'de stem van de SS voor Nederland en Vlaanderen' op de radio. Hij kreeg 20 jaar gevangenisstraf. Maar Willem ontsnapt herhaalde malen en vindt een warm onthaal in het land van Máxima. Rond 1976 verklaart de officier van Justitie De Beaufort de zaak Willem Sassen verjaard .
Ook Richard Protze, de voorganger van Englandspielleider Hermann Giskes, zat tussen 3 april en 1 mei 1946 in Blauwkapel. Hij hoefde niet te ontsnappen. "In hoeverre zijn debriefing serieus valt te nemen is de vraag. Op 25 juli ('46) schreef hij vanuit zijn woonplaats Schönberg in Sleeswijk Holstein aan één van zijn Nederlandse on-dervragers, de BNV-er Hein Siedenburg, een vriendelijk bedankbriefje voor de voortreffelijke manier waarop hij en zijn vrouw in Nederland waren behandeld en de uitstekende begeleiding bij hun terugkeer naar huis."
Van Voorst Evekink en Sas hebben een minderheidsnota geschreven over "de vorming van een kwaliteitsleger van bepaalde omvang". Generaal Van de Vijver heeft zich daarover beklaagd bij minister van Lidth de Jeude. "De nota is geschreven in een schier vijandigen irriterenden toon en bevat enige bedekte hatelijkheden, zoowel aan het adres van Uwe Excellentie als aan dat van Kolonel Kruls en mij. Ook Luitenant-Kolonel Doorman komt er niet zonder kleerscheuren af."
Van Voorst Evekink verklaart die nota niet te kennen, en dat er geen reden voor die klacht was.
PEC-voorzitter Donker resumeert: "Zou men kunnen zeggen, dat er hier twee bepaalde stromingen tegenover elkaar stonden? Ik zie, dat die minderheidsnota van u en wijlen de heer Sas is, dus twee personen, terwijl de meerderheid wordt uitgemaakt door vier personen, nl. de heren Van der Vijver, Kruls, Doorman en De Broekert. Kan men in het algemeen spreken van een tegenstelling in dit opzicht tussen de leidende figuren van die tijd?"
Van Voorst Evekink beaamt dat ten opzichte van de met betrekking "tot de omvang van het nieuw op te bouwen leger."
Van Voorst Evekink beklaagt zich erover dat minister (van Oorlog) Van Lidth de Jeude "achter mijn rug om aan het ageren is geweest." Hij heeft aan de Ministerraad een "geheel verkeerde weergave" van Van Voorst rapport gegeven. Van Voorst heeft gevraagt dit recht te trekken. Donker praat eroverheen.
Later is Van Voorst Evekink "commandant van de Nederlandse troepen in Engeland geworden." Dat betrof "de opleiding van het kader van de Expeditionaire Macht." Dat werd, "met medewerking van de Engelsen" een "groot succes".

