Verhoor van den luitenant-kolonel S.H. Smits

Verhoor van den Luitenant-Kolonel S.H. Smits,
Commandant 19 R.I. Huisadres: de la Reijstraat 13, Arnhem.
------------------

De Luitenant-Kolonel Smits verklaart:
13 Mei 12.00 uur was mijn commandopost Vt.166-444, tusschen Veenendaalsche- en Cuneraweg bij Dikkenberg nog bezet.
Ongeveer 12.00-12.30 uur kreeg ik het bericht van den luitenant-adjudant III-19 R.I., 2e Luitenant Karsen, dat het bataljon het niet meer kon houden. Dit was het laatste telefonische bericht van III-19 R.I. Daardoor kwam mijn commandopost in de lucht te hangen, waarna pl.m. 13.00 uur het besluit door mij genomen werd de commandopost te verplaatsen in de richting Veenendaal.
Ik heb den kapitein-adjudant opgedragen hiervan mededeeling te doen aan I en III-19 R.I. Omstreeks 13.30 uur heb ik met mijn kapitein-adjudant en een gedeelte van het personeel van den regimentsstaf de commandopost verlaten en langs den grintweg begeven (Veenendaalscheweg) naar de kunstweg Veenendaal-Elst.
Toen ik daar aankwam (kruispunt), die plaats ongeschikt bevonden voor plaats van een commandopost en heb mij daarna verplaatst naar Elst toe. Ter hoogte kruispunt Franscheweg heb ik mij met mijn staf opgesteld langs den kunstweg front Oost (Ik zond den kapitein-adjudant Brandt uit naar Commandant IVe Divisie, om dezen mijn nieuwe commandopost te melden. De kapitein Brandt vond Chef Staf IVe Divisie bij Rustoord), alwaar ik toen van Commandant IVe Divisie opdracht kreeg een opnamestelling in te nemen met den regimentsstaf en terugvloeiende troepen.
In den loop van den middag aan den luitenant-toegevoegd (reserve-luitenant Roosen) opdracht verstrekt om in de richting Veenendaal contact op te zoeken met I-19 R.I. Den uitslag van dit onderzoek herinner ik mij niet, maar contact is niet tot stand gekomen, ook niet van de zijde van de bataljons. Ik trof daar aan den Majoor Weber, die zich bij mij meldde, doch mij niet mededeelde het commando over III-19 R.I. aan Kapitein van der Meulen te hebben overgegeven.

Gelezen, volhard en geteekend,
Rhenen, 22 Juni 1940.
w.g. S.H. Smits.


Verklaring van den Kapitein Brandt.

Ik verklaar mij accoord met hetgeen de Luitenant-Kolonel Smits heeft verklaard.
Ten aanzien van de verklaring van den sergeant Kemming, Commandant Regimentspatrouille: heeft van mij opdracht ontvangen: Ga naar Commandant I-19 R.I. met het bericht: Regimentscommandopost 19 R.I. verplaatst zich langs den grintweg richting Veenendaal. Ik herinner mij hem het bericht te hebben laten herhalen.
De 1e Luitenant-toegevoegd van Kammen, Ch., herinnert zich uit dit bericht het woord "Regimentscommandopost".

Gelezen, volhard en geteekend,
Rhenen, 22 Juni 1940.
w.g. J. Brandt.


Verklaring van den 1e Luitenant van Kammen.

Ik heb gehoord, dat de Kapitein Brandt op 13 Mei heeft gezegd tegen den sergeant Kemming, dat de Regimentscommandopost werd verplaatst en dat hij dit bericht moest overbrengen aan Commandant I-19 R.I.

Gelezen, volhard en geteekend,
w.g. Ch. van Kammen.

Download brondocument in PDF-formaat Brondocument
(PDF, 1.43 MB)