Verklaring van dienstplichtig ordonnans E. Bent

Verklaring van den dpl.ordonnans E. Bent van 1-I-8 R.A., afgelegd in
de vergadering der Commissie Militaire Onderscheidingen d.d. 6 Maart 1947.
---------------------

  Ik was tevens oppasser van den Kapitein Bakker.

  Ik ben herhaaldelijk voor berichten door den Batterij-Commandant weggestuurd en was daarbij geregeld onder vuur. Ik heb het bericht van den Luitenant dat hij drie witte ballen had gezien ter hoogte van de Wilhelminahoeve, overgebracht van den waarnemingspost naar de Batterij-Commandant Bakker.

  De Wachtmeester Donné is bovenin den waarnemingspost gewond geraakt.

  Des nachts werd van stelling veranderd. Terwijl de batterij op het viaduct wachtte, zijn de Kapitein, de Wachtmeester Van den Broek en ik de normaal-stelling gaan verkennen bij de Achterbergschestraatweg. De Veenendaalscheweg lag toen geregeld onder storend artillerievuur. De projectielen vlogen ons om de ooren. Er lagen ook bomen dwars over den weg, zoodat de weg naar de opstelling voor de paarden versperd was. De Kapitein besloot om de reserve-stelling te gaan betrekken bij het huis van den Heer van Heyst. Toen wij daar aankwamen, kwam de Kapitein tot de conclusie, dat hij zijn kaartentasch kwijtgeraakt was op den Nieuwe Veenendaalscheweg. Ik heb 's avonds de tasch van den Kapitein Bakker gehaald. De kapitein was toen nog niet zenuwachtig.

  Ik meen, dat de Kapitein ook getracht heeft verbinding te krijgen met den Overste de Kruyff. Nadat de Majoor van der Wiel was gekomen met den Luitenant Hefner zijn we vertrokken. Ik vond het vreemd en zei tegen den Kapitein: "Bent U nu geen commandant meer?" Er stond een klein Fiatautootje in de buurt bij een boerderijtje. De munitieopslag was daar. Ik heb dat autootje gebruikt om de munitie naar de batterij te brengen. Ik kreeg opdracht van den kapitein Bakker om officierskisten weg te brengen naar Elst en daar te wachten. In Elst stond een soldaat op wacht, die had de sleutel van een aldaar geparkeerde vrachtauto. Ik zei: "Geef hier die sleutel". Met die vrachtauto ben ik teruggegaan naar de batterij. Daar heb ik goederen opgeladen, uitrustingsstukken, haverzakken enz, en soldaten, die ik gebracht heb naar het Amerongsche Bosch, waar de batterij weer bijeenkwam. De Kapitein zei: "Gooi er maar alles in". Ook is er nog een wagen vol munitie weggegaan.

's-Gravenhage, 6 Maart 1947.
E. Bent.

447