De tegenstelling Van Voorst Evekink – Prins Bernhard
Dan komt de onenigheid, de tegenstelling, tussen Van Voorst Evekink en Prins Bernhard naar boven.
"Ik wijs er voorts op, dat Prins Bernhard benoemd is tot Bevelhebber der Nederlandse Strijdkrachten door de Koningin, welk besluit tot stand is gekomen aanvankelijk zonder ministeriële medewerking (Koninklijke Besluit van 3 September 1944, no. 1). Des anderen daags, toen het besluit is aangegeven, is daar bijgevoegd: 'Op de voordracht van de Ministers voor Algemene Oorlogvoering (premier Gerbrandy), van Oorlog (Van Lidth de Jeude – op 4 april 1945 vervangen door de voormalig collaborateur De Quay!) en van Justitie (van Heuven Goedhart)van VIER September 1944'.
Sprekende over het niet meer vrij zijn in het te voeren beleid door de achtereenvolgende ministers van Oorlog, heb ik het geluk gehad om de papieren te vinden van mijn helaas overleden vriend Sas. Ook daarin vind ik aan-wijzingen, dat de achtereenvolgende ministers van Oorlog in Londen niet vrij waren in het te voeren beleid. Als mijn vriend Sas Minister Van Boeyen zijn bezwaren kenbaar maakt in verband met de gekozen oplossing inzake de organisatie van militaire voorbereiding terugkeer naar Nederland en in het bijzonder er bezwaar tegen maakt , dat bedoelde militaire voorbereidingen, welke in hoofdzaak een vraagstuk vormen van de Koninklijke landmacht , zij gesteld onder de algemene leiding van een marine-instantie, i.c. kolonel der mariniers De Bruyne, antwoord Minister van Boeyen hem, dat hij hierin geen verandering kan brengen, omdat de Koningin dit zo wenste."
Met de kolonel der mariniers De Bruyne zijn wij weer op het terrein van het Englandspiel.
Wat in hoofdzaak een berustte op een geheime Brits/Duits/Nederlandse collaboratie.
En de collaboratie tussen de collaborateur Koos Vorrink en de met de Duitse bezetter collaborerende Neder-landse regering in ballingschap.
Die regering bestond voornamelijk uit Koningin Wilhelmina. Die dictatoriaal en ongrondwettelijk regeerde.
Naar de officiële geschiedschrijver Loe de Jong herhaaldelijk benadrukt.
Dat Englandspiel had het oog op de in de tweede helft van 1942 voorziene ontruiming van Holland door de Duit-se troepen in begin 1943.
Naar generaal-majoor der Mariniers Mattheus Reindert De Bruyne onder ede aan de PC heeft verklaard.
De boodschap van Brooke aan de Bruyne; De geheime kern van het nog steeds geheime Brits/Duits/Nederlandse Englandspiel: "In het najaar, in elk geval in de tweede helft van 1942, is van Engelse zijde een grote pressie uit-geoefend. Ik ben nog ontboden geweest bij Allan Brook (sic), de chef-staf van de Imperial Staff, om ons tot spoed aan te zetten, omdat men in begin '43 een grote mogelijkheid zag van een overeenkomst met Duitsland, een terug-trekken althans van de troepen uit Holland."
Zie De Bruyne's eerste verhoor door PEC-voorzitter Donker, op 20 oktober 1948, Deel 4 C I, p. 462, vraagpunt 30399.
Donker reageert op Voorst Evekink's opmerking met: "U hebt in uw brief geschreven, dat het beleid van Minister Van Lidth de Jeude, voor zover u daarmee te maken hebt gehad, zich heeft gekenmerkt door achterbaksheid. Kunt u dat aantonen?"
Van Voorst Evekink geeft drie voorbeelden. Van Lidth heeft Doorman er toe gebracht uit de school van Evekink te klappen, en hem geheimhoudingsplicht op te leggen. Op 31 december 1942 viel echter Doorman bij Van Voorst Evekink "door de mand". Hij zei: 'Ja generaal, wij moeten nog eens een lang gesprek voeren.' Evekink: 'Ik begon er toen de lucht van te krijgen.' Doorman vertelde "met een hoogrode kleur, dat hij bij de minister was ont-boden" en dat die hem geheimhouding had opgelegd. 'Ik vind dit een voorbeeld van achterbaksheid van de Minis-ter, zoals ik nog nooit van mijn leven heb meegemaakt.'
