Verklaring van tamboer-ordonnans W.P. Smit
A F S C H R I F T .
Ik was ordonnans bij de Compagnie van Luitenant VAN DER LEEUW.
Dicht bij den commandopost kwam op een der oorlogsdagen een zware mitrailleur in stelling van 11 R.I. Deze moest vuren op een boschrand, die 800 Meter over de spoorlijn in de richting Wageningen lag. Aanvankelijk werd deze mitrailleur bediend door een militair van 11 R.I. Plotseling kwam er een vliegtuig boven de opstelling, die een lichtkogel liet vallen. Als gevolg daarvan werd de opstelling onder artillerievuur genomen, waardoor de schutter werd gewond. OOSTERWECHEL heeft toen de mitrailleur opnieuw opgesteld. Hij kon echter niet vuren omdat het uitzicht belemmerd werd door een stapel stellingschotten. Hij heeft daarom onder vuur deze schotten weggenomen en daarna het vuur geopend. Voordien stond OOSTERWECHEL gedekt in een boschje naast den mitrailleur om het vuur waar te nemen. Hij stond dus niet in den loopgraaf. OOSTERWECHEL is niet getroffen; ook de schotten hadden geen treffers. De Luitenant SUILEN heeft het bovenstaande optreden van OOSTERWECHEL niet gezien; wel de Luitenant VAN DER LEEUW.
Toen ik Maandag 13 Mei na in den commandopost gerust te hebben weer in de stelling kwam was deze verlaten. Ik heb mijn fiets uit de boerderij gehaald en ben over een zandweg voorbij de Koerheuvel naar Rhenen gefietst. Ik kwam terecht achter de gasfabriek. Later fietste ik de Luitenant VAN DER LEEUW achterop. Hij zeide: "gelukkig, toch een man van mijn compagnie." Hij was geheel alleen.
De Luitenant SUILEN heeft zich buitengewoon goed gedragen. Op een gegeven moment kwam Overste SMIT in onze stelling. Ik was toen toevallig bij Luitenant SUILEN. De overste vroeg om een patrouille uit te zenden in het voorterrein. Dit zou dan hebben moeten gebeuren onder hevig vijandelijk vuur. De Luitenant SUILEN weigerde daarom. Hij vroeg echter een vrijwilliger om het voorterrein te verkennen. VENEBOER heeft zich hiervoor aangeboden en is het voorterrein in geweest. De overste SMIT heeft dit gezien. VENEBOER heeft alvorens hij op weg ging tezamen met Luitenant SUILEN gebeden. Overste SMIT, die het resultaat van de verkenning niet heeft afgewacht heb ik uit de stelling gebracht. Wie hem binnenbracht is mij niet bekend. Ik bracht hem weg tot aan den commandopost van den Luitenant VAN DER LEEUW. Daar heeft de overste de stelling verlaten. De overste was erg zenuwachtig, hij liep met getrokken revolver. Op een gegeven moment, toen wij onder artillerievuur kwamen en we ons tengevolge daarvan dekten, ging het schot af, rakelings langs mij heen. Ik heb toen den overste op een minder tactische manier te kennen gegeven, dat hij maar voorop moest loopen. Ik zeide namelijk: "Neemt U mij niet kwalijk Overste, ik ben niet van plan om mij door mijn donder te laten schieten". Daarna ben ik achter de Overste gaan loopen.
LOHRMAN, ik en iemand uit Enschede hebben de munitie van den linkervleugel naar den rechtervleugel gebracht. We gingen door de loopgraaf, die op sommige plaatsen zeer ondiep was (35 cm).
Ik heb Luitenant Suilen op de borstwering zien staan om de richting van het vuur aan te geven. Ik waarschuwde hem dat dit gevaarlijk was. Hij zeide echter "mij pakken ze niet". Hij kon door zijn kijker de doelen waarnemen. Hij had zijn menschen prachtig in de hand.
's Gravenhage, 17 Februari 1947
w.g. W.P. Smit.
Opgen.: M
Typ.: B.
|