Op 1 december 1942 wordt Van Voorst Evekink hoofd van het Bureau OGS; Organisatie Generale Staf.
Dus een zeer hoge post. Maar waarbij hij in de wielen wordt gereden, waarbij Prins Bernhard actief blijkt te zijn. Dus Koningin Wilhelmina. En waarbij de betrokken Ministers en Ministerraad "niet meer vrij zijn in het te voeren beleid".
Van Voorst Evekink merkt nog op: 'de nota aan de Ministerraad, waarin hij zijn ambtgenoten mededeelt, hoe naar zijn mening de landmacht en de luchtmacht moeten worden georganiseerd, mat een verdraaide weergave van wat het Bureau OGS ter zake had voorgesteld. Wanneer men buiten mijn weten een dergelijke nota stuurt aan de Mi-nisterrad met dergelijk leugens betreffende mijn voorstellen, dan noem ik dat achterbaks.'
Het kan geen vergissing zijn geweest, en de Minister heeft zich ook niet aan Van Voorst Evekink willen verontschuldigen.
Het derde argument is: 'Nadat de Minister mij had belast met het overleg met het War Office voor de vorming van de Expeditionaire Macht en ik het contact had gevormd, stuurde jij achter mijn rug om andere naar het War Office. Terwijl ik aan het overleggen was, ging de Prins, bijgestaan door kolonel Kruls, op verzoek van de Minister en zonder dat ik het wist, daar oer hetzelfde onderwerp praten en overleggen, waardoor ik tegenover de Britse generaals in mijn hemd werd gezet.'
'De Minister heeft de Prins gevraagd daarheen te gaan. Ik heb schriftelijk mijn bezwaren tegen deze procedure aan de Minister kenbaar gemaakt.'
Wat bij Prins Bernhard natuurlijk kwaad (Duitsen) bloed kan hebben gezet.
Uit bovenstaande kan men ook nog concluderen dat de Nederlandse autoriteiten (Oranje) er belang bij hadden (en hebben) om Van Voorst Evekink zo ongunstig mogelijk in de officiële geschiedschrijving te doen verschijnen.
Allert Goossens van de 'Discussiegroep website De Slag om de Grebbeberg' reageert met o.m.:"Van Voorst Eve-kink heeft zijn rol in Frankrijk als militair attache met verve vertolkt, en ik zou hem tot alles behalve
landverrader willen bestempelen. Wel stond hij bekend als een uitgesproken persoonlijkheid, wat ook toen al in Nederland minder werd gepruimd. Ik waag te betwijfelen of hij zijn twee bevorderingen nu daadwerkelijk zou hebben gekregen als hij echt zo omstreden was qua vaderlandsliefde. Ik kan me wel voorstellen dat hij goed de balen had van Nederland."
Het lijkt zeer wel mogelijk dat Koningin Wilhelmina Van Voorst Evekink slechts heeft bevorderd om hem te paai-en en zo zijn zwijgzaamheid te kopen. Dat blijkt dus duidelijk (weer eens) een Koninklijke misrekening te zijn ge-weest.
Verder hierboven, bij de dood van Sas, noteerden wij:
In januari 1943 waren prins Bernhard en Jan Somer in Canada, en toen zei Bernhard, dat Somer "moet oppassen voor Sas, die alleen voor zijn eigen belangen werkte, en tevens voor Van Voorst Evekink. Beiden zijn volgens de Prins op een dood (!) spoor gerangeerd en hebben geen enkele invloed meer. Mevrouw Sas is volgens de Prins een sluwe, gevaarlijke intrigante." Die indruk had Somer zelf "ook in New York gekregen".
Zowel Sas als Van Voorts Evekink zijn dus inderdaad letterlijk op "dood spoor" gerangeerd en "en hebben geen enkele invloed meer."
Het "moeten oppassen" in 1943 van Bernhard en Jan Somer in Canada heeft dus in oktober 1948 en maart 1950, 7 jaar later, met het "dood spoor" van Sas en Van Voorst Evekink zijn volledige bestek gevonden…
» Deze reactie is geplaatst op 7 april 2006 12:43
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
Beste Charles. Een uitgebreid epistel, met een journalistieke saus overgoten - zo is mijn indruk.

Het zou mijn stijl niet helemaal zijn om een artikel zo te schrijven. Het komt wat zurig over als het zaken betreft van het Koninklijk Huis. Hier en daar zou ik het zelfs behoorlijk ongenuanceerd durven noemen.

Ik kan niet goed opmaken wat nu wel en geen quote is en wat nu wel of niet door de auteur zelve wordt ingebracht. Dat lijkt me wel aardig te weten, en dit kan door dit bijvoorbeeld met [ ] aan te geven.

Ik kan me voorts voorstellen dat niet ingevoerde lezers het spoor volledig bijster zijn of alras raken als ze het artikel lezen. Het zeer gecomprimeerde artikel bevat nogal wat haastige tijdsprongen, en als men dit niet tegen de personen en gebeurtenissen kan afzetten wordt het schier onleesbaar en onbegrijpelijk. Een goed auteur neemt de lezer aan de hand en zorgt in contact te blijven. Anders verliest hij of zij vrijwel zeker de aandacht.

Er is mijns inziens ruimte voor aanmerkelijke verbetering als we kijken naar de focus en de toonzetting. Er zitten nogal veel overdreven suggestieve passages in die de inhoud bij voorbaat devalueren. Kwalificaties van het Koningshuis [die mijns inziens vrijwel louter op suggestie en niet op feiten zijn berust] en indirect van Koninklijke lieden, zoals Maxima en Bernhard. Het lidmaatschap van Bernhard van de SS wordt bv mijns inziens storend ongenuanceerd geportreteerd. En Maxima zodanig verbinden aan haar land suggereert een erfschuld, die ik ook verre van me zou werpen.

Ik vind dat de rol van Wilhelmina in WOII onrecht wordt aangedaan. Er bestaat geen verschil van mening dat zij bij gelegenheid sterk monistisch optrad [en of we dat nu ongrondwettelijk, dictatoriaal, monarchisch of eigenzinnig moeten noemen is me om het even]. Anderzijds was het Nederlandse kabinet in Londen volkomen apatisch en ongeschikt. Zoals Chruchill het verwoordde [Wilhelmina is de enige man in het kabinet] lijkt me treffend. Wilhelmina haar gloriedagen waren 1940-1945, en in die tijd was haar kracht en inzicht van harte gewenst. Nederland was toen nog een mogendheid die qua economische en imperalistische belangen op de kaart stond met haar kolonie in de oost.

Een zwabber kabinet zoals dat onder de ongehoord zwakke boekhouder De Geer [net als Colijn zoekende naar conformisme met Duitsland] en later Gerbrandy bracht ons alleen maar zwakte en maakte ons manipuleerbaar. Ik moet er niet aan denken dat wij deze kabinetten in Londen hadden gehad zonder monarch ernaast [en de facto dus geen regering in ballingschap, zoals de Belgen en de Polen, maar een zeer beperkt gemandateerd kabinet].

Wilhelmina had sinds haar troonbestijging vrijwel geen behoorlijk kabinet meegemaakt, en geconstateerd dat de kabinetten van wijze oude mannen tussen 1900-1940 alleen maar over mekaar heen vielen - Italiaanse taferelen, met meer kabinetscrises dan jaren. Visie en inzicht was de Nederlandse politiek haast vreemd, en zwalkende kabinetten en voormannen waren er te over geweest. De Nederlandse economie in de jaren 1900-1940 was zo slecht, dat 1941 en 1942 de beste economische jaren werden van de eeuw - en dit louter door Duitse opdrachten aan het bedrijfsleven. Dat is veelzeggend. Is het dan vreemd dat Wilhelmina zich meer dan een leidende rol aanmat in de oorlogsjaren? Welnee, gelukkig deed zij dat zou ik haast zeggen. Dat zij daarbij niet altijd even democratisch opereerde zij haar vergeven. Democratie en oorlog verhouden zich nu eenmaal slecht met elkaar.

Het is altijd wel vermakelijk dat mensen denken dat in oorlogstijd een land of een natie geleid kan worden als in vredestijd. Dat is natuurlijk een enorme misvatting. Is in vredestijd de aanwezigheid van een slecht functionerende minister of hoog officier overkomelijk - in oorlogstijd kan het vele slachtoffers kosten of enorme belangen in gevaar brengen. Er is niets vunziger dan oorlog, en juist in zo'n tijd is krachtdadig beleid van belang. Het misstaat mijns inziens daarom het Koninklijk Huis af te schilderen als een verzameling zelfingenomen intriganten die vooral met eigen waarde en belangen bezig waren. Suggesties of hypothese horen bij een kritisch artikel - vooroordelen en wilde ongenuanceerde speculatie m.i. niet. Vandaar mijn mening in de aanhef, dat dit artikel nogal jounalistiek overkomt en zonder enige moeite de zaterdagbijlage van de Telegraaf zou kunnen sieren.

Resumerend - boeiend, maar redigeer het eens richting een objectievere bril.
» Deze reactie is geplaatst op 7 april 2006 13:35
Totaal berichten: 8
Mijn uitvoerige en danig aangevulde inzending werd geweigerd door de heer Goossens.
Ik was er natuurlijk al op voorbereid.
De heer Goossens verwijt mij:
"Het zou mijn stijl niet helemaal zijn om een artikel zo te schrijven.
Het komt wat zurig over als het zaken betreft van het Koninklijk Huis.
Hier en daar zou ik het zelfs behoorlijk ongenuanceerd durven noemen."
En hij besluit: "Resumerend - boeiend, maar redigeer het eens richting een
objectievere bril."

Ik zou zeggen: Laat het even aan de lezer over.
Zoals ik al opmerkte: De typografische verzorging (ik ben ook typograaf van beroep) gaat in deze website verloren.
Wie de oorspronkelijke tekst wil ontvangen, kan die vinden via kaak@wanadoo.fr en krijgt die per omgaande van mij.

De heer Goossens schrijft over de:
"ongehoord zwakke boekhouder De Geer".
Waarom bleef die trouwe Oranjedienaar dan desondanks nog Minister van Staat?
Tot zelfs nog ná zijn onrechtvaardige proces.

De heer Goossens merkt ook nog op:
"Vandaar mijn mening in de aanhef, dat dit artikel nogal jounalistiek overkomt en zonder enige moeite de zaterdagbijlage van de Telegraaf zou kunnen sieren."
Daar is echter zeer weinig kans op.
Want noch De Telegraaf, noch enig ander van alle Nederlandse media, heeft ooit maar één regel over mijn onthullingen willen publiceren.
Wat toch wel kan worden opgevat als bewijs van de in Nederland heersende censuur.

Al op 7 april verweet de heer Goossens mij:
"Er is mijns inziens ruimte voor aanmerkelijke verbetering als we kijken naar de focus en de toonzetting. Er zitten nogal veel overdreven suggestieve passages in die de inhoud bij voorbaat devalueren. Kwalificaties van het Koningshuis [die mijns inziens vrijwel louter op suggestie en niet op feiten zijn berust] en indirect van Koninklijke lieden, zoals Maxima en Bernhard. Het lidmaatschap van Bernhard van de SS wordt bv mijns inziens storend ongenuanceerd geportreteerd. En Maxima zodanig verbinden aan haar land suggereert een erfschuld, die ik ook verre van me zou werpen."

En dat is nu juist het grote probleem.
Men wilde en wil het maar liever niet 'haben gewußt'…

Wordt die nu ook toegepast op dit forum?
Geachte heer Goossens?
Charles Destrée.
» Deze reactie is geplaatst op 7 april 2006 14:16
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
U vergeeft mij vast dat ik in uw antwoord - en eerder in directe e-mails - al een bepaalde toonsoort ontwaar die niet vrij is van enige vooringenomenheid. Andere kwalificaties laat ik bewust maar achterwege.

U beklaagt zich onterecht op censuur en aanverwante sturingen. Voor zover ik kan nagaan - en als een van de webmasters op dit forum is dit dus vrij uitputtend - kreeg u tot op heden alle tijd en ruimte om uw bijdragen ongecensureerd en ongezouten te plaatsen. Uw grieven missen dan ook elke grond.

Voorts staat u voor uw woorden en blijkbaar toonsoort en inhoud. Het is uw goed recht. U begrijpt van mij wellicht weer dat ik inhoudelijk verder maar niet meer op uw woorden en repliek in ga. Ik laat de zeepkist aan u en anderen - zoals een gewaardeerd Grebbe collega zou zeggen.
» Deze reactie is geplaatst op 7 april 2006 14:29
Totaal berichten: 1
L.S.

Laat de lezer oordelen schreef de heer Destrée.

Bij deze.
Hoewel ik niet op de hoogte ben van de avonturen van Voorst Evekink heb ik wel een oordeel over de schrijfwijze van de auteur. Deze is op een aantal plaatsen nogal suggestief waardoor het verhaal de indruk geeft een hoog complottheorie gehalte te hebben. Door deze toegevoegde informatie van de auteur wordt een aantal personen bij voorbaat in een kwaad daglicht gezet.

Ook is mij niet duidelijk of die bijgevoegde informatie de mening van de auteur is of het resultaat van historisch onderzoek.

Kortom, ik sluit mij aan bij de mening van de heer Goossens en laat de zeepkist voor wat hij is.

Met vriendelijke groet,
F. Oorschot.
» Deze reactie is geplaatst op 7 april 2006 15:56
Totaal berichten: 8
De heer Allert Goossens laat mij per e-mail weten:
"U vergeeft mij vast dat ik in uw antwoord - en eerder in directe e-mails - al een bepaalde toonsoort ontwaar die niet vrij is van enige vooringenomenheid. Andere kwalificaties laat ik bewust maar achterwege."
Dat verwijt kan ik natuurlijk per kerende post ook maken.

"U beklaagt zich onterecht op censuur en aanverwante sturingen. Voor zover ik kan nagaan - en als een van de webmasters op dit forum is dit dus vrij uitputtend - kreeg u tot op heden alle tijd en ruimte om uw bijdragen ongecensureerd en ongezouten te plaatsen. Uw grieven missen dan ook elke grond."
Mea culpa, en mijn welgemeende excuses daarvoor.
Problemen bij de ontvangst via Internet waren mede de oorzaak.

"Voorts staat u voor uw woorden en blijkbaar toonsoort en inhoud. /…/"

Mijn "toonsoort en inhoud" zijn bedoeld als tegenwicht voor de door de Oranjefascisten gebezigde "toonsoort en inhoud".
Het zijn ook geen poëten en misdienaren geweest die op 6 juni 1944 zijn geland op het strand van Normandië.
Die inhoud lijkt me oneindig belangrijker dan de toonsoort.
Als de politici het hebben over "inhoudelijk" wordt er altijd omheen gepraat.
De inhoud wordt voornamelijk ingehouden.

De geschiedenis kan ons slechts iets leren, wanneer wij begrijpen hoe de voorgaande geschiedenis ons huidige dagelijks leven beïnvloed. En het 'milieu'. En de toekomst van onze kinderen.
Met andere woorden, hoe de voormalige misdadige geschiedenis van het Huis van Oranje de toekomst van onze kinderen vergiftigd.
Wanneer dit wordt gebagatelliseerd, en de aandacht van de essentie wordt afgeleid door kritiek op de gebezigde 'toonsoort' – dan vind ik dat een hoogst kwalijke zaak.
In een open brief noemde ik de 'schoftenstreken' van Prins Bernhard.
Die bijvoorbeeld zijn echtgenote Juliana de Greet Hofmans-affaire op de hals schoof.
En die haar wilde laten opsluiten in een kliniek als geesteszieke.
Objectief - en in al zijn nuances beschouwd - verdienen Bernhard's streken die kwalificatie.
Voor wie "niet vrij is van enige vooringenomenheid."
Wie deze zaken maar liever niet wil 'haben gewußt' – kan worden vergeleken met de revisionisten, die de holocaust ontkennen.
"Andere kwalificaties laat ik bewust maar achterwege."
Men blijkt te willen vergeten dat het concentratiekamp Westerbork al vóór de Duitse bezetting door de Nederlandse regering werd gebouwd.
Men blijkt ook te willen vergeten dat al sinds 1934 Koningin Wilhelmina willen en wetens begon de SS'er Prins Bernhard aan Prinses Juliana te koppelen.
Men blijkt vooral niet te willen weten hoe tijdens WO II Koningin Wilhelmina en Prins Bernhard met de Duitse bezetter collaboreerden.
Dan hoeft men het ook niet te vergeten.
Dit zijn allemaal – tot het uiterste genuanceerde - en onomstotelijke feiten, die bewijzen hoe verderfelijk het Huis van Oranje voor Nederland is.
Die bewijzen dat in onze mandarijnenmonarchie een geraffineerd Oranjefascisme heerst.
Wie wil mij nu eens puntsgewijs bewijzen waar en hoe ik onjuiste feiten te berde breng?

Het kost inderdaad enige moeite om de verschrikkelijke werkelijkheid te (willen) vernemen en begrijpen.
Zestien volle jaren ben ik nu bezig met mijn historisch onderzoek.
Ik kon dat onbevangen doen.
Daar ik van huis uit geen overtuiging – maar een onbevooroordeelde opvatting heb meegekregen.
Die blijkt slechts een kleine minderheid te kunnen en willen opbrengen.
Mijn familie en ikzelf hebben ons hebben en houden en ons leven gewaagd door aan vervolgenden steun te leveren.
Na de bevrijding werd het Verzet in een hoek getrapt.
Dat zet een beetje 'kwaad bloed'.
In plaats van vandaag mee te bouwen aan een positief en daadwerkelijk strijdbaar Verzet – verkiest men blijkbaar te muggenziften over de 'bepaalde toonsoort '.

Het onderwerp Van Voorst Evekink lijkt me onderwijl 'uitputtend' te zijn behandeld.
Met dank aan hen die de vriendelijkheid hadden belangwekkende informatie verschaften, zeg ik u vaarwel.
Wie contact zou willen onderhouden kan terecht op kaak@wanadoo.fr.
Ontvangt mijn vriendelijke groeten,
Charles Destrée.
» Deze reactie is geplaatst op 7 april 2006 16:19
(redactie)
Totaal berichten: 2.001
Amen! Ik denk dat we dit onderwerp inderdaad - althans wat uw bijdragen betreft - nu maar moesten afsluiten heer Destree. Mijns inziens zijn uw pennenvruchten te wrang voor een gezonde oogst, en dat bevordert dus de smaakpapillen niet. Maar over smaak valt niet te twisten.

Uw Lutherse bijdrage nodigt niet uit tot inhoudelijke reflectie mijnerzijds. De bijdrage is zo doorspekt van gechargeerde elementen, prejudici en stigma's dat geen mens daar nog tussen kan komen - al zou hij of zij daartoe de argumentatie bezitten. Duidelijk is dat u geen Koninginnedag met ons viert eind van deze maand, en ik kan me ook niet voorstellen dat u in het graafschap Orange in Frankrijk vertoeft. Uw Franse domicile - die ik meen te herkennen aan uw e-mail adres - verwondert daarom niet - hoewel Orange daar natuurlijk nog steeds deel van uitmaakt.

Uw monoscript zullen wij in ieder geval als banier van republikeinse proza op onze site laten staan. Censuur passen wij alleen toe indien grenzen van fatsoen of belediging worden overschreden. Rest mij u veel sterkte en succes te wensen uw opmerkelijke perceptie van zaken te venten onder gewillige oren en ogen.
» Deze reactie is geplaatst op 7 april 2006 16:31
» Dit onderwerp is gesloten
2554